Jemen. Van Nasserisme tot Al Qaeda. Hoe het vacuüm vullen?

De afgelopen maanden werd ook in Jemen massaal betoogd en geprotesteerd. Dit land op het Arabische schiereiland is weinig bekend, maar kent een opvallende geschiedenis. In de jaren 1960 en 1970 was er een scheiding van het land met in het zuiden een ‘socialistisch’ regime. Na de val van de Muur kwam het tot een hereniging. De afgelopen jaren was er een opmars van Al Qaeda. Maar nu blijkt dat de grootste dreiging voor het regime toch uitgaat van massaprotest van onderuit.

Jemen is het armste land van het Arabische schiereiland. Van de 22 miljoen inwoners is 40% werkloos. De belangrijkste inkomstenbron, olie, dreigt op te drogen waardoor de jonge bevolking (de gemiddelde leeftijd in het land bedraagt 17,9 jaar!) amper een toekomstperspectief heeft. De revolutionaire beweging van massaprotest komt dan ook niet volledig onverwacht. Wel zijn er mogelijk complicaties door de historische verdeeldheid tussen noord en zuid met ook de invloed van stammenbelangen, religieuze verdeeldheid, de aanwezigheid van fundamentalisten van Al Qaeda,…

Historische achtergrond

Dit land is van geostrategisch belang gezien de nabijheid van het Suez-kanaal en als stopplaats op de handelsroute naar India en China. Dat was meteen ook de reden waarom de Britten in de negentiende eeuw Jemen koloniseerden vanuit de havenstad Aden. De Britten controleerden het zuiden van Jemen, terwijl in het Noorden de Ottomanen het voor het zeggen hadden. De Turken verlieten het noorden in 1918 en het zuiden werd vanaf 1937 een kroonkolonie.

Het noorden werd geregeerd door een sjiietische imam die tevens koning was, het zuiden bleef een kroonkolonie tot eind jaren 1950. In de jaren 1950 vond een radicalisering plaats waarbij onder meer werd uitgekeken naar het Egypte van Nasser en de Sovjetunie. In het noorden van Jemen was het de koning/imam zelf die stappen in die richting zette, in 1958 sloot Noord-Jemen toe tot de ‘Verenigde Arabische Republiek’ met Egypte en Syrië. De koning werd in 1962 afgezet door een militaire staatsgreep die op steun uit Egypte kon rekenen.

In het zuiden kende het Nationaal Bevrijdingsfront (NLF) in de jaren 1960 een opgang. Ook het NLF keek uit naar Egypte en de Sovjetunie. In 1967 greep het NLF de macht na een massale protestbeweging in Aden, maar het duurde nog een tijdje vooraleer de nieuwe machthebbers hun positie konden consolideren. In 1969 werd met een staatsgreep een Republikeinse Raad onder leiding van Salem Ali Rubayyi gevestigd. De ‘Volksrepubliek’ Zuid-Jemen kende conflicten met Noord-Jemen, Saoedi-Arabië en Oman. Een grensoorlog met het noorden (1971) werd beëindigd met de vrede van Tripoli (1972). Naar het einde van de jaren 1970 werd de koers van Zuid-Jemen steeds meer op de Sovjetunie afgestemd. Opvallend daarbij was dat de machthebbers in de Sovjetunie tot een heel eind in de jaren 1980 actief tussenkwamen om interne twisten binnen het Jemenitische regime te regelen. In 1986 was er een heuse opstand van aanhangers van een door Moskou gesteunde figuur (Abdul Fattah Ismail), waardoor president Ali Nasser van het toneel moest verdwijnen.

Ook in Noord-Jemen was de Sovjetunie actief, ook al stond Noord-Jemen steeds te boek als pro-Amerikaans. Toen de rechtse kolonel al-Hamdi in 1977 het slachtoffer werd van interne afrekeningen binnen het leger en protest van stamhoofden, werd hij uiteindelijk in 1978 opgevolgd door generaal Saleh. Die riep hulp van de Sovjetunie in en er kwamen 300 Sovjetadviseurs. Het was evenwel pas toen Moskou zich vooral moest richten op de eigen interne problemen, dat er toenadering kwam tussen Noord- en Zuid-Jemen. De val van de Sovjetunie betekende ook het einde van Zuid-Jemen.

Vanaf eind jaren 1980 werd geprobeerd om de banden tussen Zuid- en Noord-Jemen aan te halen. Op 22 mei 1990 werd de Arabische Republiek Jemen gevestigd met de Noord-Jemeniet Saleh als president en de Zuid-Jemeniet al-Attas als premier. Dit betekende in de praktijk een overname van Zuid-Jemen door Noord-Jemen en het einde van de beperkte sociale hervormingen die in het zuiden waren doorgevoerd. Een poging van de ‘communisten’ om hun verloren macht gewapenderhand terug op te eisen, mislukte. Deze burgeroorlog in 1994 betekende het einde van de oude Moskou-gezinde fractie.

De afgelopen jaren was er opnieuw een nauwe samenwerking tussen het Jemenitische regime van Saleh en de VS. Begin jaren 1990 waren er nochtans spanningen: Saleh sprak zich uit tegen de oorlog in Irak. Dat zette Saoedi-Arabië ertoe aan om 850.000 Jemenitische gastarbeiders het land uit te zetten. De Amerikaanse steun werd stopgezet. Maar de afgelopen jaren werd de draad terug opgenomen. Het regime van Saleh werd gesteund in de strijd tegen Al-Qaeda. Na een toevloed van Arabische militanten van Al-Qaeda uit Pakistan (bij het opgedreven offensief in Zuid-Waziristan) werd zowel in 2002 als eind 2009 al dan niet bedekt militair tussengekomen. Ook buurland Saoedi-Arabië steunt Saleh en het Jemenitische regime omdat deze militair ingaat tegen de sjiietische opstandelingen in het noorden van het land.

Het massaprotest heeft Saleh ertoe aangezet om naar Saoedi-Arabië te vluchten, maar het regime is intussen nog niet omvergeworpen. Het ontbreekt de massabeweging aan een duidelijke leiding met een socialistisch programma van verandering. Hierdoor ontstaat een politiek vacuüm dat op verschillende wijzen kan worden ingevuld. Deze invulling zal regionaal gevolgen hebben, Jemen bevindt zich immers op een kruispunt tussen het Midden-Oosten en Azië.

Het ‘socialisme’ in Zuid-Jemen

Het regime dat in de jaren 1970 en 1980 in Zuid-Jemen aan de macht was, noemde zichzelf ‘socialistisch’. In werkelijkheid was het een militaire dictatuur die de productiemiddelen, distributie en handel onder staatscontrole had geplaatst. Dit regime was aan de macht kunnen komen door het gebrek aan politieke leiding bij de revolutionaire beweging van 1967 tegen de Britse kolonisatoren. Hierdoor kon een ‘radicaal’ deel van het leger de touwtjes in handen nemen. Onder druk van onderuit moest dit regime erg ver gaan in het aanpakken van het grootgrondbezit, de overblijfselen van het feodalisme en de elementen van kapitalisme die op dat ogenblik in Zuid-Jemen bestonden. Er werd voor een model uitgekeken naar Cuba, Rusland en China.

Er werden van bovenaf een aantal sociale hervormingen opgelegd met investeringen in infrastructuur, onderwijs,… Dit was gezien het achtergebleven karakter van Zuid-Jemen evenwel niet evident en bovendien was het niet gebaseerd op een massale democratische betrokkenheid van de bevolking.

Binnen de Jemenitische Socialistisch Partij was er verdeeldheid tussen verschillende fracties. Het ging zelfs zo ver dat de president in 1986 een bijeenkomst van het Politburo bijeenriep en daar de lijfwachten bevel gaf om iedereen neer te schieten. Dit was een uitdrukking van de pogingen van de oude stammen en andere klieken om binnen het bestaande machtskader aan invloed en macht te winnen ten koste van andere stammen. Moskou ging daar volledig in mee. Met ‘socialisme’ had dit niet veel te maken, deze term werd enkel gebruikt om aan de druk van onderuit tegemoet te komen en als onderdeel van de poging van de militaire leiding om de eigen positie met Russische steun te versterken.

Het ging om een bonapartistisch regime onder leiding van radicale legerleiders. Een dergelijk regime kon tot stand komen door de zwakte van de nationale burgerij en door de context van de ‘koude oorlog’ met de rivaliteit tussen de VS en het stalinistische blok. Onder Kroetsjov probeerde de Sovjetleiding om een grotere invloed te verkijgen in het Midden-Oosten door allianties aan te gaan met Egypte, Syrië, Irak en Zuid-Jemen. Deze regimes gingen over tot het nationaliseren van een groot deel van de infrastructuur en de industrie, maar doorgaans zonder volledig te breken met het kapitalisme. Alle hervormingen werden strikt gecontroleerd van bovenaf en er was brutale repressie van iedere oppositie. Op dat vlak werden de totalitaire methoden van het stalinisme snel overgenomen. Dat deze repressieve benadering in Egypte leidde tot de onderdrukking van de Egyptische Communistische Partij was voor Moskou overigens geen probleem. Nassers opvolger, Anwar Sadat, zou in de jaren 1970 sterk naar rechts opschuiven en uiteindelijk tot een compromis met de VS komen.

De val van het stalinistische Oostblok zorgde voor een hertekening van de politieke kaart in het Midden-Oosten. Dit proces begon al in de jaren 1980 omdat de Sovjetunie door de toenemende interne crisis steeds minder in staat was om elders tussen te komen. Vandaag ziet de wereldsituatie er totaal anders uit. In de revolutionaire beweging in Jemen valt nog steeds het gebrek aan leiding op, maar vandaag is er geen stalinistische blok meer om steun te vinden bij het doorvoeren van hervormingen van bovenaf. De arbeiders en armen zullen hun revolutie zelf in handen moeten nemen en eigen organisaties uitbouwen waarmee een breuk met het kapitalisme en feodalisme mogelijk wordt. Dat kan de basis leggen voor een socialistische samenleving in Jemen en de rest van de regio.

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie