Transfobie: waar komt het vandaan en hoe ertegen vechten?

In 2023 werkten enkele leden van Campagne ROSA en LSP aan een brochure over transfobie.

Inleiding

Jaren van strijd door LGBTQI+ personen hebben geleid tot een aanzienlijke toename van de zichtbaarheid en representatie van holebi’s en trans personen. Documentaires zoals “M/V/X” en “Bo van Spilbeeck”, evenals films zoals “Girl” van Lukas Dhont, doorbreken het taboe rond trans* onderwerpen. Bekende rolmodellen zoals Sam Bettens en Petra de Sutter hebben vele mensen geholpen bij hun transitie. De toenemende aandacht voor trans personen is op zich een positieve ontwikkelingen vertaalt zich ook in een groeiend aantal mensen dat hulp zoekt. Tegelijkertijd wordt het doorbreken van het taboe in het huidige systeem – dat gebaseerd is op ongelijkheid en vooroordelen – , ook aangegrepen door conservatieve en rechtse groepen om transfobe ideeën te promoten. Denk maar aan het idee dat transgender zijn een “hype” is, alsof het slechts een modetrend betreft.

Dankzij de inzet van LGBTQI+ personen, hebben we in België een progressieve wetgeving. Toch lijkt geweld tegen LGBTQI+ personen in de samenleving niet af te nemen. Een recente studie toonde aan dat één op drie LGBTI-personen in de voorbije twee jaar slachtoffer is geworden van fysiek geweld. In deze brochure willen we nadenken over de oorsprong van dit geweld en welke strijd nodig is om effectieve verandering teweeg te brengen.

De wereld wordt vandaag de dag geconfronteerd met een opeenstapeling van crises: de klimaatcrisis, de energiecrisis, inflatie, oorlog, enzovoort. In deze context zien we een reactionaire tendens opkomen die verworven rechten, zoals vrouwenrechten, ter discussie stelt. De Verenigde Staten zijn een voorbeeld waar onze rechten onder druk komen te staan. Er is een specifieke aanval op transgender atleten en op transzorg bij minderjarigen. In 2023 zijn er een recordaantal wetten aangenomen die het aanbieden van transgenderzorg aan minderjarigen verbieden, waarbij in twee staten zelfs de leeftijd van meerderjarigheid op 26 jaar is gesteld. Ook in Vlaanderen proberen een aantal mensen het debat rond transgenderzorg op gang te brengen, waarbij ze transzorg voor minderjarigen als onverantwoord proberen voor te stellen. Men probeert “genderideologie” als het grote probleem te framen en zo de aandacht af te leiden van de werkelijke problemen in de samenleving.

Conservatieven stellen zich op als de verdedigers van het traditionele gezin en genderrollen, en het bestaan van trans personen op zich wordt al als een aanval gezien op die (binaire) rigide genderrollen (die verondersteld worden biologisch bepaald te zijn). In werkelijkheid verdedigen die partijen een kapitalistische maatschappij gebaseerd op ongelijkheid en waarvan het nucleaire gezin een intrinsiek deel uitmaakt. Deze traditionele genderrollen dragen ook bij aan het feit dat voornamelijk vrouwen onbetaald zorgwerk doen. In een maatschappij vol crisis en onzekerheid, kan transfobe retoriek bij sommigen op bijval rekenen. Vandaar het belang om met de PRIDE tegen deze verdeeldheid in te gaan en de ware problemen bloot te leggen.

Door te begrijpen waar transfobie vandaan komt en hoe dit door de geschiedenis heen is geëvolueerd, kunnen we beter begrijpen waarom transfobie vandaag de dag nog steeds aanwezig is en waarom de strijd tegen transfobie ook een strijd tegen het kapitalistisch systeem moet zijn. LGBTQI+ fobie, racisme en seksisme zijn allemaal manieren om ons te verdelen en houden een ongelijke samenleving in stand. Met Campagne ROSA komen we op voor een samenleving zonder discriminatie en haat, daarom strijden we voor een socialistische samenleving.

Enkele basisbegrippen

In dit hoofdstuk spreken we over transgender personen. Hieronder verstaan we alle personen die het gevoel hebben dat hun genderidentiteit (“Wie ben ik?”) niet of onvoldoende overeenkomt met hun geslacht toegekend bij de geboorte. Onder de transgenderparaplu vallen ook mensen die zich als non-binair, agender, bigender of genderfluïde identificeren. In deze tekst refereren we naar deze brede groep door de term trans* te gebruiken.

De term ‘genderidentiteit’ verwijst naar het innerlijke gevoel zich man, vrouw, (afwisselend) beiden, of geen van beiden te voelen. Het is iemands innerlijke en individuele ervaring van gender, wat wel of niet kan overeenstemmen met het toegewezen geslacht bij de geboorte (transgenderinfo.be).

Sommige transgender personen ervaren genderdysforie: een negatief gevoel of onbehagen veroorzaakt door de incongruentie tussen genderidentiteit en geslacht.

Niet alle trans* personen ondergaan een sociale en/of medische transitie. Bij een medische transitie worden stappen gezet om het lichaam meer conform de genderidentiteit te maken (bv. via hormoonbehandeling en/of operaties). Bij een sociale transitie worden stappen gezet om door de sociale omgeving erkend te worden in de ervaren genderidentiteit (bv. Coming-out, naamswijziging, andere kledij).

Wat is gender?

Filosoof en Youtubester Contrapoints over Gender en taal[1]: “De natuur is op het vlak van geslacht, gender en geaardheid veel minder binair dan mensen denken, maar net een spectrum. Hoewel het biologisch geslacht volgens veel mensen duidelijk “binair” is (man versus vrouw), is dit niet in realiteit. Zo’n 1,7% tot 3% van de mensen wordt naar schatting geboren met een intersekse variatie. Deze personen zijn geboren met fysieke geslachtskenmerken die niet volledig passen binnen de normen gesteld door de medische wereld en/of de gangbare socioculturele opvatting van de omgeving waarbinnen het kind wordt geboren.

Maar onze taal is niet aangepast om op een spectrummanier te denken. Een voorbeeld: iemand van 10 jaar noemen we een jongen, een 30-jarige een man. Ergens daartussen wordt de jongen een man, maar er is geen duidelijke dag waarop deze verandering plaatsvindt. Net zoals in de evolutie als je miljoenen jaren terugkeert een konijn van een ander dier zal afstammen, is dit exacte moment niet vast te pinnen.

Zelfstandige naamwoorden hebben vaak een binaire functie in onze grammatica. We hebben geen woorden om iemand te beschrijven die slechts een klein beetje man, redelijk man, of bijna-maar-nog-niet-helemaal een man is. Dit zijn regels van de taal, maar die corresponderen niet met natuurlijke wetten. Zo zijn er in onze Nederlandse taal slechts twee termen algemeen bekend om onze genderidentiteit te beschrijven: man of vrouw.”

Essentialistische visie: “Ik ben een man in een vrouwenlichaam.”

Volgens een essentialistische visie is gender iets natuurlijk en gegeven, bepaald door je biologie en los van de context of omstandigheden. Bijvoorbeeld het idee dat gender zich ergens diep in jou bevindt, bv. in je hersenen, een “mannenbrein” en “vrouwenbrein”.

Toegepast op trans* zijn wordt deze visie vaak verwoord als het idee dat er ergens vroeg in het leven iets fout is gegaan waardoor er een mismatch is tussen iemands gender (‘brein’) en biologisch geslacht (‘lichaam’). Hieruit volgt dan dat aangezien het géén keuze is, de behandeling ook een recht zou moeten zijn en terugbetaald worden.

Problemen met essentialistische visie

Er zijn echter een aantal problemen met deze essentialistische visie. Voor iedereen, trans* of niet, is onze genderidentiteit en -expressie sociaal geconstrueerd in relatie tot onze materiële omstandigheden en daarom ook enigszins fluïde. Er is een zekere mate van fluïditeit omdat onze identiteit gevormd wordt binnen een bepaalde materiële en historische context, waarin de kapitalistische productiewijze en de bijhorende klassenverhoudingen een rol spelen.

De kapitalistische productiewijze steunt op een binaire genderindeling en het kerngezin, en beperkt daarmee de mogelijkheden van genderrollen en –identiteiten die we kunnen ervaren. Hierdoor is iedereen op zekere wijze vervreemd van zichzelf.

Het probleem met essentialistische visies is dat ze dominante ideeën in een bepaalde periode zien als “altijd zo geweest” en negeren dat dit beïnvloed wordt door de materiële condities (door de manier van produceren en de manier waarop arbeid zélf gereproduceerd wordt). Als dit verandert, dan zullen ideeën in de samenleving over gender ook veranderen. Dit illustreert Feinberg in zijn historisch materialistische studie van gender doorheen de geschiedenis en in verschillende culturen. Zie het volgende stuk in deze brochure.

Zoals Contrapoints schrijft: de concepten mannelijkheid en vrouwelijkheid zijn sociaal geconstrueerd en de invulling hangt af van de historische en culturele context. Antropologen, sociologen en geschiedkundigen zullen beamen dat er net zoveel mannelijkheden en vrouwelijkheden zijn als dat er verschillende culturen bestaan. Maar wat betekent het dan écht om man of vrouw te zijn? En wat is gender dan écht? Dat zijn vragen waarop geen finaal antwoord mogelijk is. Elke definitie van gender moet afhankelijk zijn van de context.

Zo kun je in de strijd voor abortusrechten vertrekken van een eerder biologische kijk: iedereen met een baarmoeder zou het recht op abortus moeten hebben (vrouwen, non-binaire personen, sommige trans mannen, …. Maar als je spreekt over hoe vrouwen behandeld worden in de publieke ruimte (bv. openbare wc’s), dan gaat het net over hoe mensen zichzelf uiten in deze publieke ruimte (e.g. een transgender vrouw valt hier onder de groep “vrouwen”).

Rechten op papier vertalen zich niet automatisch in vrijheid op straat

Vandaag heeft België een zeer progressieve wetgeving omtrent trans* personen vergeleken met veel andere landen, maar toch is het leven voor heel wat trans* personen ook hier verre van rooskleurig. Ongeveer 16% van de transgender personen ziet zich genoodzaakt te verhuizen omwille van negatieve reacties in hun omgeving. Ongeveer 40% van de trans* personen in Vlaanderen heeft ooit een zelfdodingspoging ondernomen. Factoren die hier een grote rol in spelen zijn het ervaren van transfoob geweld, de reactie van de omgeving na de coming-out en het al dan niet zoeken van psychische hulp (Van Damme, 2016).

Transfoob geweld kan veel verschillende vormen aannemen: verbaal en psychisch geweld, materieel geweld (bv. in een auto kerven), fysiek geweld en seksueel geweld. Een bevraging bij Belgische transgender personen vond dat 80% van de participanten geweld omwille van hun transgender status had meegemaakt.

Negatieve commentaren (44%) en verbaal geweld (27%) komen het vaakst voor, 7% had ook fysiek geweld meegemaakt. De trigger voor het geweld was vaak het ontdekken van de transgender achtergrond of identiteit, en/of het uiterlijk. Uit onderzoek blijkt dat geweld vooral gericht is op personen bij wie de genderexpressie niet in lijn ligt met de maatschappelijke verwachtingen. Daarnaast blijft het voor een grote groep transgender personen niet bij eenmalige feiten.[2]

Dit geweld heeft een enorme impact op het welzijn van trans* personen. Extern geweld hangt direct samen met een verhoogde kans op een zelfdodingspoging na het incident. Geweld dat samenhangt met iemands identiteit heeft een grotere impact dan geweld dat daar niet aan gerelateerd is. Geweld leidt ook tot gevoelens van onveiligheid en het vermijden van bepaalde plaatsen, wat sociale isolatie en depressieve gevoelens kan versterken. Geweld, en andere vormen van minderheidsstress zoals discriminatie en uitsluiting, kunnen ook geïnternaliseerd worden. Hierdoor nemen mensen transfobe ideeën als waar aan en zien ze zichzelf bijvoorbeeld als minderwaardig.

Volgens het minderheidsstressmodel kunnen externe factoren in de samenleving, zoals discriminatie en uitsluiting, leiden tot interne stressfactoren, zoals geïnternaliseerde transfobie, het verbergen van je identiteit/expressie en negatieve verwachtingen. Onderzoek toont aan dat deze factoren het mentale welzijn verder ondermijnen. Wanneer het mentale welzijn onder druk staat, missen transgender personen kansen op zelfontplooiing en ontwikkeling, bijvoorbeeld door schooluitval en problemen op het werk. Het is cruciaal om deze negatieve spiraal te doorbreken en te streven naar een samenleving waarin transgender personen zich veilig, geaccepteerd en gewaardeerd voelen, zonder angst voor geweld en discriminatie.

Wist je dat…

ledere volwassene die dat wil in België sinds 2018 naar de gemeente kan stappen om gratis de eigen naam en geslacht op de identiteitskaart te laten wijzigen, zonder dat er hier voorwaarden aan gekoppeld zijn? Voor deze wetswijziging was men in België nog verplicht om sterilisatie te ondergaan. Dit is exact 100 jaar nadat dezelfde progressieve wetgeving goedgekeurd werd in Sovjet Rusland na de Russische Revolutie in 1917. Spijtig genoeg zijn de meeste verworvenheden voor LGBTQI+ personen later terug afgeschaft onder het stalinisme.

Transgender op de werkvloer

De keuze om zichzelf te zijn, impliceert vandaag voor veel trans* personen een ‘keuze’ om in armoede te belanden of meer risico daarop te lopen. Zo blijkt uit een recente studie van Stepstone dat 4 op de 10 Belgische trans* werknemers hun job hebben (moeten) verlaten doordat de omgeving onvriendelijk of zelfs vijandig was. Een stijgend aantal trans* personen (65%) rapporteert ook discriminatie omwille van het trans” zijn. De belangrijkste gebieden waarop men gediscrimineerd wordt, zijn tijdens de rekrutering en het sollicitatiegesprek en bij ontslag of opzeg. Deze trans* onvriendelijke realiteit op de Belgisch arbeidsmarkt maakt het moeilijker voor trans* personen om een job te vinden en te behouden. Discriminatie kan onder andere gelinkt zijn met rigide ideeën over hoe mannen of vrouwen er zouden moeten uitzien en vooroordelen over trans* personen en het transitieproces (bv. dat men door operaties jaren uit zal zijn).

Zo zijn er werkgevers die vragen stellen over wanneer de transitie “afgerond” zal zijn of bewust interimcontracten aanbieden als ze weten dat men in de toekomst nog operaties wenst. Dezelfde mechanismen zorgen er ook voor dat trans* personen vaak moeilijker een woning kunnen huren of kopen op de krappe woningmarkt. Hoe minder woningen er beschikbaar zijn, hoe meer ruimte aan de verhuurder of verkoper om een selectie te maken en zich te laten leiden door vooroordelen. Zo is het vaak gemakkelijker voor een heterokoppel waarvan beiden een vast arbeidscontract kunnen voorleggen om een woning te vinden, dan voor een alleenstaande ouder of iemand die van een uitkering leeft.

Naast discriminatie op de huurdersmarkt en arbeidsmarkt, treffen de besparingen op publieke diensten trans* personen extra hard. Voorbeelden hiervan zijn besparingen op uitkeringen, besparingen in de gezondheidszorg en het tekort aan sociale woningen.

De tekorten in de gezondheidszorg en socio-culturele sector staan haaks op de noden. Steeds meer mensen vinden de weg naar de (gespecialiseerde) hulpverlening. In de jaren negentig waren er ‘amper’ 17 meldingen per jaar in het genderteam van het UZ Gent[3]. In 2010, 2011 en 2012 waren er gemiddeld 77 nieuwe aanmeldingen. Intussen staan er meer dan 1500 mensen op de wachtlijst van het genderteam van het UZ Gent. Het aantal middelen voor transgenderzorg en opleiding van zorgverleners is niet even sterk gestegen als het aantal nieuwe aanmeldingen. Dit leidt tot enorm lange wachttijden, momenteel anderhalf tot twee jaar voor een eerste afspraak, voor kinderen, jongeren en volwassenen.[4]

Voor wie, vaak na een lang individueel proces, eindelijk de stap zet naar hulpverlening, is deze wachttijd een onnodige extra psychologische beproeving. Kinderen en jongeren kunnen niet starten met medische stappen zonder voorafgaand traject in een genderteam. Het lange wachten zet bij jongeren, maar ook bij volwassen, een “on hold” op hun ontwikkeling als mens, zowel op sociaal, relationeel, emotioneel als seksueel vlak. Veel trans* personen bloeien (verder) open nadat ze een aantal stappen in hun sociale en/of medische transitie gezet hebben.


Geschiedenis van transfobie

In de strijd tegen transfobie is het cruciaal om te begrijpen waar deze ideeën vandaan komen. Dit helpt om te begrijpen wat er nodig is om een duurzame strijd te voeren voor een samenleving zonder vooroordelen en transfoob geweld. Een boeiend boek dat veel inzicht biedt, is “Transgender Warriors” van Leslie Feinberg. Het is echt een must-have voor elke activist!

Transfobie heeft niet altijd en overal bestaan

Het is belangrijk om te benadrukken dat transfobie niet altijd en overal heeft bestaan. Gedurende de geschiedenis en over de hele wereld zijn er voorbeelden van samenlevingen waarin gender niet op dezelfde rigide, binaire manier werd gezien.

Bepaalde begrippen die we vandaag gebruiken zoals transgender en genderdysforie, zijn moderne constructen. Dat betekent niet dat mensen vroeger niet op hetzelfde gender konden vallen of een vorm van dysforie konden ervaren, maar het zijn termen die we vandaag gebruiken om onze seksuele ervaring en identiteit te omschrijven die steeds veranderlijk zijn. Als we naar de geschiedenis kijken vanuit onze huidige bril, moeten we ervan bewust zijn dat mensen die we misschien onder het label “transgender” zouden kunnen plaatsen zich zelf nooit zo geïdentificeerd hebben op dat moment, en dat het een interpretatie van ons blijft.

In de geschiedenis

Feinberg zocht uit wat de oudste vormen van transgender expressie (e.g. wat we vandaag daaronder plaatsen) waren. Deze zoektocht resulteerde in verschillende historische referenties naar een soort transgender priesteressen die de ‘Great Mother’ vereerden. Referenties naar deze godin werden gevonden in het Midden-Oosten, Noord-Afrika, Europa en West-Azië. Het is onmogelijk om echt te begrijpen hoe deze godin duizenden jaren geleden gezien werd. De Romeinse historicus Plutarch beschrijft de ‘great mother’ als een interseksuele mens (p.40 diety) bij wie de geslachten nog niet gescheiden waren. De priesteressen die haar vereerden volgden een oud en heilig pad van rituelen, waaronder castratie.

Voorbeelden van transgender priesteressen zijn te vinden in referenties van teksten in de Mesopotamische, Assyrische, Akkadische en Babylonische culturen. Ook veel Zuid-Europese, Midden-Oosterse en in het Nabije Oosten aanbeden godinnen werden vereerd door “transgender” priesteressen, waaronder de Syrische Astarte en Atargatis, Artemis, Atargatis, Ashtoreth van Ishtar, Hecate, enzoverder.

Er is discussie onder academici over de betekenis van deze bevindingen. Is dit werkelijk een bevinding die begrepen moet worden binnen coöperatieve matrilineaire samenlevingen? Volgens sommigen wijst dit er net op dat er sprake was van patriarchale samenlevingen waarin mannen deze belangrijke rol van vrouwen wilden overnemen door zich voor te doen als vrouw (zich castreren en vrouwelijke kledij dragen). Dit argument vertrekt vanuit een zeer biologisch deterministische visie op gender, waarbij het onmogelijk zou zijn dat deze priesteressen zich vrouw voelden. Bovendien gaan ze er van uit dat voordien vrouwen over mannen heersten, terwijl er daar geen bewijs voor is. Er lijkt eerder sprake te zijn van gelijkwaardigheid.

Wereldwijd

In Zuid-Amerika zijn er bepaalde stammen van de ‘Native Americans’ die tot wel 30 verschillende genderidentiteiten erkennen. Door het Westen werden de personen die noch “typisch” man, noch “typisch” vrouw waren, benoemd als “twospirited” people. Deze term geeft reeds aan hoezeer we door het binaire denken getekend zijn. Binnen hun stammen werden deze personen geëerd en werden ze geraadpleegd bij belangrijke beslissingen. Tijdens de kolonisatie kwam de schrijnende tegenstelling met het destijds heersende Westerse denken duidelijk naar voren. Ontdekkingsreizigers en kolonisten spraken vol haat en afschuw over deze “mannen die vrouwelijke taken op zich namen” en “vrouwen die zich mannelijk uitdrukten”.

Niet alleen in Zuid-Amerika, overal ter wereld zijn er voorbeelden te vinden van samenlevingen met meer dan twee genderopties. In Afrika zijn er stammen waar biologisch geboren jongens een ritueel ondergaan met nagebootste menstruatie, nagebootste zwangerschap en als vrouw worden aangesproken en zich uitdrukken. Deze personen gaan nadien samen met een man samenleven. Ook elke traditionele Aziatische cultuur kent vormen van transgender identiteiten, zoals de basaja in Indonesië, de hijra in India en de mudang in Korea. De Koreaanse mudang was een sjamaan of tovenares waarbij het idee terug onderliggend was dat het combineren van kenmerken van beide geslachten en beide genders iemand konden verbinden met de spirituele wereld (zie Transgender Warriors, p. 44-45)/

Er zijn dus talloze voorbeelden van oude coöperatieve culturen waarin meer dan twee genders werden erkend en het recht om van gender te veranderen werd gerespecteerd. Deze culturen laten zien dat transgender expressie al eeuwenlang bestaat, hoewel we niet altijd precies kunnen achterhalen hoe deze individuen zichzelf zagen of definieerden. Niettemin is het belangrijk om te benadrukken dat gender en seksuele diversiteit wereldwijd voorkwamen en dat trans* personen op verschillende momenten in de geschiedenis eerder vereerd dan verguisd werden.

Een gemeenschappelijk kenmerk van al deze verschillende samenlevingen was dat mensen die genderexpressie buiten de binaire normen vertoonden niet als minderwaardig werden beschouwd of behandeld. Bovendien hadden deze samenlevingen iets gemeenschappelijks: de belangrijkste bezittingen, oftewel de productiemiddelen, werden collectief beheerd. Deze voorbeelden benadrukken het belang van gendergelijkheid en collectivisme als fundamenten voor inclusieve en respectvolle samenlevingen.

Vanwaar kwam de kentering?

De oorsprong van de onderdrukking van trans personen is dezelfde als de onderdrukking van vrouwen, namelijk de ontwikkeling van de klassensamenleving.

De kentering in de onderdrukking van trans personen en vrouwen vond plaats met de opkomst van de klassensamenleving. In de prehistorie leefde de mens voor honderdduizenden jaren in coöperatieve, matrilineaire groepen. Op een schaal van 1 jaar behoren meer dan 360 dagen van de menselijke geschiedenis tot het coöperatieve, oercommunistische leven. In de jagerverzamelaarssamenlevingen werden de belangrijkste bezittingen (productiemiddelen) collectief beheerd.

Er was geen sprake van verschillende klassen en vrouwen hadden evenveel te zeggen als mannen. In de meeste van deze samenlevingen werd verwantschap matrilineair bepaald. Dit betekent dat bloedbanden bepaald werden via de moeder. Het vaderschap was namelijk niet met zekerheid te bepalen. Dit betekent niet dat er voor de klassenmaatschappijen geen roldifferentiatie was op basis van biologische verschillen bepaald door geslacht (borstvoeding, zwangerschap‚…), maar deze verschillen waren minder strikt gelinkt met sociale status en macht.

Geleidelijk aan gingen mensen sedentair leven en meer en meer aan landbouw doen. Er werd voor het eerst overschot geproduceerd. Dankzij het overschot konden bepaalde personen vrijgesteld worden van hun rol in de productie (e.g. jagen, landbouw) en zich een deel van de rijkdom toe-eigenen. Daardoor ontstonden er geleidelijk klassen in de samenleving. De klassen die zelf geen rol opnamen in het productieproces (bv. priesters, klerken, koningen) wilden de vergaarde rijkdom ook doorgeven aan de eigen kinderen. Zo werd voor het eerst noodzakelijk om te weten wie de biologische vader van de kinderen was. Samen met het ontstaan van klassen, ontstaat ook het patriarchaal systeem. Om zeker te weten wie de eigen kinderen waren, werden vrouwen onderdrukt en werden monogame relaties de norm. Vrouwen werden zo gedegradeerd tot een minderwaardige positie in de samenleving. Deze dramatische verandering in de menselijke samenleving wordt beschreven door Friedrich Engels in het boek ‘De oorsprong van het gezin, van de particuliere eigendom en van de staat’. Het ontstaan van het patriarchaat en de onderdrukking van de vrouw wordt ook helder uitgelegd door evolutionair bioloog prof. Johan Mertens in het boek ‘Vrijen, vechten, vluchten’.

Als we de geschiedenis van de mens bestuderen, dan valt op dat de ontwikkeling van de klassensamenleving gepaard ging met de ontwikkeling van rigide gender rolpatronen, onderdrukking van de vrouw, het ontstaan van de nucleaire familie en ook de ontwikkeling van anti-transgender wetten (bv. verbod op dragen van crosssekse kledij). Gelijklopend met de ontwikkeling van seksisme worden ook transgender personen geviseerd en onderdrukt. De oorsprong van transgender onderdrukking verschijnt op de intersectie tussen het omvergooien van de matrilineaire samenleving en de opkomst van de patriarchale klassensamenleving.

De heteroseksuele nucleaire familie werd langzamerhand gedicteerd door de staat als het economisch vehikel om de rijkdom door te geven aan de zonen en binnen de elite te houden. Leslie Feinberg onderbouwt in het boek ‘Transgender Warriors’ deze stelling aan de hand van historisch en antropologisch onderzoek. Hij illustreert met enkele voorbeelden hoe transfobie door de heersende elite gebruikt werd als instrument om hun positie te vrijwaren. Hij toont ook aan hoe oorspronkelijk cross-gendergedrag vermoedelijk op een heel andere manier bekeken werd dan vandaag.

Enkele voorbeelden uit Transgender Warriors van Leslie Feinberg:

Het ontstaan van de eerste anti-transgender wetten

De eerste wetten waarin cross-gender gedrag duidelijk veroordeeld werd, verscheen in de Deuteronomium (de Hebreeuwse bijbel). In deze religieuze teksten staat onder andere een verbod op cross-dressing en vervrouwelijkende chirurgie, een verbod op het dragen van make-up als man en op het scheren van schaamhaar. Feinberg argumenteert dat de noodzaak om genderrollen wetmatig vast te leggen, aantoont dat het voordien geen ongewone praktijk was dat mannen een vrouwelijke kledingstijl hadden én omgekeerd. De bevinding dat op een bepaald moment heel zware straffen hiervoor werden geformuleerd, zou erop kunnen wijzen dat het voordien “common practice” was. Feinberg legt uit dat deze veroordeling van cross-gender gedrag niet begrepen moet worden als iets dat inherent [2] [3] zou zijn aan het Joodse geloof of aan andere godsdiensten. De religieuze geschriften reflecteren bepaalde ontwikkelingen in de samenleving, zoals de economische ontwikkeling die het Hebreeuws volk toen doormaakte, namelijk een verdieping van de patriarchale klassensamenleving. Klassenrelaties werden systematisch omgezet in wetten, waaronder religieuze wetten. (p.52)

De Oudheid: van verering van Dionysos naar verwerping

Ook in de Romeinse periode gaat de verdieping van de klassenmaatschappij gepaard met een grotere ongelijke status toegewezen aan de geslachten. De seksen konden niet meer gemengd worden zonder een bedreiging te vormen voor de mannen die de nieuwe rijkdom controleerden (e.g. een vrouw die zich zou verkleden als man). Niet alleen de status van de vrouw werd gedegradeerd, maar die van alles wat niet “mannelijk” was, zoals transgender personen en gender-bending.

Neem het voorbeeld van Dionysos, de Griekse god van de wijn(bouw), fruitteelt, groeikracht van de aarde, wetten, menselijke beschaving, geestdrift, poëzie, theater en muziek. Als god van de vrede brengt hij mensen tot elkaar. Hij had in verschillende opzichten een belangrijke invloed op het leven, denken en werken van de Grieken en Romeinen (daar gekend als Bacchus). Dionysos had zowel mannelijke als vrouwelijke uiterlijke kenmerken en werd daardoor gezien als een extra krachtige god. Ook in vele oudere religies werd deze god aanbeden en vereerd. De Romeinse heersende klasse voerde echter een campagne tegen de volgelingen van Dionysos. Deze god stond namelijk het voeren van oorlog in de weg door zijn vredevolle boodschap. Feesten ter ere van Dionysos (de bacchanalia) werden verboden door de Romeinse senaat in 186 B.C.E. Ondanks dit verbod bleven deze feesten op veel plaatsen toch nog clandestien doorgaan.

Dionysus was een god die vooral door de onderdrukte, lagere klasse aanbeden werd. Later werden de wetten nog strenger, zo stond geschreven: “that he who basely abandons his own sex cannot aspire to that of another without undergoing the supreme punishment [death of fire].” (Irving, metamorphosis, 193). Op het moment dat het Christendom als religie van de heersende klasse aan invloed won, werd Dionysos verder gedegradeerd. De status van Dionysos als man-vrouw, een “dubbelwezen” met dubbel zoveel kracht, werd geleidelijk omgevormd tot een “verwijfde” god, een genderexpressie die steeds meer maatschappelijk veracht werd.[5] Tegelijk groeide ook de minachting en vijandigheid ten opzichte van mannen die zich te vrouwelijk gedroegen.

West-Europa, Feodalisme: de onderwerping van de vrije boeren

Trans* personen waren een bedreiging voor de Kerk en de feodale staat. Hoe komt dat? De overgang in de Middeleeuwen van vrije boeren naar een feodaal systeem met landheren en lijfeigenen ging niet zonder slag of stoot. Reeds in de 8e eeuw was er heel wat verzet tegen de feodale landheren die land wilden privatiseren dat nog gemeenschappelijk beheerd werd.

Een voorbeeld hiervan zijn boerenrebellies. De Katholieke Kerk speelde als bondgenoot van de heersende klasse een cruciale rol bij de onderdrukking van dit verzet. De Kerk was één van de machtigste politieke systemen die ook heel wat land in zijn bezit had.

Om de vrije boeren te laten buigen, was het nodig om ook hun oude geloofsovertuigingen en “communalistische” banden te breken. Volgens Feinberg kan dat verklaren waarom rituele trans expressie en feesten waarbij cross-sekse gedrag gevierd werd, geviseerd werden door de autoriteiten. Later in de Middeleeuwen speelde de inquisitie een belangrijke rol in het verder demoniseren van transgender expressie door het te linken met hekserij en het te verbannen en te verbieden in alle boerenrituelen.[4] [5] De enkele transgender heiligen (sinten) die bestaan binnen het Christendom, zijn waarschijnlijk een overblijfsel van het vroegere vereren van transgender expressie. Voor een klein deeltje werden deze gebruiken in het nieuwe geloof ingebed, maar op een manier waarbij heel wat vormen van transgender expressie wel in de taboesfeer terecht kwamen.

Ook de executie van Jeanne D’Arc kan in dit licht bekeken worden. Jeanne D’Arc was een boerenmeisje dat beweerde goddelijke boodschappen te ontvangen en het Franse leger tijdens de Honderdjarige Oorlog hielp. Uiteindelijk werd ze gevangengenomen, beschuldigd van ketterij en op de brandstapel terechtgesteld. Jeanne D’Arc werd gesteund door het volk, maar ze was een doorn in het oog van de Katholieke kerk die aan de kant van de heersende klasse stond. Ze was de dochter van een vrije boer met zijn eigen boerderij. Zowel haar cross-gender gedrag als de boeren die haar steunden in de radicale regio vanwaar zij kwam[7], herinnerende de heersende klasse aan een rivaliserende religie die samenging met ander concurrerend economisch systeem van vrije boeren. Het gebruiken van Jeanne D’Arc als zondebok net als de radicale regio vanwaar ze kwam, was deel van een contrarevolutionaire terreur tegen de boeren als een geheel.

Feinberg concludeert dat vijandigheid ten opzichte van transgender personen, vrouwen en homoseksuele geaardheid overal wordt teruggevonden op momenten dat klassentegenstellingen in de samenleving toenamen (p. 53, Transgender Warriors). Waar de heersende klasse sterker werd, werden ook de wetten strenger en overtredingen zwaarder bestraft. Alle gewoontes en gebruiken die gelinkt waren aan vroeger pre-klasse matrilineaire geloof werden geleidelijk aan gebannen.

Programma voor de strijd van trans* personen

In België is er op wettelijke basis zogenaamde gelijkheid maar het is duidelijk dat een wet onvoldoende is om transfobie in de samenleving tegen te gaan. Wat is er nodig om tot gelijkwaardigheid te komen? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat wettelijke rechten omgezet kunnen worden in een échte vrijheid om te zijn wie je bent én dit zonder het te bekopen met geweld, agressie of armoede”?

Het is noodzakelijk om ons te organiseren en de strijd tegen transfobie te verbinden met die van andere mensen. Doorheen de geschiedenis hebben we gezien trans* personen vaak vooraan liepen in de strijd voor een andere samenleving. Ook vandaag is dit terug nodig!

Enkele actiepunten van campagne ROSA voor trans* personen:

  • Seksuele voorlichting op school die niét hetero normatief is en ingaat op vragen rond gender en geslacht. Ondersteuning van scholen in het begeleiden van transgender kinderen en jongeren. Hiervoor zijn er meer middelen nodig voor het onderwijs en de CLB’s.
  • Volledige terugbetaling van alle medische en paramedische behandelingen (e.g. hormoonbehandeling, permanente ontharing, operaties, logopedie) en ondersteunende middelen (e.g. protheses, pruiken).
  • Meer middelen voor de psychologische begeleiding van transgender personen, familie en partners. Terugbetaling van psychotherapie van zelfstandig psychologen. Dit helpt onmiddellijk iedereen die op een wachtlijst staat. Daarnaast extra aanwervingen en opleiding van zorgverleners om de lange wachttijden in het genderteam te verminderen.
  • Oprichting en ondersteuning van extra genderteams over heel België, minstens per provincie één plek waar men terecht kan voor multidisciplinaire psychologische en medische begeleiding. Momenteel hinkt Wallonië enorm achter op Vlaanderen.
  • Genderinclusieve WC’s en kleedkamers, afschaffen van aanduiden van geslacht waar mogelijk, brieven zonder mevrouw/meneer.
  • Bescherming van transgender personen op de werkvloer en op school.
  • Voorzien van genoeg en degelijke vluchthuizen specifiek voor LGTBQI+ personen, waar iedereen die zich thuis niet meer veilig voelt, opvang kan krijgen.
  • Bescherming, opvang en “het geven van papieren” aan transgender personen die hun land van herkomst zijn moeten ontvluchten.
  • Verbod op conversietherapie in België

Echte verandering voor transgender personen en omgeving kan enkel door sociale tekorten in de samenleving aan te pakken:

  • Meer middelen voor gezondheidszorg. Strijd voor universele toegankelijke gezondheidszorg!
  • Meer publieke investeringen in sociale huisvesting. Dit kan ervoor zorgen dat huurprijzen gedrukt worden en de toon zetten voor een huizenmarkt zonder discriminatie.
  • Hogere minimumlonen en uitkeringen voor iedereen, zodat iedereen de materiële basis heeft om een degelijk leven te hebben.

Deze veranderingen zorgen voor betere bescherming van transgender personen die gediscrimineerd worden op de arbeidsmarkt, bescherming tegen seksuele uitbuiting, én bescherming van personen die door hun omgeving uitgesloten worden. Kortom, een transitie mag géén reden zijn om in armoede te belanden!

Deze brede eisen kunnen mensen verenigen in de sociale strijd aangezien ze niet enkel ten goede komen aan transgender personen, maar aan alle onderdrukte lagen in de samenleving. Campagne ROSA wil iedereen écht de keuze geven om zichzelf te zijn en het dichotome denken rond gender breken, zodat veel verschillende wegen mogelijk zijn voor zowel genderbeleving als expressie.

Maar om echte vrijheid van genderbeleving en van seksuele oriëntatie te bekomen, is een breuk met het kapitalistisch systeem noodzakelijk! Zonder breuk blijft elke overwinning tijdelijk en kan deze steeds teruggedraaid worden, dit wordt pijnlijk duidelijk bijvoorbeeld in Rusland en de Verenigde Staten. Het kapitalistisch systeem zal ons blijven verdelen op basis van gender, huidskleur. Maar ons bewustzijn van deze mechanismen en samen de strijd aangaan voor een andere samenleving, is de enige manier om een solidaire en socialistische samenleving te bereiken.

Noten

[1] https://www.contrapoints.com/transcripts/archives/what-is-gender

[2]https://www.steunpuntgelijkekansen.be/wpcontent/uploads/Geweldervaringen_van_trans_personen_in_ Belgie _2015.pdf

[3] ‘Recordaantal geslachtsveranderingen’ De Standaard (07/01/2015) https://www.standaard.be/ent/dmf20150106 01461006

[4] Zestien maanden wachten voor eerste afspraak transgenderzorg: ‘Dat is verschrikkelijk lang’ De Standaard (11/01/2021)

[5] Delcourt, M., & Nicholson, J. (1961). Hermaphrodite: Myths and rites of the bisexual figure in classical antiquity.

Boeken:
  •  Feinberg, L. (1997). Transgender Warriors: Making History from Joan of Arc to Marsha P. Johnson and Beyond. Beacon Press

Dit vind je misschien ook leuk...