Leuven Vlaams: sluitstuk van de Vlaamse ontvoogding uitgevoerd door anti-autoritaire studentenopstand

Binnen het kader van de herdenking van Mei ’68 willen we hier stilstaan bij de massale studentenstrijd voor de splitsing van de tweetalige universiteit van Leuven. Nu, 50 jaar na de strijd, eist de N-VA de herdenking van Leuven Vlaams op. Als je Leuven Vlaams enkel bekijkt als de laatste massamobilisatie in het kader van de Vlaamse ontvoogding – en dus haar verbinding niet ziet met de internationale golf van jongerenprotest die bekend staat als “Mei ‘68” – kun je niet begrijpen waarom deze opeising door de N-VA op luid protest botst bij de toenmalige studentenleiders.

door Anja Deschoemacker

LSP en Paul Goossens (leider van de Studentenvakbond, linkse afsplitsing van het KVHV die de strijd organiseerde) zullen het niet over veel eens zijn: zoals bij veel ’68ers is er bij hem sprake van cynisme, gevoed door de ontgoocheling die er kwam na de strijd. Maar hij blijft één van de laatste bevoorrechte getuigen die Leuven Vlaams vanaf de voorste rangen heeft aangevoerd. We zijn het met hem eens wanneer hij zegt dat de N-VA de geschiedenis van Leuven Vlaams vervalst.

Bart De Wever heeft in het verleden meermaals zijn afkeer van de Mei ’68-beweging geuit. Hij wil de erfenis van Mei ’68 liquideren. Die bestaat voor hem uit normvervaging en een “identitair nihilisme,” waarbij “alle gezag en traditie” op de schop moest “om plaats te ruimen voor het individu” (HLN, 24/02/2018).

Geen woord over het feit dat die laatste ontvoogding van Vlaanderen, het verdwijnen van de elitaire Franstalige universiteit in Leuven, verkregen is door juist een strijd onder leiding van uitgesproken linkse antikapitalistische jongeren als Ludo Martens, ook gekend als oprichter van Amada, vandaag PVDA, en Paul Goossens,  die later een reputatie als progressief journalist uitbouwde. Enkel zij – met hun antiautoritaire ideeën die kenmerkend waren voor de generatie van Mei ’68 – konden de massa mobiliseren die nodig was om die Vlaamse eis te realiseren.

Zij deden dit door de strijd op te bouwen, onafhankelijk van de toenmalige Vlaamse beweging en zelfs tegen de leiding van die beweging in. Wanneer de strijd in ’66 in een massale fase treedt, verdwijnt de slogan “Walen Buiten” naar de achtergrond om vervangen te worden door “Leuven Vlaams” en “Bourgeois Buiten” of ook nog “revolutie.” Het is dan ook schrijnend dat de herdenking van 50 jaar Leuven Vlaams gekaapt wordt door een figuur als Bart De Wever, erfgenaam van de rechtse conservatieve vleugel van de vroegere VU, die wel de eis stelde voor de vervlaamsing van de Leuvense universiteit, maar niet in staat was de beweging op te bouwen die dat ook kon realiseren.

De strijd van de Leuvense universiteit bracht alle elementen samen voor een Vlaamse Mei ’68:

  • De strijd voor de democratisering van het onderwijs, voor een universiteit voor het volk, toegankelijk voor iedereen. Ze stelden daarbij niet enkel de nood aan een universiteit waar de Vlaamse arbeiders hun kinderen hoger onderwijs konden bieden, maar ook voor de creatie van een universiteit in Wallonië, waartoe niet enkel de bevoorrechte laag van Franstalige studenten in Leuven toegang zou hebben. Universiteiten die ook democratisch functioneren en niet bureaucratisch geleid worden door een elitaire leiding. Met andere woorden het tegenovergestelde van de visie van De Wever die zich vandaag opstelt als verdediger van elite-onderwijs.
  • De strijd tegen de heersende moraal en tegen de arrogante en reactionaire rol van de katholieke kerk. De beweging breekt pas echt los na 13 mei 1966, wanneer de bisschoppen in een berucht mandement laten weten dat er van splitsing van de universiteit geen sprake kon zijn – niet toen, niet later. Zo wilden de bisschoppen de CVP-PSC uit de wind zetten en de toenemende verdeeldheid binnen de partij stoppen. Het massaal en aanhoudend verzet van de Leuvense studenten tegen de ondemocratische en autoritaire besluitvorming trok een kruis over dit scenario: de regering viel en de Belgische christendemocratie splitste in een Vlaamse en Franstalige vleugel in 1969.
  • Het zoeken naar een verbinding met de arbeidersbeweging en een politieke oriëntatie die ondanks een zeer ruime variëteit, duidelijk links was. Die verbinding met de arbeidersklasse zal er in België in ’68 niet komen, in tegenstelling tot Frankrijk. De politieke linkerzijde, toen vooral de SP, was niet geïnteresseerd in het studentenverzet, de vakbondsleiding zat vastgeklonken aan haar partijen. De studenten uitten hun steun voor arbeidersverzet, maar konden geen enthousiasme genereren. Hun eisen en slogans waren dan wel antikapitalistisch, maar er was geen overgangsbenadering, geen idee van hoe die ideeën konden worden gerealiseerd. In Leuven, zoals in Frankrijk, eindigde de strijd omdat geen enkele politieke linkse kracht in staat en/of bereid was er politieke leiding aan te geven.

De toenmalige leiding van de Vlaamse Beweging (toen VU, partij waaruit N-VA is voortgevloeid als erfgenaam van de rechtervleugel), gruwelde van dat radicale verzet tegen “alle gezag en traditie”, net zoals De Wever dat nu doet. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Leuven Vlaams pas nu opgeëist wordt door het Vlaams-nationalisme, wanneer veel van de oorspronkelijke leiders van het politieke en/of mediatieke toneel zijn verdwenen. Zoals in andere gevallen wil de historicus De Wever vooral de geschiedenis naar zijn hand zetten. Laat ons bij de herdenking van 50 jaar Mei ’68 ook Leuven Vlaams in de kijker zetten en de beweging recht aandoen door deze poging tot geschiedenisvervalsing door De Wever tegen te gaan.

Print Friendly, PDF & Email