Programma van het Vlaams Belang

Bij de omvorming van het Vlaams Blok tot Vlaams Belang kwam er een nieuw partijprogramma in plaats van de brochure “Grondbeginselen. Manifest van het rechtse Vlaams-nationalisme”. De nieuwe grondbeginselen zijn vrij beperkt en vaag genoeg om wat ruimte voor interpretatie over te laten. In essentie blijft het programma van het VB echter ongewijzigd.

1. Solidarisme

“Solidarisme is voor het Vlaams Blok de waarachtige beleving van de natuurlijke volksverbondenheid” stond te lezen in de Grondbeginselen van het VB. Eerder werd al uitgelegd dat solidarisme erop neerkomt dat uitgegaan wordt van de idee dat er geen onderscheid is tussen arbeider en kapitalist, maar enkel tussen volkeren. Dit leidt tot een sterk anti-vakbondsstandpunt: “Als solidaristische partij wijst het Vlaams Blok de ongecontroleerde partijsyndicaten af”. In oktober 1983 schrijft het partijblad van het Blok een artikel onder de titel: “Crisis? Staken schaadt, werken baat”. Karel Dillen in dat artikel: “Stakingen leiden alleen tot een verdere verergering en verslechtering van de algemene toestand. (…) Het Vlaams Blok heeft steeds beklemtoond: Staken schaadt, werken baat. Vandaag zegt het Vlaams Blok: staken is een misdaad.”

Het alternatief voor het VB is duidelijk: onderdanig werken en luisteren naar het patronaat. In het partijblad ‘De Vlaamse Nationalist’ schreef Edwin Truyens in 1981 dat de Belgische arbeiders zich moeten spiegelen aan de Japanse collega’s: “De Japanse werknemer toont een grote inzet voor zijn bedrijf, presteert 40 uren per week, vindt bandwerk niet geestdodend, is bereid onbezoldigd meerprestaties te leveren en moet bijna gedwongen worden zijn wettelijke vakantie te nemen.”

In 1983 schrijft het VB dat het een stakingsverbod eist in economische sleutelsectoren en het openbaar vervoer. Naar aanleiding van de strijd tegen de sluiting van Forges de Clabecq midden jaren ’90 eist senator Wim Verreycken dat zou opgetreden worden tegen de vakbondsleider Roberto D’Orazio. “Werd tegen de betrokkene vervolging ingespannen? Zullen de deelnemers aan de vernieltocht worden vervolgd wegens het vormen van een privé-militie?” vroeg Verreycken in het parlement.

De afgelopen jaren is er enige discussie ontstaan over het economisch programma van het VB. Meer bepaald werd in de aanloop naar het economisch congres van 2005 een uitermate liberaal economisch programma opgemaakt. Het VB ging pleiten voor lastenverlagingen voor het patronaat, aanvallen op de sociale zekerheid, beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd,… Was het VB nu plots een liberale partij geworden? Ondanks het neoliberale programma moeten we vaststellen dat dit vooral een onderdeel is van een poging om bondgenoten te vinden bij de burgerij en zeker ook bij kleine ondernemers.

Het VB kan niet zomaar haar economisch programma naar buiten brengen, maar moet voorzichtig zijn. Het balanceert tussen oproepen naar de arbeiders dat het de enige arbeiderspartij is en oproepen naar het patronaat dat het de beste verdediger van de patronale belangen is. Intern is er binnen het VB heel wat onduidelijkheid over het economisch programma, ook al blijft de partijleiding vasthouden aan de oude solidaristische posities.

Anderen in het VB zijn echter meer aanhangers van een liberale visie en in de zoektocht naar steun bij het patronaat neemt het VB dat geregeld over in congresresoluties (uiteraard niet in de pamfletten die massaal worden verspreid). Een steeds terugkerend element is natuurlijk wel de afkeer tegenover de vakbonden. De gefaalde ondernemer Freddy Van Gaever stelde zelfs dat er nood is aan een eigen VB-vakbond. Hij had het echter niet over een vakbond, maar over patronale volgelingen.

Het VB keert zich tegen de arbeiders, zo sprak de partij zich uit tegen de beweging tegen het Generatiepact. Eerder verklaarde VB-voorzitter Vanhecke dat langer werken nu eenmaal nodig zal zijn. Ook stelde de partij dat het Generatiepact niet ver genoeg ging, volgens het VB kunnen er teveel mensen nog op brugpensioen gaan. Als er dan toch gestaakt werd tegen het Generatiepact in oktober 2005, vroeg de Gentse gemeenteraadsfractie van het VB aan de burgemeester of de politie niet kon worden ingezet tegen de stakersposten…

2. Nationalisme

Vanuit het ‘volksverbonden solidarisme’ is de stap naar nationalisme niet moeilijk. De Grondbeginselen bepalen: “Het nationalisme steunt op de volksgemeenschap als natuurlijk gegroeid gegeven en behartigt de stoffelijke, zedelijke, culturele en geestelijke belangen van deze gemeenschap.” Vandaar eist het VB een onafhankelijk Vlaanderen (met daarbij ook “verloren gegane” gebieden als Komen, Moeskroen, Dhoppe, Edingen, de Jekervallei, Overmaas. Brussel is volgens het VB een deel van Vlaanderen waarbij het einddoel deze is: “Brussel Vlaamse stad, Nederlands naar wezen, taal, cultuur en uitzicht.” Uiteindelijk wou het Vlaams Blok komen tot een ‘Nederlandse federatie’ met Vlaanderen, Nederland en ook de “Vlamingen, levend in Zuid-Vlaanderen in het kader van de huidige Franse staat”.

Omwille van haar nationalisme nam Zuid-Afrika onder de apartheidspolitiek een belangrijke plaats in bij het VB. In de Grondbeginselen benadrukte het Vlaams Blok destijds haar solidariteit met “blank Zuid-Afrika”.

Over de omvang van “Vlaanderen” of “Dietsland” blijft het Vlaams Belang vandaag zo vaag mogelijk. Intern zijn er groepen die opkomen voor de “Heel-Nederlandse” gedachte met een eenheid van Vlaanderen en Nederland. Voorpost bijvoorbeeld noemt zichzelf een “Heel-Nederlandse” beweging en beschikt over afdelingen in Nederland. De partijleiding beperkt zich in haar publieke stellingen echter tot de positie dat Vlaanderen onafhankelijk moet worden. Over aansluiting zoeken bij Nederland wordt zedig gezwegen. Wellicht omdat de VB-leiding beseft dat dit niet bepaald een mobiliserend standpunt is.

3. Ethisch conservatisme

Een derde pijler van het programma van het VB is het ethisch conservatisme. In de oude Grondbeginselen van het Vlaams Blok werd dit als volgt omschreven: “In plaats van deze mens los te scheuren, af te snijden van zijn verleden, in plaats van het verleden te minachten als overbodig en verwerpelijk, erkennen wij dat de mens alleen met de traditie mens is en mens kan zijn. De mens wordt geboren, hij is geen fabrieksproduct. De traditie erkennen en aanvaarden betekent niet dat de levenden in het verleden leven, maar dat de doden in het nageslacht verder leven. In de traditie weerspiegelt zich het ware wezen van het volk”.

Hoe dat moet bereikt worden is ook duidelijk voor het VB: “een geordende gemeenschap (is) alleen mogelijk door een echt gezag”. Op die basis komt het VB ervoor op dat een einde wordt gemaakt aan bvb het “aanprijzen van allerlei perversies” (lees: homoseksualiteit).

De realiteit staat blijkbaar in schil contrast met de pogingen van de partij om zich als “gezinspartij” te profileren. De houding tegenover vrouwen is echter geen toeval in een partij met een wel erg lage dunk over vrouwen en de vrouwenbeweging. Eind jaren ’80 schreef Eric De Lobel nog over de vrouwenbeweging dat deze vooral bestaat uit vrouwen “die hun vrouwelijkheid blijkbaar beu zijn of er zich voor schamen” en bijgevolg “zo veel mogelijk de man gaan nabootsen.” (VB Kaderblad, januari – februari 1988). Jan Stalmans deed daar op een Vlaams Blok kadervorming in december 1989 nog een schepje bovenop. Volgens hem bestaat de vrouwenbeweging uit “steeds dezelfde lesbische trutten”. En wat het VB van ‘lesbische trutten’ en homoseksuelen denkt is ook al duidelijk: “Het is echter duidelijk dat homoseksualiteit alleen al door het feit dat ze niet geschikt is in de natuurlijke orde (m.n. het verschil tussen man en vrouw) de maatschappij geen baat bijbrengt.” (VB-brochure ‘Een keuze voor het leven’, p. 10). In 2007 klonk het VB-standpunt over homoseksualiteit niet veel anders. In een persbericht van de nauw aan het VB gelieerde beweging Beweging voor Christelijke Solidariteit” (geleid door VB’ers als Philippe Van der Sande en Tanguy Veys – beiden werden overigens ooit veroordeeld wegens geweld…) werd gesteld: “De katholieken hebben begrip voor de situatie waarin homosexuelen zich bevinden, maar niet voor homosexualiteit. Dit blijft tegennatuurlijk en abnormaal en moet dan ook bestreden worden.”

In het blad ‘Revolte’ van Voorpost (onder eindredactie van voormalig VB ondervoorzitter Roeland Raes) schreef in 1982 ene Sieghild Rossaert: “20 jaar geleden emancipeerde men de neger, 10 jaar geleden kwamen de jongeren aan de beurt. Te oordelen naar bepaalde voortekens (zie sommige artikels in tijdschriften en filmen in de aard van de “apenplaneet”) zal men over 10 jaar de chimpasees emanciperen. Intussen, na de negers en nog juist voor de apen, emancipeert men de vrouw.”

Ook op vlak van gezin komt VB op voor een “gezagssituatie” gericht op het “waarborgen van het voortbestaan van de eigen volksgemeenschap”. Bijgevolg is de partij tegen “de huidige losbandigheid en ontaarding en tegen alle verschijnselen van menselijk en maatschappelijk verval en het misbruik van communicatiemiddelen, waardoor dit verval gepropageerd wordt.” (citaten uit de VB Grondbeginselen)

Blijkbaar wil het VB terugvallen op de oude standpunten van de fascisten uit de jaren ’30 en ’40. In het tijdschrift ‘Hier Dinaso’ werd in 1937 bvb de lof gezongen van de vrouw als “het altijd weer kinderen zoogende huisdier, de strijkende, vegende, kokende, borstelende, verstellende en voor alles zorgende dienstbode van haar huistyran en haar kinderen”.

4. Racisme

Aanvankelijk was het partijprogramma van het VB inzake het “vreemdelingen-standpunt” erg beperkt. Midden jaren ’70 spraken groepen als de VMO zich al uit tegen de migranten en Roeland Raes liep hoog op met het boek “Contribution à une éthique raciste” van René Binet. Het is echter pas later dat grotere nadruk gelegd wordt op dit standpunt.

Met het beruchte 70-puntenprogramma schetst Filip Dewinter wat het VB wil bereiken. Hij vertrekt daarbij van de volgende vaststelling: “De aanwezigheid van de vele immigranten verandert onze leefwereld langzaam maar zeker. Het straatbeeld verandert, de kwaliteit van het onderwijs vermindert, de criminaliteit stijgt, de werkloosheid neemt toe.”

Enkele opvallende punten in het 70-puntenprogramma:

  • Punt 8: Nationaliteit als voorwaarde tot deelname aan sociale verkiezingen. Wie geen Belg is zou niet mogen stemmen of kandidaat zijn.
  • Punt 11: Verbod op buitenlandse politieke propaganda: een verbod voor buitenlandse politieke groeperingen om propaganda te voeren of activiteiten te ontplooien. Politieke vluchtelingen mogen in België niet aan politiek doen.
  • Punt 16: Oprichting van een apart onderwijsnet voor niet-Europese vreemdelingenkinderen
  • Punt 18: Tewerkstelling in de openbare diensten voorbehouden voor wie de Belgische nationaliteit heeft.
  • Punt 22: De ‘bloedafstamming’ terug invoeren, de nationaliteit wordt voorbehouden voor wie uit een Vlaamse of Waalse ouder wordt geboren.
  • Punt 34: Enkel nog Europese politieke vluchtelingen opvangen
  • Punt 45: Verhogen van het budget voor uitwijzingen van vluchtelingen en het inschakelen van C130 toestellen van de luchtmacht
  • Punt 64: Verplichte terugkeer na drie maanden werkloosheid
  • Punt 68: Onmiddellijke terugkeer van ongeveer 140.000 migranten

    Het is blijkbaar geen toeval dat het VB in de jaren ’80 zo enthousiast was over het apartheidsregime in Zuid-Afrika dat zwarten als tweederangsburgers beschouwde. Het VB zou inmiddels het 70-puntenprogramma naar de geschiedenis hebben verwezen, maar Dewinter haalt op vraag van journalisten nog erg snel het programma terug boven.

    Het formeel afstand nemen van het programma betekent overigens niet dat er geen plaats meer is voor racisme in het VB. VB-parlementslid Filip Deman haalt graag oude slogans terug boven en verklaarde in 2007 nog: “Waarom gastarbeiders als er meer dan een half miljoen werklozen zijn?” Hij voegde er overigens aan toe dat migranten van de tweede of derde generatie voor hem ook geen Vlamingen zijn. “Als een kat bevalt in een viswinkel, heeft zij dan visjes?”, vraagt Deman zich af in een discussie over de mogelijkheid van een dubbele nationaliteit. Vreemdelingen zorgen ervoor dat “het beschavingspeil” zienderogen zou zakken… En veel hoop op beterschap is er niet. Want je kan proberen katten te leren blaffen, maar het worden daarom geen honden.

    VB-personeelslid Paul Beliën stelde naar aanleiding van een geval van zinloos geweld in Brussel (de moord op Joe Van Holsbeeck) dat het nodig was om de Vlaamse bevolking te bewapenen. Onder de titel “Geef ons wapens” schreef hij over migranten: “De roofdieren hebben tanden en klauwen. De roofdieren hebben messen. Van kleinsaf hebben ze tijdens het jaarlijkse offerfeest geleerd hoe ze warmbloedige kuddedieren moeten kelen. Wij worden misselijk wanneer we bloed zien, maar zij niet. Zij zijn getraind, zij zijn gewapend. (…) Wij zijn de kuddedieren, zij zijn de roofdieren. De kuddedieren hebben de roofdieren zelf in hun biotoop toegelaten.“

    Dit soort standpunten staat niet geïsoleerd in het VB, integendeel!

    >