De beweging tegen de besparingen in het onderwijs versterken

Open brief van Actief Linkse Studenten en Scholieren (ALS) – geschreven op 17 oktober

14934436253_19da96de0a_bDeze open brief is gericht aan heel de onderwijsgemeenschap, aan de studenten, de ouders en het voltallige personeel. Maar uiteraard willen we in de eerste plaats de personeelsleden bereiken die zich zorgen maken om hun baan, hun inkomen en de werkdruk. Voorts die ouders voor wie 300 euro extra inschrijvingsgeld per jaar wel zwaar weegt op het gezinsbudget. En tenslotte die studenten voor wie onderwijs een maatschappelijke investering is die aan heel de gemeenschap ten goede moet komen en niet slechts het voorrecht is van een kleine elite.

We weten dat er onder studenten ook een stroming bestaat die wel gewonnen is voor besparingen en het optrekken van het inschrijvingsgeld. Ze wordt vertegenwoordigd door kringen als KVHV (Katholiek Vlaams Hoogstudenten Verbond) en LVSV (Liberaal Vlaams Studentenverbond). Dit heerschap wil terug naar het elite-onderwijs van voor WOII. Onderwijsemancipatie reikt voor hen niet verder dan de taalkwestie, voor het overige sluit hun visie naadloos aan bij die van de vooroorlogse Franssprekende burgerij. Vertolken zij een mening die leeft onder grotere groepen studenten? Uit hun ‘mobilisaties’ kunnen we dat niet afleiden, maar dat de fils à papa die er bij horen toegang hebben tot de media, hoor je ons niet ontkennen.

De eerste acties van studenten en scholieren tegen de verhoging van het inschrijvingsgeld en de andere besparingen in het onderwijs waren veelbelovend. Ettelijke duizenden studenten tekenden de petitie tegen de verhoging van het inschrijvingsgeld. De scholieren in Gent organiseerden hun eerste betogingen en zitacties begin september, gevolgd door gecoördineerde actiedagen met zitacties en stakingen in verschillende scholen eind oktober. Ook aan de universiteiten en hogescholen vonden bij het begin van het academiejaar protestacties plaats. Die waren nog vooral gericht op het trekken van de aandacht van de media, maar hopelijk volgen binnenkort ook bij de studenten mobiliserende acties zoals bij de scholieren.

Hoewel dit nog maar het begin is van een beweging, is het potentieel om terug te vechten duidelijk groot. Hoe dit potentieel omzetten in een beweging die deze regering een halt kan toeroepen, is een debat dat dringend gevoerd moet worden en dat wij willen stimuleren met deze open brief. Een massale en georganiseerde tegenbeweging op gang brengen is een collectieve opdracht, waarbij elke (tussen)stap weloverwogen moet zijn, bedoeld om de beweging verder uit te breiden. Deze open brief is een bijdrage van de Actief Linkse Studenten en Scholieren (ALS) met voorstellen om een dergelijke kracht op te bouwen.

Verzet van onderuit opbouwen met maximale betrokkenheid

Over het karakter van deze regering maken we ons geen illusies: het is er één die geen tegenspraak duldt op haar harde besparingsbeleid. Als ze al geen nuttig overleg pleegt met de vakbonden, wat zal ze dan luisteren naar studenten en scholieren? Om haar besparingen te stoppen, zal dus meer nodig zijn dan enkele betogingen, symbolische acties of overleg om ons ongenoegen kenbaar te maken. Daar ligt deze regering niet van wakker. We zullen het type van verzet nodig hebben dat onze eisen kan afdwingen. Enkel massaal verzet, gedragen door een breed front van scholieren, studenten, personeel en ouders, met een programma dat zich uitspreekt tegen elke besparing op de kap van de jongeren en de werkende bevolking, is daartoe in staat.

Een dergelijke beweging uitbouwen doe je niet top-down, met enkele geïsoleerde en van bovenaf opgelegde acties. Het is belangrijk dat studenten en scholieren niet gedegradeerd worden tot toeschouwer van een beweging in hun naam, maar actief betrokken worden in het beslissingsproces en de verdere uitbouw van de beweging.

Dat is hoe de studentenbeweging in Québec in 2012 een strijd van lange adem kon voeren tot de regering weggestemd werd en het plan om het inschrijvingsgeld te verhogen afgevoerd werd. De studenten organiseerden regelmatig algemene vergaderingen waarvoor massaal gemobiliseerd werd en waarop de aanwezigen beslisten over zowel de actievorm, als het eisenplatform en het programma. Deze methode werd ingevoerd door een nieuwe studentenvakbond CLASSE, aanvankelijk tegen de zin in van de oudere studentenbonden FECQ en FEUQ die na de studentenbeweging van 2005 hadden ingestemd met harde besparingen.

Ook vandaag in Vlaanderen merken we in de studentenbeweging een grote aarzeling om algemene vergaderingen te houden. Het succes ervan, zeker als ze gekoppeld worden aan een concreet actieplan, werd nochtans bewezen door de scholierenactiecomités in Gent. Onmiddellijk na hun eerste actie op 10 september al, startten de 80 deelnemers deze methode met een open micro om de discussie te voeren over hoe verder. Actiecomités werden opgezet in verschillende scholen en de betoging die daarop volgde op 8 oktober, met zo’n 500 deelnemers, zette deze democratische methode verder. Opnieuw in algemene vergadering werd op voorstel van ALS de beslissing genomen om op zoveel mogelijk scholen sit-ins te organiseren op 15 oktober en een scholierenstaking op 22 oktober voor te bereiden. Ook het idee van de Gentse Studentenraad voor een fakkeltocht op 29 oktober werd er aangenomen.

De Actief Linkse Studenten en Scholieren hebben de afgelopen weken deze democratische manier van organiseren voorgesteld aan alle actiecomités waaraan we deelnemen, ook dat van de studenten, het “actiecomité tegen de verhoging van het inschrijvingsgeld”. Na lang aandringen aanvaardde de Gentse afdeling ervan een eerste algemene vergadering voor studenten. Niet voor begin oktober zoals ALS had voorgesteld, maar al op 25 september, de dag na de student-kick off. Daardoor was er nauwelijks tijd voor de mobilisatie, die trouwens volledig aan ALS werd overgelaten terwijl de andere betrokken studentenorganisaties (Vlaamse Vereniging van Studenten, Gentse Studentenraad en COMAC) de bijeenkomst nagenoeg doodgezwegen. Toch werd door 80 studenten deelgenomen en met een tweederde meerderheid beslist om de scholierenbetoging van 8 oktober te ondersteunen. Een mooi begin, dat helaas geen navolging meer kreeg ondanks het enorme potentieel. Bijna 20.000 studenten ondertekenden de petitie tegen een hoger inschrijvingsgeld. Waarom worden de ondertekenaars niet gecontacteerd voor een algemene vergadering in hun stad om hen actief te betrekken?  

Ook op de nationale betoging van 2 oktober, georganiseerd door VVS, werd geprobeerd om democratische discussie aan banden te leggen. Politieke organisaties maar ook delegaties van de vakbonden werden gevraagd helemaal achteraan te laten lopen. Men trachtte zelfs een absurd verbod op het verdelen van pamfletten op te leggen! Terwijl jongeren tegen de GAS-boetes protesteren en vechten voor hun vrijheid, kan het toch niet dat men diezelfde vrijheid wil beperken binnen de studentenbeweging. De eisen van een beweging en de actievorm kunnen niet van bovenaf gedecreteerd en nog minder bijna repressief afgedwongen worden. Het is noodzakelijk voor de dynamiek van een  beweging om discussie en debat net te stimuleren. Niet alleen om een zo breed mogelijke betrokkenheid te garanderen, maar ook om het debat te verrijken en de strijd te versterken. De verschillende aanwezige politieke programma’s en eisen, want natuurlijk hebben organisaties als de VVS ook hun politiek programma, kunnen dan gewikt en gewogen worden om die nadien te toetsen aan de praktijk. Beslissingen die trouwens genomen worden na democratische discussie en debat, waarbij het ene argument afgewogen wordt tegen het andere, zijn beslissingen die een groter draagvlak kennen en meer overtuigde en bewuste medestanders voortbrengen. Het alternatief is dat slechts enkele studentenvertegenwoordigers op hun eentje beslissen over eisen, programma en actieplan waarop geen enkele democratische controle mogelijk is.

ALS verdedigt een open, inclusieve en democratische benadering die vertrekt van het principe ‘eenheid in verscheidenheid’. Om de betrokkenheid zo breed mogelijk te maken, is er nood aan democratische structuren zoals actiecomités en algemene vergaderingen die transparant werken en waar elk standpunt kan bediscussieerd en overwogen worden met respect voor ieders eigenheid.

Tegen het volledige besparingsbeleid

In zo’n strijd zal het er ook op aankomen om de nog-niet-overtuigden te overtuigen. Dit doen we niet door onze eisen te beperken tot het inschrijvingsgeld of andere besparingen die studenten rechtstreeks raken. De verhoging van het inschrijvingsgeld is deel van een veralgemeende anti-sociale aanval op de rechten en inkomens van de hele werkende klasse.

Het past volledig in het ideologische kader van deze regering om de jongeren en de werkenden te doen betalen voor de crisis. De rijken blijven buiten schot. Wij moeten dit verband leggen. Een aanval op de één is tegelijk een aanval op de andere. Slechts door eenheid te zoeken tussen jongeren en werkenden kunnen we een beweging bouwen die sterk genoeg is om deze veralgemeende aanval af te slaan. Doen we dit niet, dan laten we ruimte voor de argumentatie van de rechterzijde. Als de één moet besparen, waarom de andere niet dan? Binnen de kortste keren zit je vast in een besparingslogica, waarvan het einde niet meer in zicht is. Een stevige politieke argumentatie tegen elke vorm van besparing op kap van de jongeren en de werkenden is niet alleen nuttig om ons te wapenen tegen rechts en de voorstanders van besparingen, maar ook om een antwoord te formuleren op de vragen van jongeren die twijfelen. Als dat niet gebeurt, blijft die twijfel bestaan en laten we ruimte aan de rechtse regering om hiervan gebruik te maken.

Het is niet zo dat besparingen nodig zijn omdat er geen geld meer is. De kloof tussen arm rijk blijft toenemen. Volgens een studie van Crédit Suisse “steeg de wereldwijde rijkdom tot 56.000 $ gemiddeld per volwassene (…) Dat is het hoogste cijfer ooit. De groei is vooral te danken aan de prestaties van de VS en Europa, met dank aan de gestegen waarde van vooral financiële activa”. Uit het rapport blijkt ook dat vooral de allerrijksten hiervan profiteren. “De 1% zou nu omgerekend bijna 50% van alle rijkdom bezitten. Die ongelijkheid en de ‘abnormale hoge inkomensratio’s’ leiden mogelijk tot een recessie.” Onze regering van de rijken wil dit proces nog versnellen door het besparingsbeleid van de afgelopen jaren nog te versnellen.

Wereldwijde oorlogen en sectaire conflicten, gevoed door de toenemende armoede in de wereld, leiden weer tot een wapenwedloop waarin ook deze regering zich lustig inschakelt. Van bij het begin vergelijkt ALS de investering voor de aankoop van de 40 F35’s voor een bedrag van 6 miljard euro met de besparingen die de Vlaamse regering wil doorvoeren in het onderwijs. Eén zo’n F35 kost ongeveer evenveel als de verhoging van het inschrijvingsgeld moet opbrengen. In het actiecomité tegen de verhoging van het inschrijvingsgeld werd daar aanvankelijk tegen geargumenteerd, ook Comac vond de vergelijking “politiek te hoog gegrepen”. Intussen is iedereen daarover bijgedraaid. Het is juist met dit soort voorbeelden dat je duidelijk maakt dat de aanval op het hoger onderwijs wel degelijk een ideologische keuze is.

De beweging moet vertrekken van de noden. Er is nood aan meer publieke middelen, niet minder. Daarom ook het belang om niet alleen de intrekking van de verhoging van het inschrijvingsgeld, maar ook meer publieke middelen voor het onderwijs te eisen. Te beginnen met een terugkeer naar een situatie waarbij 7% van het BBP naar onderwijs gaat, wat vakbonden al jaren eisen en systematisch naar voor gebracht wordt door ALS.

Het potentieel van een veralgemeende beweging stelt zich met besparingsregeringen op alle niveaus die zowat alle werkenden en uitkeringstrekkers aanpakken. De lijst is te lang om op te noemen. Het ongenoegen is terecht zeer groot. Dit zal ongetwijfeld tot verzet leiden, ook de regering houdt daar rekening mee. “Er zullen vakbondsacties komen, we moeten daar niet flauw over doen”, verklaarde Kris Peeters. Het zal belangrijk zijn om dit verzet te verenigen in een krachtige beweging.

Jongeren kunnen een zeer belangrijke rol spelen in het dynamiseren van protest. Dat zagen we al met de Jongerenmarsen voor Werk in 1982 en 1984 of de scholierenstakingen tegen Martens VI in 1986. Jongeren komen makkelijker op straat, maar om het establishment tot toegevingen te dwingen zullen we het pijn moeten doen waar ze het voelt, in haar winsten door de hele maatschappij en economie stil te leggen. Dat is waarom stakingsacties zo belangrijk zijn en waarom we de banden met de arbeidersbeweging moeten versterken. Door meteen het volledige besparingsbeleid aan te klagen, wordt het gemakkelijker om banden te smeden met het protest van de arbeidersbeweging.

De mogelijkheden hiervoor zijn aanwezig. Het is bemoedigend dat de vakbonden van het personeel aan de universiteiten op de betoging van 2 oktober aanwezig waren en dat vertegenwoordigers van het personeel deelnamen aan verschillende bijeenkomsten en acties. Dat de organisatoren van VVS op 2 oktober de vakbondsdelegaties op onvriendelijke wijze naar de staart van de betoging verwezen, was geen goede zaak. Dat er in de toespraken achteraf niet of amper naar het personeel werd verwezen, was eveneens een zwakte. Dit kan uiteraard nog rechtgezet worden door de vakbonden vanaf nu sterker bij het protest te betrekken en in onze eisen ook aandacht te hebben voor de bekommernissen van de verschillende lagen van personeelsleden.

Een opbouwend actieplan

Het is goed dat een petitie gestart en informatie gegeven werd over de verhoging van het inschrijvingsgeld, maar we begrijpen niet waarom het “actiecomité tegen de verhoging van het inschrijvingsgeld” dat niet onmiddellijk koppelde aan… actie. We begrijpen evenmin waarom op de nationale betoging van 2 oktober in Brussel met een paar duizend enthousiaste deelnemers, de eerstvolgende actie pas aangekondigd werd voor 19 november, anderhalve maand later. Ondertussen kwam daar een oproep voor een Gentse fakkeltocht op 29 oktober bij. De timing van acties is belangrijk. Een opbouwend actieplan waarbij we niet te lang wachten op de volgende actie, met een methode om systematisch meer scholieren en studenten te bereiken en te betrekken is van cruciaal belang.

Wachten op actie tot we iedereen bereikt hebben – de retoriek op de eerste vergaderingen van de “actiecomités tegen de verhoging van het inschrijvingsgeld” eind augustus en begin september – betekent dat we de rechtse partijen meer tijd geven om twijfel te zaaien en om hun standpunt als enige naar voor te brengen. Als we zonder tegenwoord dagelijks via alle mediakanalen plat gebombardeerd worden met de neoliberale agenda, dan slinkt het potentieel voor onze beweging zienderogen. Dan ruimt de aanvankelijke woede en dynamiek plaats voor apathie en gelatenheid. Het is doorheen een opbouwend actieplan dat we steeds meer jongeren kunnen bereiken en gelatenheid kunnen tegengaan.

Daarom nam Actief Linkse Studenten in Gent het initiatief voor een eerste scholierenactie op 10 september, meteen bij aanvang van het schooljaar. Deze mobilisatie was niet bedoeld als eindpunt, maar net als een startpunt in de opbouw van een beweging. Na deze bescheiden mobilisatie met 80 aanwezigen was het mogelijk om de eerste scholierencomités op te zetten die ook al eigen acties ondernamen, zoals de zitstaking op Sint-Lucas. Het creëerde een sfeer die de mobilisatie naar 2 oktober gemakkelijker maakte en op 8 oktober waren er al 500 betogers. Dat blijft bescheiden, maar hiermee staat de beweging in Gent verder dan elders. Ondertussen komt een scholierenstaking in zicht met mogelijk enkele duizenden scholieren op straat.

Ludieke of symbolische acties kunnen weliswaar nuttig zijn om de beweging in de kijker te zetten, maar uiteindelijk willen we toch vooral zo massaal mogelijke acties opbouwen. Minister-president Bourgeois gaf het bij zijn bezoek aan Gent zelf aan, het ludieke protest maakte weinig indruk op hem. Laten we een beweging bouwen waar hij niet meer naast kan kijken!

Concrete voorstellen van ALS

ALS roept op tot een plan van lokale acties gekoppeld aan algemene vergaderingen in zoveel mogelijk scholen, hogescholen, universiteiten en faculteiten en dat in alle steden. Vanuit de vakbonden wordt opgeroepen tot een actieplan met nationale betogingen, regionale stakingen en uiteindelijk een algemene nationale staking. Laat ons met de scholieren en studenten ditzelfde tempo volgen door op dezelfde dagen scholieren- en studentenbetogingen en stakingen te organiseren. De strijd van de arbeiders tegen de verhoging van de pensioenleeftijd of de indexsprong is ook de strijd van de jongeren. Omgekeerd is de strijd van de jongeren tegen hogere kosten voor onderwijs ook die van de arbeiders.

We staan nog aan het begin, maar het potentieel voor een gezamenlijke beweging is sinds zeer lang niet zo groot geweest. We mogen deze rechtse regeringen de kans niet geven te spelen met onze toekomst. Laten we onze toekomst zelf in handen nemen door mee te bouwen aan een beweging waarmee we deze regeringen weg krijgen om plaats te maken voor een alternatief waarin de behoeften van de meerderheid van de bevolking centraal staan. Daarvoor zullen we het geld moeten halen waar het zit, bij de rijkste 1%. ALS staat voor een socialistisch alternatief op het kapitalisme, het huidige systeem biedt de meerderheid van de jongeren immers geen toekomst.

Print Friendly, PDF & Email