Draai naar links in Duitsland?

Op het nationaal congres van de sociaal-democratische SPD werd een zogenaamde bocht naar links aangekondigd. Uit een peiling blijkt dat een grote meerderheid van de bevolking linkse eisen steunt, bijvoorbeeld met een verzet tegen de privatisering van de spoorwegen, een verhoging van de pensioenleeftijd, voor de invoering van een minimumloon en voor het terugtrekken van de Duitse troepen uit Afghanistan.

Tijdens het SPD-congres vond een staking van de treinbestuurders plaats die 30 uur staakten voor hogere lonen en een arbeidsduurvermindering met 1 uur. Dit was de langste waarschuwingsstaking sinds WO 2 bij het Duitse spoor. De acties van het spoorpersoneel komt er na een periode van economische groei waar de werkenden niets van hebben gevoeld. Integendeel, de lonen en arbeidscondities lagen verder onder druk.

De metaalarbeiders en anderen kregen loonsverhogingen via collectieve onderhandelingen, maar tegelijk zorgen andere maatregelen voor aanvallen op de lonen. Bovendien valt 40% van de werkende bevolking niet onder collectieve akkoorden. Er zijn steeds meer schandalen over lage lonen, zo werd deze week bekend dat sommige bouwarbeiders aan 2,84 euro per uur werken. Dit soort feiten maakt de eis voor een algemeen minimumloon steeds populairder. Een dergelijk minimumloon wordt naar voor gebracht door de Linkse Partij en de SPD (ook al vragen die slechts een heel laag minimumloon). Het wordt tegengehouden door de conservatieve regeringspartner CDU.

Linkse partij geeft uitdrukking aan enorme woede

Het neoliberale beleid van de afgelopen jaren heeft een belangrijke impact gehad op het bewustzijn van bredere lagen van de bevolking. Uit een peiling afgelopen zomer bleek dat een meerderheid van de bevolking een aantal linkse eisen steunt: de noodzaak van een minimumloon, verzet tegen privatiseringen,… Zelfs zonder grote bewegingen zorgt dit voor een grote druk op de traditionele partijen. Dat wordt versterkt door het bestaan en de opgang van de nieuwe Linkse partij. De “Linksen” is een fenomeen met veel tegenstrijdigheden: het is een fusie van de voormalige stalinistische PDS uit Oost-Duitsland en de nieuwe formatie WASG. De Linksen staan in de peilingen op 13%. In Oost-Duitsland neemt de partij deel aan regeringscoalities en voert het een asociaal beleid met privatiseringen en besparingen, maar op nationaal vlak wordt het gezien als een oppositiepartij die opkomt voor de belangen van de werkenden en hun gezinnen.

Oskar Lafontaine, de leider van de Linksen, stelt dat vrijheid pas mogelijk is op basis van socialisme. Hij verdedigt het recht op een algemene staking (wat nog niet erkend is in Duitsland). Dat zorgt voor een zeker enthousiasme voor de partij. Anderzijds is er de ervaring met de PDS in het oosten van Duitsland en het verleden van Lafontaine als voorzitter van de sociaal-democratische SPD die leiden tot enig scepticisme onder de meest bewuste lagen.

SPD naar links?

De sociaal-democratische SPD lag de afgelopen jaren onder vuur. Het was een rood-groene coalitie onder leiding van Schröder die het besparingsplan Hartz 4 en andere neoliberale maatregelen oplegde. Dat leidde tot massale bewegingen, grote betogingen en uiteindelijk de opkomst van de nieuwe formatie WASG op basis van dit protest. De SPD werd bij verkiezingen afgestraft en uiteindelijk vormde het een “grote coalitie” met de christen-democratische CDU.

De SPD wordt geconfronteerd met de conservatieve CDU in de regering en anderzijds de opkomende Linksen in de oppositie. Om daar iets tegen te doen, besloot de SPD-leiding om zichzelf een “socialer” gezicht aan te meten door op te komen voor een minimumloon en bepaalde beperkte aanpassingen aan de maatregelen van Agenda 2010. Zo verklaarde partijvoorzitter Kurt Beck dat hij de termijn dat werklozen een uitkering krijgen wil verlengen. Anderen in de partij, met name de ministers, verzetten zich tegen dat voorstel maar het partijcongres van de SPD keurde het voorstel goed.

De retoriek van de SPD wordt jammer genoeg niet gebruikt door de vakbondsleiding of de Linksen om een campagne op te starten voor de volledige terugtrekking van Agenda 2010. Ze beperken zich eveneens tot het eisen van “aanpassingen”. De SAV, onze Duitse zusterorganisatie, is hierop een campagne gestart om de volledige intrekking van Agenda 2010 te eisen.

Historische spoorstaking

De treinbestuurders eisen een grote loonsverhoging (met een minimumloon van 2.500 euro bruto per maand) en een arbeidsduurvermindering met één uur per week. Deze eisen komen na jaren van aanvallen op de lonen en slechtere arbeidscondities. De leiding van ‘Transnet’ (de belangrijkste spoorbond en onderdeel van de vakbondsfederatie DGB) stemde jarenlang in met aanvallen op de arbeiders en zelfs met de privatisering van de spoorwegen. Hierdoor sloot een meerderheid van de treinbestuurders intussen aan bij de kleinere vakbond van treinbestuurders: de GDL (dat geen deel uitmaakt van de DGB). Bij het ander spoorpersoneel is een meerderheid wel aangesloten bij de DGB.

Transnet en een andere kleinere vakbond gingen in de lente van dit jaar akkoord met een loonsverhoging van 4,5%. GDL eist echter een apart contract voor treinbestuurders met hogere loonsverhogingen. Er volgde een oproep om te staken, maar dat werd verboden door de rechtbank. Een nieuwe rechterlijke uitspraak op 3 november verklaarde dat alle stakingen legaal zijn. Hierop organiseerde GDL een staking die 30 uur duurde. Ondanks de hinder voor reizigers, verklaarde 66% van de bevolking dat ze de stakingsactie “begrijpen”. De voorbije weken steeg dat cijfer.

De stakingsactie heeft geleid tot controversiële discussies in de vakbonden en de linkerzijde. Zowat iedereen is het eens met het feit dat verzet nodig is tegen rechterlijke beslissingen die stakingen verbieden, maar een groot deel van de vakbondsleiding en zelfs van linkse groepen (zoals de DKP en delen van de Linksen) stellen dat de GDL-stakingsacties de arbeiders “verdelen” omdat ze proberen “privileges” af te dwingen voor een deel van de arbeiders.

Wij stellen dat de bestuurders een terechte strijd voeren en daarom ook onze steun verdienen. De verantwoordelijkheid van de rechtse leiding van Transnet in het verdelen van de arbeiders is groot. Het is hun houding die de GDL heeft groot gemaakt. Een succesvolle staking van de treinbestuurders kan door andere arbeiders gebruikt worden om eveneens hogere lonen te eisen of om in strijd te gaan.

Als marxisten komen we op voor de eenheid van de arbeidersklasse in strijd, maar dat betekent niet noodzakelijkheid eenheid in één organisatie (zowel op syndicaal als politiek vlak). De houding van de DGB-leiding tegenover de stakingsacties van de GDL is hypocriet: moest de DGB-leiding strijd organiseren, zou dit zorgen voor eenheid. Bij de spoorwegen lijkt de leiding van Transnet eerder eenheid na te streven met het management dan met andere vakbonden. De acties van GDL kunnen de basis leggen voor verenigde strijd van alle spoorarbeiders. Bij de acties van de treinbestuurders moet steeds de nadruk gelegd worden op eenheid met andere delen van het spoorpersoneel zodat de directie geen “verdeel en heers” politiek kan voeren om de actie te breken.

Neen aan de privatisering van de spoorwegen

Op dit ogenblik wordt de privatisering van Deutsche Bahn op de agenda geplaatst. De SPD moest haar standpunt voor de privatisering wat bedekter maken omwille van de massale afkeer tegenover een dergelijke maatregel. De CDU wil echter een duidelijke privatisering. De stakingsacties van de treinbestuurders voeren de druk tegen een privatisering op, ook al verzet de GDL zich niet uitdrukkelijk tegen een privatisering. Een spoorwegbedrijf met een zelfverzekerde en sterke vakbond van treinbestuurders is echter minder interessant voor private investeerders.

Mogelijk zal het tot een compromis komen, maar het patronaat kan eventueel ook aandringen op een escalatie van het conflict. De directie van de spoorwegen zou zich wel eens serieus kunnen misrekenen, de steun en de sympathie voor het spoorpersoneel neemt immers toe.

SAV neemt deel aan solidariteitscampagnes voor de treinbestuurders. In heel wat steden nemen we deel aan stakingsposten (ook al organiseert GDL jammer genoeg niet altijd stakingsposten). In Berlijn organiseerden we samen met leden van de GDL en anderen een publieke meeting met 70 aanwezigen voor het hoofdkwartier van Deutsche Bahn. In Aken bediscussieerde de GDL-afdeling haar verhouding tot SAV en besliste de vakbondsafdeling om systematisch samen te werken en om vertegenwoordigers van SAV uit te nodigen naar vergaderingen van het stakingscomité.

Potentieel voor links moet gerealiseerd worden

De situatie in Duitsland kent heel wat tegenstrijdigheden op dit ogenblik. De steun voor de regering neemt af en de “publieke opinie” gaat in de linkse richting. De regeringspartijen kijken vol spanning uit naar de belangrijke regionale verkiezingen in 2008 en de algemene verkiezingen in 2009. Tegelijk is er weinig algemeen verzet of beweging. Strijdbewegingen blijven grotendeels geïsoleerd per sector of onderdeel van de arbeidersbeweging. De nieuwe partij van de Linksen stijgt in de peilingen en kent een beperkte toevloed van nieuwe leden, maar treedt niet op als strijdbare partij binnen de arbeidersklasse. De situatie is potentieel explosief, maar het ontbreekt aan krachten die gebruik maken van deze situatie.

Als de arbeidersbeweging geen strijdbare alternatieven aanbiedt, is er een groter potentieel voor extreem-rechtse en neo-fascistische groepen die met een populistische of zelfs anti-kapitalistische retoriek vooruit gaan bij verkiezingen en tegelijk ook actiever worden en hierdoor een grotere bedreiging vormen.

Er is nood aan een strijdbare en socialistische leiding in de vakbonden en bij de Linksen. Enkel dan kan het potentieel voor verzet gerealiseerd worden en kan de arbeidersklasse in het offensief gaan. Als marxisten moeten wij tussenkomen om zo een verschil te maken en een voorbeeld te geven dat kan worden overgenomen door arbeiders die in strijd gaan.

Dit vind je misschien ook leuk...