Geschiedenis van 1 Mei. Van de internationale stakingen voor de 8-urendag tot vandaag

De aanklager in het proces tegen de delegees van Clabecq beroept zich op een artikel dat in 1887 aan het strafwetboek toegevoegd werd en dat zegt “dat diegenen die zich gedurende collectieve acties van arbeiders, mondeling of via geschriften tot die arbeiders gericht hebben, persoonlijk verantwoordelijk zijn voor wat nadien gebeurt”. Wat komt dit komt doen in een artikel over de geschiedenis en de betekenis van 1 mei wordt onmiddellijk duidelijk.

Arbeiders in de VS voeren actie

Op 1 mei 1886 staakten in de VS 340.000 werkers voor de 8-urige werkdag, een nooit gezien succes! Dit was het resultaat van 2 jaar propaganda en mobilisatie door de nieuwe Federation of Organized Trades and Labor Unions.

Op sommige plaatsen werd deze eis ingewilligd maar op andere, zoals bij de maaimachinefabriek Mac Cormick in Chicago, reageerden de bazen met lock-outs en lieten ze door de politie werkwilligen en stakingbrekers uit de omliggende dorpen aanvoeren. Toen de werkers hiertegen op 3 mei betoogden, schoot de politie: 6 doden.

Op de protestmeeting van 4 mei kwamen 15.000 mensen opdagen, maar een bomaanslag koste het leven aan 7 politiemensen. 8 arbeidersleiders werden opgepakt en ter dood veroordeeld, niet omdat bewezen was dat zij het gedaan hadden (er zijn trouwens genoeg redenen om aan te nemen dat dit een opgezette provocatie was) maar “omwille van de economische en politieke ideeën die ze verspreid hadden”. De Belgische burgerij was dus niet echt origineel met haar wet!

De oorsprong van 1 mei ligt dus in de Verenigde staten waar op die dag (“Moving day” genoemd)

alle overeenkomsten en contracten gesloten of verbroken worden. Met de gebeurtenissen van mei 1886 kreeg deze dag een speciale betekenis voor de Amerikaanse arbeiders die op hun volgende vakbondscongres van december 1888 besloten om 1 mei 1890 als strijddag voor de 8-urendag in te stellen.

En in Europa….

Aan deze kant van de oceaan hadden de Europese arbeiders zich ondertussen hersteld van de zware nederlaag die ze met het uitmoorden van de Commune van Parijs in 1870-’71 geleden hadden. In die omstandigheden vonden de leiders van de Internationale Arbeiders Associatie het beter de organisatie tijdelijk te ontbinden. Maar zoals Marx voorspelde, hadden de werkers geen andere keuze dan te vechten en zich te organiseren tegen de altijd wederkerende crisissen van het kapitalisme. In die strijd ontstonden in zowat alle landen van Europa massapartijen zoals de Belgische Werkliedenpartij in 1885.

Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de Franse Revolutie in 1889 werd de Wereldtentoonstelling dat jaar in Parijs georganiseerd. Een gelegenheid voor de nieuwe partijen om op een internationale bijeenkomst een nieuwe, de Tweede Internationale op te zetten. Op dit congres werd besloten om, in navolging van de Amerikaanse broeders op 1 mei 1890 overal acties te ondernemen voor het bekomen van de 8-urendag.

Deze oproep kreeg zo’n grote weerklank dat de burgerij in paniek sloeg. Er werd gedreigd met ontslagen. In België gaf de minister van Justitie bevel aan de rijkswacht om te onderzoeken wie voor het organiseren van 1 mei gestemd hadden.

In Leuven werden alle soldaten opgeroepen om te voorkomen dat ze de ordewoorden van de arbeiders zouden toejuichen. In Gent werd de hoofdwacht voor 2 dagen gesloten en “het schildwachthuisje weggenomen”. Er werden speciale schietoefeningen georganiseerd voor de burgerwacht “om het op 1 mei goed te kunnen”. In Brussel ging de burgerij letterlijk op de vlucht en droeg alles wat enige waarde had met zich mee.

En de staking werd een succes: 150.000 stakers en dat op gevaar de dag nadien hun job kwijt te zijn! Vooral in Wallonië, waar 100.000 van de 110.000 mijnwerkers het werk neerlegden. Overal werd massaal betoogd. Volgens Le Peuple 20.000 in Charleroi, 17.000 in Frameries, 35.000 in Le Centre, 1000 in Tubize, tienduizenden in Luik… In Leuven 7.000, 10.000 in Gent, 9.000 in Antwerpen, 25.000 in Brussel…

In Duitsland was de “socialistenwet” van Bismarck nog altijd van kracht en de leiding riep op niet te staken. Desondanks staakten in de grote industriecentra een op tien van de arbeiders, met afdankingen en verdere stakingen tot gevolg.

In Wenen, Praag, Budapest en Bukarest, in Zwitserland, Nederland en Scandinavië werd massaal betoogd. In Engeland en Spanje werd op zondag 4 mei betoogd.

Het moet een enorm gevoel geweest zijn! Overal in de geïndustrialiseerde wereld kwamen de arbeiders als één georganiseerde kracht naar buiten terwijl de burgerij machteloos moest toekijken. De werkers worden bewust van hun eigen macht… op voorwaarde dat ze maar samen in een eengemaakte actie optreden. Op zo’n moment, zei Marx, is geen enkele kracht op aarde in staat dit te stoppen.

De recuperatie

Sindsdien is 1 mei niet meer weg te denken uit de geschiedenis van de arbeidersbeweging. Net zoals de “8-urenhuizen” is “de dag van de arbeid” een symbool geworden van de strijd tegen de kapitalistische uitbuiting en de lange werkdagen. Er werd dan ook alles gedaan om de betekenis ervan de verwateren of te vervalsen.

In sommige landen maakte de burgerij er een betaalde feestdag van zodat er niet meer kon gestaakt worden. De sociaal-democratische leiding ging 1 mei gebruiken als mobilisatie voor het algemeen stemrecht en later om te komen vertellen “wat ze in de regering wel allemaal bereikt hebben”.

Naarmate het steeds duidelijker wordt dat ze daar de politiek van de burgerij en niet die van de werkers voeren, wordt op 1-mei al eens met tomaten en eieren naar de leiding gesmeten.

In het vroegere Oostblok was 1 mei na de Revolutie tot nationale feestdag uitgeroepen, maar de stalinistische bureaucratie ging deze dag gebruiken om haar militaire macht te ten toon te spreiden.

Hitler organiseerde op 1 mei verplichte parades ter gelegenheid van de “Nationale Arbeidsdag” om op die manier de potentiële macht van de werkers onder controle te houden. De 1-mei-activiteiten van het Vlaams Blok zijn dan ook niet zo onschuldig als ze ons willen doen geloven!

Maar ondanks al deze pogingen blijft 1 mei een mijlpaal in de geschiedenis van de arbeidersbeweging en spreekt nog altijd tot de verbeelding van geradicaliseerde jongeren en militanten.

Het is een gelegenheid voor marxisten om de ware betekenis ervan in herinnering te brengen en vragen te stellen als: wat rest er nog van die prachtige partijen die in strijd en onder de meest smerige repressie van het patronaat opgezet werden? Bestaan er nog internationale tradities?

Maar ook: wat blijft nog over van die 8-urendag waar zo voor gevochten is? Vandaag blijkt dat 1 kind op 5 gezondheidsproblemen heeft die te wijten zijn aan de werkdruk waaronder de ouders gebukt gaan!

Sinds het begin van de jaren ’80, ondertussen is dat al 20 jaar, is de burgerij bezig om stap voor stap alles terug te pakken wat we in strijd afgedwongen hebben. Van de 8-urendag blijft niets meer over, in vergelijking met vroeger is de sociale zekerheid een lachertje, het statuut van het overheidspersoneel wordt door “onze” (?) eigen ministers uitgehold … En dit in een economische situatie die volgens burgerlijke economen zelden zo goed geweest is! Vroeg of laat, en zeker als de economische crisis weer toeslaat, zullen de werkers zeggen “nu is het genoeg geweest”. En zeggen dat nu al: de stakingsaanzegging in het onderwijs, de witte woede die verder duurt, de politie die staakt… en de beweging breidt nog uit!

In de actie zullen we echter nog maar eens moeten vaststellen dat partijen als de SPA, waarvan ze dachten dat ze hun belangen zou verdedigen, juist het belangrijkste middel zal worden om de politiek van de burgerij door te voeren. De werkers van Clabecq kunnen er over meespreken…

In de jaren 1860-’70, voor de oprichting van de BWP en het afdwingen van het algemeen stemrecht dachten de werkers dat ze in het parlement konden rekenen op de linkse liberalen. Pas nadat dit in de praktijk een illusie bleek waren ze klaar voor het oprichten van een eigen, van de burgerij onafhankelijke partij.

Deze les moet vandaag weer opnieuw geleerd worden, en spijtig genoeg kan dit alleen maar in massale acties, zoals o.a. de 1 mei-bewegingen uit het verleden.

LSP roept nu reeds op voor het vormen van een nieuwe, van de burgerij onafhankelijke arbeiderspartij. 1 mei is een geschikt moment om deze oproep zo breed mogelijk kenbaar te maken en er met de meest bewuste militanten over te discussiëren.

Het kapitalisme is een wereld-systeem, de strijd ertegen moet dan ook internationaal gebeuren. LSP maakt dan ook deel uit van het CWI, het Comité voor een Arbeiders Internationale met secties in meer dan 30 landen.

Vandaag moeten we nog tegen de stroom in roeien en met individuen discussiëren. Maar onvermijdelijk zullen zich weer bewegingen voordoen zoals die van 1 mei 1890 maar dan met een arbeidersklasse die numeriek 1000 keer sterker is.

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie