Venezuela: contrarevolutie bestrijden met een socialistisch beleid, geen kapitalistisch

Op 1 mei kondigde president Maduro de vorming van een Grondwetgevende Vergadering aan om “de vrede te bekomen waar de Republiek nood aan heeft (…) om de fascistische staatsgreep te verslaan (…) zodat het het volk en zijn soevereiniteit is die vrede, harmonie en echte nationale dialoog opleggen.”

Verklaring van Izquierda Revolucionaria en Socialismo Revolucionaria (CWI in Venezuela)

Deze verklaring komt er in een context van diepgaande economische en sociale crisis met een inflatie van 700% (3.000% voor voedselprijzen) en een duidelijke erosie van de vele hervormingen en sociale verworvenheden die de afgelopen jaren werden bekomen. Zo werden duizenden werkenden afgedankt. De armoede liep terug onder Chavez, maar neemt nu terug spectaculair toe. Dit versterkt het geweld in de steden, de onveiligheid, marginalisering, …

De Venezolaanse rechterzijde, verenigd in MUD, gebruikt deze situatie op opportunistische en hypocriete wijze om er voordeel uit te halen. De burgerlijke parasieten van de MUD hebben echter geen alternatief voor de werkenden en de bevolking, het programma van rechts is dezelfde nachtmerrie als wat Temer in Brazilië doet of Macri in Argentinië.

Een overwinning van de contrarevolutionaire rechterzijde in Venezuela is een reële mogelijkheid geworden. De fundamentele reden hiervoor is dat de regering-Maduro geen socialistisch beleid voert, integendeel. Hij doet de ene toegeving na de andere aan de nationale en internationale kapitalisme en voert besparingen uit die ingaan tegen de sociale basis die het revolutionaire proces heeft ondersteund.

De werkende klasse en de armen deden al het mogelijke om een socialistische revolutie te bekomen met arbeidersdemocratie om zo de contrarevolutionairen te verslaan. De regering spreekt dan wel nog over socialisme en revolutie, maar voert ondertussen een kapitalistisch beleid dat de massa’s enkel demoraliseert en demobiliseert.

Contrarevolutionaire strategie en tegenstellingen in de staat

De internationale kapitalisten en de MUD reageerden geschokt op het bijeenroepen van een Grondwetgevende Vergadering. Met het gebruikelijke cynisme hebben dezelfde mensen die de staatsgreep van 2002 organiseerden en de democratisch verkozen president Chavez opsloten, het parlement ontbonden en de grondwet opschorten (ook al werd die in een referendum door 87% van de bevolking gesteund), deze mensen hebben het nu over een ‘staatsgreep’ en een ‘dictatuur’ waarbij ze krokodillentranen laten over de bedreiging van de ‘vrijheden’ in Venezuela.

De wanhoop van de MUD en de imperialisten in hun verwerping van de Grondwetgevende Vergadering komt er niet zomaar. Het doel is om Maduro zo snel mogelijk weg te krijgen, het presidentieel paleis over te nemen en een programma van privatiseringen en harde aanvallen op de werkenden en armen door te voeren waarbij alle progressieve maatregelen van onder Chavez afgebouwd worden. Dit zou overeenstemmen met de eisen van hun broodheren: het IMF en de multinationals.

Het huidige parlement, de Nationale Raad, is in december 2015 verkozen en wordt gedomineerd doorde MUD. Dit parlement is een van de belangrijkste instrumenten om de plannen van rechts door te voeren. Aanvaarden dat er een Grondwetgevende Vergadering komt, betekent dat het belangrijke instrument van het parlement wordt opgegeven. Het zou tijd en ruimte geven aan de regering om een betere positie uit te bouwen. Het kan als effect hebben dat de sociale basis van de contrarevolutionaire rechterzijde gedemoraliseerd raakt, zoals dit het geval was met de tactiek die vanaf oktober 2016 op aansturen van het Witte Huis werd toegepast. Toen stelde het imperialisme op basis van de mislukte 12-urenstaking van de MUD vast dat de rechterzijde nog onvoldoende sterk was om het presidentieel paleis te bestormen. De rechtse leiding werd gedwongen om de plannen daartoe uit te stellen en onderhandelingen met de regering aan te gaan. Dit demoraliseerde een deel van de aanhang van de MUD gedurende enkele maanden.

De beslissing van het Hooggerechtshof op 30 maart om de functies van het parlement naar zich toe te trekken, leidde tot een nieuwe situatie. Deze maatregel toonde verdeeldheid in de regering en aan de top van de staat, waardoor Maduro de maatregel moest terugtrekken. De rechterzijde voelde zich hierdoor gesterkt en ging terug de straat op waarbij zeker in het begin significante betogingen werden georganiseerd. Maar nu heeft de rechterzijde nog steeds hetzelfde probleem als acht maanden geleden. Ondanks de economische crisis en het groeiende ongenoegen tegenover de economische en politieke maatregelen die de steun voor de regering ondermijnen, slagen de leiders van de MUD er niet in om een echte band te krijgen met de massa’s (in het bijzonder de armsten.) De oorsprong van de MUD en de klassenbelangen van deze formatie die nauw verbonden is met de kapitalisten en de imperialisten maakt het moeilijk om voldoende druk op straat te kunnen krijgen om een volledige breuk met de leiding van de staat en het leger te bekomen.

De werkonderbrekingen waartoe de MUD de afgelopen weken had opgeroepen, kregen geen steun van een significant deel van de arbeidersklasse. Bovendien is de houding van de werkgevers evenmin enthousiast. Veel werkgevers denken dat een werkonderbreking niet kan leiden tot een andere regering. Ze vrezen dat deelname aan de werkonderbrekingen ertoe zal leiden dat ze geen steun en dollars meer krijgen van de regering, zeker nu de regering geen maatregelen tegen de werkgevers onderneemt.

Veel maatregelen van Chavez die tegen de belangen van de werkgevers ingingen – zoals onteigeningen, oproepen tot arbeiderscontrole en mobilisatie, … – zijn door de regering stopgezet. Heel wat zaken waar de werkgevers al jarenlang op aandringen, worden nu doorgevoerd door Maduro. Het gaat onder meer om prijsverhogingen, flexibiliteit van controles, beperking van de participatie van werkenden, een rem op pogingen van links om revolutionaire vakbonden op te zetten en strijd te voeren voor arbeiderscontrole, afbetaling van de publieke schulden, allianties met nationale en buitenlandse werkgevers om “gemengde bedrijven” en “speciale economische zones” op te zetten.

Met beperkte mogelijkheden om het niveau van straatmobilisaties op te voeren of om geslaagde economische werkonderbrekingen te organiseren, maakten heel wat MUD-leiders en een deel van het imperialisme de afgelopen weken een bocht in de richting van het versterken van acties van fascistische bendes, die door de internationale media worden voorgesteld als ontevreden jongeren die de democratie verdedigen.

Deze bendes organiseren aanvallen op publieke gebouwen en gaan de confrontatie aan met de politie. Op het ogenblik van het schrijven van dit artikel waren er al 45 doden gevallen. Het doel is om het idee te vestigen dat er een situatie van burgerconflict in Venezuela is waarbij er een krachtdadige interventie door internationale imperialistische instellingen (zoals de VN) vereist is. Ze hopen dat democratische druk en sancties de krachtsverhoudingen onder de legertop kunnen keren. Tot hiertoe slaagde rechts daar niet in.

De steun van de militaire leiding voor het organiseren van een Grondwetgevende Vergadering lijkt momenteel unaniem, althans wat de publieke verklaringen betreft. Een van de eerste en meest expliciete steunboodschappen kwam van de minister van Defensie die tevens hoofd van het leger is, Vladimir Padrino. De situatie is echter bijzonder volatiel en kan snel in de ene of de andere richting ontwikkelen. We zagen dit eerder toen de regering het Hooggerechtshof moest terugfluiten toen deze de bevoegdheden van het parlement naar zich toe trok. Het is duidelijk dat er verdeeldheid is binnen het staatsapparaat. Luisa Ortega Diaz, de openbaar aanklager die zich eerder tegen de beslissing van het Hooggerechtshof uitsprak, verklaarde nu dat “de Grondwet van 1999 niet voor verbetering vatbaar is.” Dit was een kritiek op de oproep om een Grondwetgevende Vergadering bijeen te roepen en het werd door een aantal opposanten aangegrepen om de regering voor het geweld verantwoordelijk te stellen.

Momenteel hebben de spanningen binnen het staatsapparaat er niet tot geleid dat het decreet tot het bijeenroepen van een Grondwetgevende Vergadering niet zou ondertekend of gepubliceerd worden. Maar het is niet uitgesloten dat de druk van de MUD en de imperialisten kan leiden tot nieuwe verdeeldheid of aanleiding kan geven tot een crisis in de regering en de leiding van het land.

Indien de regering een oprecht socialistisch beleid zou voeren, waarbij de werkende klasse en de armen het initiatief en de macht in eigen handen hebben om een einde te maken aan corruptie en de sabotage door de kapitalisten en de bureaucratie, dan zou het relatief makkelijk zijn om de contrarevolutionaire plannen te doorkruisen en de Bolivariaanse revolutie van een nederlaag en bureaucratische ontaarding te behoeden. Jammer genoeg gaat het huidige beleid echter in de andere richting.

De contrarevolutie bestrijden met een socialistische politiek, geen kapitalistische

Na de verkiezingsnederlaag van december 2015 eisten duizenden Chavista-aanhangers vanuit de werkende klasse in spontane bijeenkomsten een bocht naar links en de ontwikkeling van de macht van de werkende klasse en het volk. Dat was niet alleen om te strijden tegen het door rechts gedomineerde parlement, maar ook om de macht van de bureaucratie te breken, een bureaucratie die spreek over Chavismo, socialisme en revolutie maar ondertussen de verworvenheden van de revolutie afbreekt.

De regering had voorheen een “gemeenschapsparlement” en een “vaderlandscongres” opgezet. Beiden werden voorgesteld als initiatieven om de macht van het volk te stimuleren en de betrokkenheid van de basis te versterken. Maar het tegendeel was waar. Het “gemeenschapsparlement” werd nooit gebruikt om rechts te bestrijden. Een ontwikkeling ervan zoals de activisten hoopten en eisten, werd niet toegelaten. Het “vaderlandscongres” werd een grote meeting waar eindeloos gesproken werd over de macht van het volk en de “leiding van de revolutie door de arbeidersklasse”, maar zonder enige concrete maatregel om daartoe te komen.

Toen delen van de kritische basis hun stem wilden laten horen of voorstellen deden, werden ze afgedaan als “radicalen”, “ultralinksen”, “stenengooiers” of erger nog: “smeerlappen.” De officiële retoriek had het over de “leiding van de bedrijven door de arbeidersklasse”, maar ondertussen werden duizenden revolutionaire werkenden van RABSA afgedankt. Elders waren er eveneens afdankingen en de verkiezingen binnen de vakbond SUTISS (die SIDOR, het tweede grootste bedrijf in het land vertegenwoordigt) werden uitgesteld uit angst dat kritische linkse militanten het zouden halen. Hetzelfde gebeurde met de verkiezingen in de Verenigde Federatie van Olie-arbeiders FUTPV.

Deze maatregelen gaan gepaard met een economisch beleid zoals prijsstijgingen, loonsverlagingen en zelfs het breken van de loonnormen die door Chavez werden gevestigd. De regering stelt zich erg welwillend op tegenover bedrijven die weigeren om vakbonden te erkennen.

Andere uitdrukkingen van de bocht naar rechts waren de stipte afbetaling van de overheidsschulden aan de bankiers terwijl er bespaard werd op de middelen voor de import van voedsel voor de armen, de opening van de olieregio Orinoco voor gemengde bedrijven en het opzetten van een consortium onder controle van een topmilitair die akkoorden kan sluiten met private bedrijven om natuurlijke grondstoffen te ontginnen. Het regionale beleid van de ‘mijnbouwboog’ laat toe dat 12% van de Venezolaanse gebied met grondstoffen wordt vrijgegeven voor exploitatie door bedrijven zoals Gold Reserve, dat door Chavez het land werd uitgezet. Recenter was er het beleid van de ‘Expo Potencia’ waarbij miljoenen dollars aan de werkgevers werden uitgedeeld.

De zoektocht naar akkoorden met de burgerij gaat zelfs zo ver dat erkenning door het VS-imperialisme, of toch een deel ervan, gezocht wordt. De website Aporrea publiceerde recent bewijzen dat de keten van benzinestations CITGO (eigendom van staatsbedrijf PDVSA) een donatie van 500.000 deed aan de campagne van Donald Trump – zogezegd om ervoor te zorgen dat Venezuela beter zou behandeld worden door de nieuwe Amerikaanse president. Deze informatie werd tot dusver niet betwist door regeringsleiders.

Al deze elementen zijn in tegenstelling tot wat de revolutionaire basis hoopte geen toevalligheden. In de praktijk is het doel om tot socialisme te komen onder leiding van de werkenden en het volk volledig opgegeven en vervangen door een poging om een model van staatskapitalisme uit te bouwen, in alliantie met het Russische en Chinese imperialisme (die voorgesteld worden als ‘vrienden van het Venezolaanse volk’) en delen van de Latijns-Amerikaanse heersende klasse.

Vormt de Grondwetgevende Vergadering een bocht naar links?

Zal het bijeenroepen van de Grondwetgevende Vergadering leiden tot een ander beleid? Bij sommigen aan de basis van de PSUV en de Bolivariaanse regering, zelfs wie de afgelopen maanden kritisch stond tegenover de regering, is er een zekere hoop dat dit het geval zal zijn. Een andere laag van activisten en revolutionaire militanten blijft erg kritisch over de maatregel en vertrouwt het niet.

Maduro en andere leiders van de PSUV hebben het over een Grondwetgevende Vergadering van de arbeidersklasse en het volk. “Ik roep op tot een raad van burgers, niet van partijen of elites, een raad van arbeiders, communes, boeren, feministen, jogneren, studenten, inheemse mensen, maar bovenal een echte arbeidersraad, met de arbeidersklasse die beslissend is en diepgeworteld in de gemeenschap,” stelde Maduro.

In latere verklaringen werd duidelijk gemaakt dat minstens 250 leden van de Grondwetgevende Vergadering zouden verkozen worden door sectoren en gilden. Er werd gesproken over vertegenwoordigers van sociale projecten, werkenden, gepensioneerden, gemeenteraden, … Het is echter nog niet duidelijk wie hoeveel afgevaardigden zou hebben. Een aantal extreemrechtse critici herhalen paradoxaal genoeg wat enkele onkritische linkse verdedigers van de regering beweren, met name dat de Grondwetgevende Vergadering met sovjet-democratie kan vergeleken worden. Het heeft niets te maken met sovjets – verkozen organen die permanent afzetbaar zijn en waarmee de arbeidersklasse en de boeren in Rusland 100 jaar geleden de macht namen om te bouwen aan een revolutionaire socialistische staat.

Moest dit wel het geval zijn, dan zou het een enorme stap vooruit zijn. Maar de Grondwetgevende Vergadering heeft niets te maken met het ontwikkelen van organen van arbeidersmacht. Arbeidersdemocratie in de vorm van sovjets – namelijk raden van werkenden, boeren en soldaten die gevestigd worden als revolutionaire machtsorganen in de overgang naar socialisme die de ruggengraat vormen van een arbeidersstaat – kunnen enkel het resultaat zijn van sterke onafhankelijke acties van onderuit door de werkenden zelf. Dit kan niet bereikt worden door maatregelen van bovenaf, zeker niet door een regering die tegelijk tot akkoorden met de heersende klasse wil komen.

De ontwikkeling van de macht voor de arbeiders en armen betekent de vernietiging van de burgerlijke staat en zijn privileges, wetten en repressieve instrumenten (ministeries, burgemeesters, leger en politie die allemaal los van het volk staan) en de vervanging ervan door de macht van de arbeidersklasse die democratische controle heeft op de nieuwe socialistische staat in vorming, met democratisch verkozen en afzetbare raden van afgevaardigden die steeds verantwoording verschuldigd zijn aan wie hen verkoos. Geen enkele verkozen vertegenwoordiger mag meer verdienen dan het loon van een geschoolde arbeider. Dit moet gepaard gaan met de onteigening van de belangrijkste bronnen van de productie (bedrijven, grond en banken) die democratisch beheerd kunnen worden in een geplande economie waarin de noden van de bevolking centraal staan.

Het bijeenroepen van een Grondwetgevende Vergadering door de regering is echter geen revolutionaire maatregel. Het is niet op de hierboven vermelde doelstellingen gericht. Er is geen plan om de grote bedrijven, de grond of de banken onder de directe democratische controle van de werkenden en armen te plaatsen. Integendeel. Het doel van de nieuwe Grondwetgevende Vergadering en andere maatregelen van de regering is om het staatsapparaat, dat nog steeds burgerlijk is, te versterken en om tot akkoorden te komen met de nationale en de internationale kapitalisten. Dit moet verworpen worden door al wie ingaat tegen het kapitalisme en tot een socialistische samenleving wil komen.

In de negen doelstellingen die Maduro voor de Grondwetgevende Vergadering aanhaalde, wordt socialisme niet vermeld. Het wordt vervangen door de belofte van een zogenaamd ‘post-olie economisch model’. Hetzelfde met de macht van het volk, arbeiderscontrole en oproepen tot mobilisatie tegen de bureaucratie. Er wordt gesproken over de nood aan een alliantie met de werkgevers om te komen tot een “Venezuela voor iedereen.” Tot hiertoe had de regering meer bijeenkomsten met vertegenwoordigers van de werkgevers om de nieuwe voorstellen te bespreken, dan met gelijk welke andere groep in de samenleving.

De werkenden en armen organiseren voor een revolutie in de revolutie om de kapitalisten en bureaucraten te stoppen

Een van de argumenten van de verdedigers van de Grondwetgevende Vergadering is dat er gezien het offensief van de contrarevolutie en de internationale druk “niets anders kan gedaan worden.” Is dit zo? Neen! We kunnen en moeten iets anders doen. We kunnen en moeten doen wat de basis al een tijdje eist en wat zelfs Chavez vlak voor zijn dood stelde: naar links keren en een revolutie binnen de revolutie doorvoeren om de macht over te nemen van diegenen die ze vandaag uitoefenen en de economie de afrond injagen: de kapitalisten en de bureaucraten. De macht moet in de plaats hiervan in handen komen van de werkenden en armen. Alleen de werkenden en onderdrukten kunnen dit bekomen. Hoe? Door een Revolutionaire Vergadering van verkozen en afzetbare vertegenwoordigers te organiseren vanuit de fabrieken, het platteland en de kazernes, door een socialistisch programma aan te nemen waarmee de kapitalisten en de ‘Bolivariaanse’ bureaucraten worden bestreden. Zij beweren socialistisch te zijn, maar hebben miljoenenbelangen in gezamenlijke bedrijven met de kapitalisten en doen er alles aan om de revolutionaire verworvenheden af te bouwen. Ze controleren een groot deel van het staatsapparaat.

Als er verkiezingen komen voor de Grondwetgevende Vergadering, waar erg waarschijnlijk lijkt op dit ogenblik, en deze enkel in dienst staan van leiders die ingaan tegen de arbeidersklasse, dan blijven alle problemen die tot de huidige situatie van demoralisatie onder de massa’s en opgang van de contrarevolutie geleid hebben bestaan. Diegenen die socialistische retoriek gebruiken en de beeltenis van Chavez om zichzelf aan de macht te houden en privileges op te stapelen, terwijl de bevolking gebukt gaat onder tekorten en inflatie, kunnen geen leiding geven.

Dat is de enige manier om een overwinning van de burgerlijke contrarevolutie te vermijden, een contrarevolutie vertegenwoordigd door de MUD en het imperialisme, maar ook door de bureaucratische ontaarding van de regering die de revolutionaire verworvenheden vernietigt en de macht van het kapitalisme versterkt. Werkenden en armen die in het verleden de revolutie vooruit stuwden en verdedigden tegen de aanvallen door het imperialisme en de contrarevolutie, moeten zich mobiliseren en onafhankelijk organiseren om onze rechten en eisen te verdedigen en op te komen voor de revolutionaire verworvenheden die bedreigd zijn.

Op 1 mei discussieerden heel wat basisorganisaties van de Chavista-beweging, organisaties die kritisch staan tegenover de regering, over het vormen van een eenheidsfront waarbij ze kritische delen van de PSUV willen verenigen rond een revolutionair beleid. Dat is de weg vooruit. Enkel het volk kan een uitweg bieden. Enkel de eenheid van de jongeren, boeren, arbeiders en revolutionaire soldaten in de strijd voor een programma dat anti-kapitalistisch, socialistisch, internationalistisch en anti-bureaucratisch is, om alle politieke en economische macht in handen van de arbeidersklasse te brengen, kan een tragische nederlaag voor de Venezolaanse revolutie vermijden.

Print Friendly, PDF & Email