Inleiding

De volgende weken en maanden, in aanloop naar haar tweejaarlijks congres van eind november, zal de Linkse Socialistische Partij de voor de klassenstrijd relevante ontwikkelingen van de voorbije turbulente periode evalueren. We doen dit voor België, waar we het leeuwenaandeel van onze activiteiten ontplooien, maar ook internationaal, onder andere omdat de gebeurtenissen in ons land daar sterk door beïnvloed worden. We trachten de belangrijkste trendmatigheden te ontdekken. Gaan na, op basis van de onderliggende gegevens, of die zich de komende periode zullen doorzetten, versterken of integendeel verzwakken en mogelijk omkeren. Dat moet ons toestaan om conjuncturele nederlagen en overwinningen van onze klasse en onze partij, een juiste plaats te geven in de strijd voor een socialistische maatschappij en om ons niet te laten meeslepen in demoralisatie of euforie. Het herkennen van die trends, biedt ons een leidraad voor onze doelstellingen, tactieken, strategie en programma.

In augustus is het juist 5 jaar geleden dat de centrale banken voor het eerst moesten ingrijpen om de financiële sector overeind te houden.(1) Deze en latere interventies konden niet verhinderen dat de financiële crash oversloeg naar de rest van de economie, zowat alle geledingen in de maatschappij aantastte en de onderliggende systeemcrisis bloot legde. Ondanks korte opstoten van euforie over groene scheuten, financiële bazooka’s, de zoveelste topontmoeting en illusies in BRIC en andere letterwoorden, moeten overheden en centrale bankiers sindsdien steeds meer uitrukken om alsmaar hoger uitslaande branden te blussen.(2) “De assumptie dat dit een redelijk kortlopende crisis zou zijn, dat even een sterke hand nodig was en dat het dan wel verder zou gaan”, was volgens Geert Noels “verkeerd”(3) . De inschatting van het CWI en de LSP dat het hier over een langere neergaande fase ging, met daarin weliswaar periodes van zwakke heropleving, maar ook nieuwe diepe inzinkingen, wint terrein. De consensus is nu dat de crisis minstens 10 jaar zal aanslepen.

Dat belooft. Al in 2008 braken wereldwijd voedselrellen uit. Fors stijgende voedselprijzen hielpen in 2011 het ongenoegen over massale werkloosheid en armoede in het Midden-Oosten en Noord Afrika omslaan naar revoluties. Nu dreigt alweer een voedselschaarste door extreme droogte in de VS en slechte oogsten in Rusland, Kazachstan en de Oekraïne.(4) In die omstandigheden zijn nieuwe sociale explosies, revoluties en contrarevoluties, onvermijdelijk. Ook in de zogenaamde groeilanden, de BRICS, sluimert de sociale revolte. Het begin van economische vertraging vanaf eind 2011, leidde er tot massademonstraties o.a. in Rusland, algemene stakingen in Zuid-Afrika en India en heuse opstanden o.a. in Wukan in China. Hoewel de economie er aan een monetair en fiscaal infuus hangt, heeft de crisis de Amerikaanse droom stuk geslagen. Gezinnen worden meedogenloos uit hun woningen gezet, werknemers worden verplicht slechtere condities te aanvaarden voor minder loon, de werkloosheid blijft op recordhoogte en dat terwijl de aandeelhouders, de ‘banksters’, het establishment, door de beweging de 1% genoemd, maar eerder de 0,01%, alsmaar gulziger worden. Die tegenstelling heeft de maatschappij gepolariseerd. De beweging in Wisconsin in 2011 en daarna Occupy heeft klassenpolitiek opnieuw naar de VS gebracht.

Overheden in heel Europa moesten in de bres springen om de gokzieke financiële wereld overeind te houden. Toen LSP destijds waarschuwde dat de factuur bij de arbeiders en hun gezinnen zou belanden, werd dat weggewuifd. We zouden eraan verdienen! Sindsdien worden arbeidersgezinnen in heel Europa, publiek en privé, jong en oud, op een strikt dieet gezet. Vooral in de zogenaamde PIIGS worden lonen, uitkeringen en diensten aan een voor de bevolking steeds moeilijker te dragen ritme afgebroken.(5) Het heeft er geleid tot armoede, uitzichtloosheid en wanhoopsdaden, maar ook tot burgerlijke ongehoorzaamheid, massale betogingen, bedrijfsbezettingen, gedeeltelijke en algemene stakingen en zware confrontaties met de ordediensten. Nergens kan de burgerij zich nog beroepen op een sterke regering. Steeds meer landen balanceren op de rand van onbestuurbaarheid. België ging door haar twee langste regeringscrisissen ooit. In Griekenland kon het establishment slechts nipt vermijden dat het radicaal linkse Syriza de grootste parlementaire fractie zou worden, met een bonus van 50 zetels. De Italiaanse regering van technocraten en de Spaanse regering houden slechts stand bij gebrek aan alternatief. De Nederlandse burgerij heeft het steeds moeilijker om een regering bijeen te sprokkelen uit de traditionele partijen. Zelfs in de VS dreigde even een patstelling over de begroting.

Indien de burgerij zich tot nog toe door de talloze crisismomenten kon wurmen, zij het met zeer onconventionele politieke en economische maatregelen, is het doordat er voorlopig nog geen alternatief wordt geboden vanwege de arbeidersbeweging. Vakbonden herstellen nog van de moeilijke periode die volgde op de val van de Berlijnse muur. De leiders zijn doorgaans volledig ingekapseld in het overlegsysteem. Als ze al beroep doen op de kracht van de arbeidersbeweging, dan is het om hun onderhandelingspositie te versterken, niet om het systeem in gevaar te brengen. Nieuwe bewegingen, Indignados, Occupy en andere, hoofdzakelijk maar niet uitsluitend gebaseerd op jongeren, zijn een uitlaatklep geworden waar de oude bewegingen falen. Soms gaat dat gepaard met vijandigheid tegenover de arbeidersbeweging, zeker tegenover de vakbondstop en de “linkse politici”. Soms leidt dat tot een gehele verwerping van de arbeidersbeweging en alle linkse partijen. Maar dat is slechts een voorbijgaande fase die aan de hand van concrete strijd zal verdampen.

Door de omvorming van de sociaaldemocratie en in sommige gevallen de communistische partijen naar gezagsgetrouwe uitvoerders van de politiek van de burgerij, is de arbeidersbeweging tijdelijk politiek onthoofd. Slechts geleidelijk ontstaan nieuwe linkse partijen. Maar ook die weerspiegelen naar vorm en inhoud de forse terugval van het klassenbewustzijn sinds de late jaren tachtig. Het wantrouwen is groot, maar leidt nog niet tot actief engagement om erop toe te zien dat de leiders zich aan hun beloftes houden. Het zijn nog geen strijdpartijen waar arbeiders massaal bij aansluiten om actief hun belangen te verdedigen. De steun blijft vooral electoraal en wie lid wordt, doet dat meestal passief. Inhoudelijk zijn ze wollig, steeds op zoek naar wat de burgerij zo weinig mogelijk voor de borst stoot, met voor verschillende interpretaties vatbare formules en doorgaans illusies in machtsdeelname met burgerlijke partijen. Maar ook dat zal op basis van concrete strijd in vraag worden gesteld. Net zoals steeds meer strijdbare syndicalisten elkaar vinden in internetfora, basisgroepen en netwerken, zoals oude vakbondsleiders moeten wijken voor nieuwe, meer strijdbare, zo zullen ook de nieuwe formaties onder de hamerslagen van toenemend verzet tegen het crisisbeleid van de burgerij, voortdurend hersmeedt worden.

Hoe durven ze?

De illusie dat deze crisis enkel het resultaat is van uitwassen van een voor het overige behoorlijk functionerend systeem, is al lang doorprikt. Niet dat er geen uitwassen zijn. Deze zomer nog kwamen een twintigtal banken in opspraak omdat ze zich de voorbije 7 jaar verrijkt hebben door manipulatie van de tarieven op de interbankenmarkt.(6) UBS organiseerde jarenlang vanuit Frankrijk een systeem van massale belastingsontwijking. HSBC heeft het Amerikaans embargo tegen Iran omzeild, witwasmachine gespeeld voor Mexicaanse drugskartels en zaakjes gedaan met een Saoudische bank bekend voor haar connecties met Al Quaeda.(7) Labaton Sucharov, een advocatenkantoor dat zich specialiseert in bescherming van aandeelhouders en klokkenluiders, ondervroeg 500 topbankiers in Londen en New York. Een kwart verklaart onomwonden dat onethisch of illegaal gedrag noodzakelijk is om succesvol te zijn. (8)

Maar niet alleen bankiers gaan over de schreef: farmareus GSK betaalde in diezelfde periode 3 miljard dollar boete voor agressieve promotie van geneesmiddelen waarvoor het in de VS geen toestemming had.(9) Alles moet wijken voor winst, meer nog bij crisis. Ondanks de onbetwistbare impact van de kapitalistische productiewijze op ons klimaat, de talloze waarschuwingen door wetenschappelijke panels, de derde klimaatgerelateerde voedselcrisis op 6 jaar tijd, liepen de klimaatconferenties in Kopenhagen (2009), Durban (2011) en Rio (2012) steeds weer af op een sisser. De nucleaire catastrofe in Fukushima (maart 2011) legde even de bouw van nieuwe en de verlenging van de levensduur van oude kerncentrales stil. De Duitse regering besliste onder druk van een massale beweging om tegen 2020 alle kerncentrales te sluiten. Elders werden controles uitgevoerd en studies verricht. Een bundeling van alle beschikbare wetenschappelijke en technische kennis, laat staan de mobilisatie van de vereiste middelen voor een versnelde ontwikkeling van hernieuwbare energie, werd nooit overwogen. De grote energieconcerns wachtten gewoon af tot bevoorradingsproblemen een nucleaire doorstart onvermijdelijk maakten.

James Henry, voormalig hoofdeconoom bij Mc Kinsey, beweert in een uitgebreide studie voor het Britse ‘Tax Justice Network’, op basis van gegevens van de BIS, het IMF en de nationale overheden, dat een superrijke elite eind 2010 minstens 17.000 miljard € had verborgen op geheime rekeningen in belastingsparadijzen. Dat is zonder rekening te houden met vastgoed, jachten etc. Hij noemt dat een voorzichtige schatting, het zou ook 26.000 miljard € kunnen zijn.(10) Ter vergelijking: eind 2010 bedroeg het gezamenlijk BBP van de 27 landen van de Europese Unie 12.260 miljard € en dat van de VS omgerekend naar euro 11.700 miljard.(11) Volgens het IMF bedroeg het mondiale BBP toen 51.140 miljard euro.(12) Illegale praktijken, zijn slechts doorgeschoten varianten op wat legaal gebeurt. De gezamenlijke winsten van de 446 grootste ondernemingen in de VS, die opgenomen zijn in de beursindex S&P500, bereikten in het eerste kwartaal van 2012 een record van $1.671 miljard, 300 miljard meer dan een jaar tevoren. In 1980 waren de bedrijfswinsten in de VS goed voor 3% van het BBP, dat is nu opgelopen tot en record van 15%. De lonen zijn in diezelfde periode als percentage van het BBP teruggevallen naar het laagste niveau in meerdere decennia.(13) Dat is geen Amerikaans, maar een wereldwijd verschijnsel. (14)

De Spaanse regering wil in september het leefloon van 400 € schrappen. Mensen zonder papieren hebben geen recht meer op medische hulp, tenzij ze een verzekering afsluiten voor €710 per jaar.(15) Catalaanse ouders die om te besparen hun kinderen een lunchpakket meegeven, moeten weldra 3 euro toegang tot de schoolrefter betalen! Geen wonder dat de militanten van de Sindicato Andalus de Trabajadores (SAT) en hun leider Sanchez Gordillo, sinds 1979 burgemeester van Marinaleda en regionaal parlementslid voor Izquierda Unida, op sympathie konden rekenen voor hun ‘proletarisch winkelen’ bij de plaatselijke Carrefour. (16) Het is evenmin toeval dat de aanklacht van Peter Mertens, voorzitter van de PvdA, gebundeld in zijn boek Hoe durven ze?, een bestseller is geworden.(17) Terechte verontwaardiging over die excessen mag ons er echter niet toe verleiden de crisis daaraan te wijten. Het blijven symptomen van een meer structureel probleem.

Waar zit de fout?

Typerend voor markteconomen is alles wat mis gaat in de economie toe te schrijven aan één, hooguit enkele, beleidsinstrumenten. Een te strak of te soepel monetair beleid, teveel of te weinig regulering, een onvoldoende flexibele arbeidsmarkt, een te interventionistische centrale bank etc. Alan Greenspan, ooit geprezen als voorzitter van de Amerikaanse Federale Bank, wordt de wildgroei aan krediet verweten ten gevolge van zijn lage rentebeleid. Dat beleid was echter een reactie op de kloof tussen de waarde van de geproduceerde koopwaar en de lonen die de arbeiders daarvoor maar in ruil ontvangen. Het was een poging om via goedkoop krediet de vraag op peil te houden, zo niet was de crisis al eerder toegeslagen. Maar het was niet meer dan symptoombestrijding. Het fundamentele probleem werd er niet door opgelost, bleef voortwoekeren en toen de crisis doorbrak, werd de overvloed aan toxisch krediet een complicerende factor.

Tot tweemaal toe organiseerden de Actief Linkse Studenten naar aanleiding van de algemene staking van 30 januari (2012), een confrontatie tussen linkse socialisten, syndicalisten en liberale markteconomen. De neoliberale professor Arbeidsrecht Marc De Vos van Itinera, werd er op rechts ingehaald door een ultraliberale jonge garde, vertegenwoordigd door Nick Roskamps.(18) Die jongeren, hoofdzakelijk actief binnen het LVSV, dwepen met de Oostenrijkse school en Rothbard Murray(19) . Zij huiveren van een monopolie op geldcreatie en centraal bankieren, want dat zou de werking van de vrije markt verstoren. Centraal bankieren kwam er echter niet zomaar. België bijvoorbeeld, voerde een wettelijke koers voor bankbiljetten in, toen nog uitgegeven door particuliere banken, om een financiële en economische implosie te vermijden tijdens de economische crisis van 1848. De twee belangrijkste emissiebanken, de Société Générale en de Banque de Belgique, ontsnapten daardoor aan de verplichting hun biljetten te wisselen voor edel metaal en een onvermijdelijk bankroet. Twee jaar later werd de Nationale Bank opgericht en de biljettenomloop geüniformiseerd. Die klok terugdraaien, is een gevaarlijke fantasie.

Een marxistische analyse had deze jongeren het inzicht verschaft dat maatregelen, zoals het openen van de geldkranen, met een gunstig effect in bepaalde omstandigheden, kunnen omslaan in hun dialectisch tegendeel als de condities veranderen. Het spreekt voor de uitzichtloosheid en het onvermogen om langs begane paden een oplossing te bedenken, dat het geloof in de markt bij die jongeren is doorgeschoten tot de utopieën van Rothbard. Hun poging is niettemin eerlijker dan die van al wie bij gebrek aan economische argumenten is overgeschakeld op psychologische verklaringen, zoals Robert Shiller, Thomas Sedlacek etc. die de crisis fundamenteel toeschrijven aan een gebrek aan vertrouwen, alsof dat niet op zijn beurt het gevolg zou zijn van reële economische ontwikkelingen.(20) Paul De Grauwe, ooit zelf een adept van de ‘onzichtbare hand’ van de markt, pleit nu voor een verandering van paradigma. Als er iets ongedisciplineerd is, dan zijn het wel de markten, bevestigt hij. Hij heeft het kamp van de nieuwe keynesianen vervoegd, van onder meer Paul Krugman en Joseph Stiglitz. Hij pleit net als Eric De Keuleneer voor een scheiding tussen zakenbanken en spaarbanken, waarvan de toepassing door de Vickerscommissie in Engeland voor ten laatste 2019 wordt voorgesteld. Voorts wil hij een veel belangrijker rol voor centrale banken, de ECB in het bijzonder. Maar hij geeft grif toe dat hij wanhopig wordt omdat de beste economen zijn opgeleid volgens het oude paradigma en het zeker nog veertig jaar zal duren om dat te veranderen (21) .

Keynes stelde expliciet dat hij het kapitalisme wou behoeden voor revolutie. Het kapitalisme redden is ook de idee achter de oprichting van een heus Roosevelt Collectief, met ondermeer voormalig PS-minister Jean-Marie Dehousse. Het pleit voor vermindering van de rente op de oude schulden, een Europese vennootschapsbelasting en een financiële transactietaks, het boycotten van fiscale paradijzen bij openbare aanbestedingen, maximale beperking van ontslagen, scheiding van spaar- en zakenbankieren en strijd tegen delocalisaties door sociale- en milieunormen op te leggen bij internationale handel.(22) Volgens de Amerikaanse vakbondsfederatie AFL-CIO was de Grote Recessie te wijten aan de erosie van de Amerikaanse industrie, het falen van de financiële sector en de snelle groei van de ongelijkheid.(23) De federatie houdt zoals de Franse econoom Gabriel Colletis een protectionistisch pleidooi voor her-industrialisatie en overheidsinvesteringen. LSP is vanzelfsprekend voorstander van iedere maatregel die het leven van de arbeiders en hun gezinnen draaglijker maakt, de marktkrachten tempert, leidt tot een eerlijker verdeling van de rijkdommen en de behoeften van allen centraal stelt in plaats van de winsten van een kleine elite.

Colletis geeft een aantal interessante voorbeelden van mogelijke investeringsdomeinen. “We consumeren voedingsproducten van slechte kwaliteit; en de ontwikkeling van een beredeneerde of biologische landbouw wordt gehinderd door een probleem van koopkracht. Huisvesting: het woningpark is afgeleefd en de energiebalans betreurenswaardig. Mobiliteit: men heeft het onzinnig wegtransport en luchttransport bevoordeeld boven het transport per spoor, waarvan de koolstofuitstoot beter is”.(24) Onderinvestering, de-industrialisatie en delocalisaties zijn echter het resultaat van een markteconomie van private kapitaalbezitters die steeds op zoek zijn naar het hoogste rendement. In januari 2012 berekende het Institute of International Finance, dat spreekt namens wereldwijde financiële instellingen, dat bedrijven in de VS, het VK, Japan en de eurozone op een cashberg zaten van $7.750 miljard en toch staat het aandeel van het BBP dat naar investeringen gaat in Europa op het laagste peil in 60 jaar.(25) Zonder dit aan te pakken blijven de pleidooien van Colletis en van AFL-CIO woorden in de wind. Het CWI, de internationale organisatie waartoe LSP behoort, verdedigt als overgangseis een kapitaaltaks van minstens 50% op deze reserves. De overheden zitten nu immers al tot over hun oren in de schulden.

Peter Mertens had het in een controversieel debat met Knack hoofdredacteur Johan Van Overtveldt te Gent, terecht over een systeemfout. Het probleem met ‘newspeak’ is echter dat men nooit zeker is wat het echt betekent. Hij wees erop dat het systeem productief is, maar dat het verkeerd zit met de verdeling van de geproduceerde rijkdom, waardoor overproductie ontstaat. Dat is een algemeen, daarom niet minder correct punt. In ruil voor de gepresteerde arbeid krijgen de arbeiders slechts een deel van de waarde die ze geproduceerd hebben terug in loon. De rest is meerwaarde, de onbetaalde arbeid van de arbeiders. Dat leidt met regelmaat tot overproductiecrisissen. Dat was ook zo tijdens de expansieperiodes van het kapitalisme. Een herverdeling van de rijkdom zou meer dan welkom zijn. Wij denken echter dat de huidige crisis niet slechts conjunctureel is, maar structureel. Dat herverdelen niet zal volstaan. Dat er niet alleen een te corrigeren systeemfout is, maar botweg een fout systeem, een systeem dat niet aangepast is aan de ontwikkeling van wetenschap en techniek, aan de evolutie van de productiekrachten. Die stoten op de limieten van privaat bezit. Wetenschap en techniek moeten bevrijd worden en toegankelijk voor heel de maatschappij, de productiekrachten hebben behoefte aan collectieve eigendom, collectieve controle en collectief beheer en aan rationele planning, in plaats van de chaos van de markt. Als dat de bedoelde systeemfout is, dan zijn we het eens en moet collectivisering, niet slechts herverdeling, centraal staan in ons programma.

Om die inherente tegenstelling te ontlopen, raast het privé kapitaal de wereld af, op zoek naar telkens hogere uitbuitingsgraden, ten koste van de mens, zijn werkomgeving en zijn leefomgeving. Op haar doortocht ontwricht ze hele maatschappijen. Dennis Meadows, een van de opstellers van het rapport van de Club van Rome, benadert dat als volgt: “Het overschrijden van de fysieke limieten van het systeem leidt tot de ineenstorting. Ineenstorting karakteriseert een maatschappij die steeds minder in staat is de elementaire behoeften, voedsel, gezondheid, onderwijs, veiligheid te voldoen. De twintig volgende jaren, tussen nu en 2030 zal u meer verandering zien dan de voorbije eeuw, op politiek vlak, het leefmilieu, de economie, de techniek. De strubbelingen in de eurozone vertegenwoordigen slechts een klein deel van wat ons te wachten staat. En die veranderingen zullen zich niet op een vredelievende manier voltrekken”.(26)

 


Voetnoten

     

  1. Het eerste ontwerp van deze tekst werd geschreven in augustus 2012
  2. BRIC staat voor Brazilië, Rusland, India en China, soms wordt daar ook Zuid-Afrika aan toegevoegd (BRICS)
  3. Noels is hoofdeconoom van Econopolis en fel bevraagd door de Vlaamse media, hier wordt verwezen naar een interview met Radio 1 – De Ochtend 6/08/2012
  4. “Voedselschaarste loert om de hoek” – De Tijd 10/08/2012
  5. Portugal, Ierland, Italië, Griekenland en Spanje. Sinds ook Cyprus en Nederland in de problemen kwamen, verschijnt af en toe een nieuw letterwoord: CIPINGS.
  6. Zowel de Libor, de London Interbank Offered Rate, als de tegenhanger in de Eurozone, de Euribor en de Japanse Tibor werden gemanipuleerd.
  7. Comment UBS est partie à la chasse – Le Soir 21/04/2012 Nog een bankschandaal ? Iemand ? – De Tijd 20/07/2012
  8. ‘Banksters’: de nieuwe gangsters – De Morgen 19/07/2012
  9. Wie wist wat wanneer? – De Tijd 30/06/2012
  10. Tax havens: Super-rich ‘hiding’ at least $21tn – BBC News Business 22/07/2012. BIS staat voor Bank of International Settlements
  11. Uit de statistieken van de OESO die online beschikbaar zijn
  12. IMF DataMapper – Nominal GDP 04/2012
  13. Economische malaise? Bedrijven hebben er (nog) geen last van – De Tijd 10/08/2012
  14. Le Soir publiceerde op 2/09/2012 een grafiek waruit blijkt dat het aandeel van de lonen in de toegevoegde waarde van de bedrijven in 15 OESO landen, waaronder België is teruggelopen van gemiddeld 67% in 1976, naar 60% in 1990 en 56% vandaag.
  15. ‘Verboden uit de vuilnisbak te eten’ – Knack 15/08/2012
  16. Onder ‘proletarisch winkelen’ verstaat men winkelen zonder betalen, 200 militanten van SAT vulden tien karren met etenswaren, zonder betalen, om uit te delen aan 36 dakloze gezinnen in Sevilla. ’Overvallende’ burgemeester zadelt Spaanse regering met hoofdbrekens op – De Tijd 10/08/2012
  17. ‘Hoe durven ze’ door Peter Mertens – uitgeverij EPO 2011 350 blz.
  18. Roskamps was even wereldberoemd in België met zijn open brief aan Rudi De Leeuw naar aanleiding van de algemene staking van 30 januari
  19. LVSV is het Liberaal Vlaams Studentenverbond. Rothbard is de grondlegger van het zogenaamde libertarisme of anarcho-kapitalisme, waarvan ook Ron Paul, kandidaat voor de nominatie tot presidentskandidaat voor de Amerikaanse republikeinen, een aanhanger is.
  20. Shiller is de grondlegger van behavioural finance – De Tijd 21/04/2012, Sedlacek is een filosofisch idealist voor wie de economische huishouding niet (in laatste instantie) bepalend is voor het menselijk gedrag, maar omgekeerd. – Knack 15/08/2012
  21. Cet homme defie les lois économiques – Le Soir 5/05/2012 ; Certaines grandes banques sont devenues incontrolables – Le Soir 20/07/2012
  22. Un new New Deal pour sortir de la crise – Le Soir 26/06/2012
  23. Fixing What Is Wrong With Our Economy – AFL-CIO 14/03/2012
  24. “Pas de croissance durable sans une industrie forte” – Le Soir 28/04/2012
  25. Firms’ Cash Hoarding Stunts Europe – Wall Street Journal 22/03/2012
  26. De zogenaamde Club van Rome, een panel van onderzoekers, schreef in 1972 een alarmerend rapport onder de titel “De grenzen aan de groei”. Dit citaat komt uit een interview “La croissance mondiale va s’arrêter » – Le Monde 26/05/2012

 


>>> Inhoudstafel

Geef een reactie

0
    0
    Je winkelwagen
    Er zit niets in je winkelwagenKeer terug naar de winkel