Draai naar links door PS: paniekreactie op de opmars van de PTB of is er meer aan de hand?

Foto: PPICS

Foto: PPICS

Wat gebeurt er toch bezuiden de taalgrens? De regeringen van Brussel en Wallonië blokkeerden het Europees-Canadees handelsverdrag (CETA), nochtans nog maar een lauw opstapje vergeleken bij het nog veel meer gecontesteerd Transatlantische Verdrag (TTIP). De PS haalt arbeidsduurvermindering en economische democratie van onder het stof, traditionele eisen van de arbeidersbeweging die al tientallen jaren verbannen waren naar de programma’s van de radicale linkerzijde. Is het slechts paniek omwille van de opmars van de PTB of is er meer aan de hand? Een artikel door Eric Byl.

Platgelopen paden van de traditionele politiek worden verlaten

Het kerstprogramma (1945) van de CVP, van de wederopbouw na WOII, droeg de titel “Wie zal de bouwmeester zijn?” Zo wierp de CVP zich op als ‘leider van de natie.’ Ze kon dat, zoals veel andere traditionele partijen in Europa, omdat een deel van de gigantische welvaartstoename van de naoorlogse bloeiperiode besteed werd aan het afkopen van sociale vrede. Dat moest door de sterkte van de arbeidersbeweging en het bestaan van een alternatief systeem onder de vorm van de stalinistische karikaturen van socialisme in het Oosten. Dat dit niet de regel maar de uitzondering was, bleek vanaf de crisis in het begin van de jaren ’70. Massale structurele werkloosheid deed toen blijvend haar intrede en kapitaalbezitters eisten dat de winsten gevrijwaard bleven ten koste van lonen, arbeidscondities en sociale uitgaven.

Alle traditionele partijen, ook de volkspartijen, de sociaaldemocratie en in Italië zelfs de communistische partij, aanvaardden dit, zelfs als daarvoor ideologie en programma overboord moesten. Het holde hun autoriteit uit en leidde onder andere in Vlaanderen tot politieke versplintering. De besparingspolitiek leverde echter slechts een nieuwe Grote Recessie (2008-2009) op. Dat traditionele politici geen oplossingen bieden werd steeds duidelijker, niet voor de klimaatcrisis, de vluchtelingenstroom, de militaire conflicten of de relance van de wereldhandel, noch voor kansarmoede, mobiliteit, het nationale vraagstuk, tewerkstelling, vergrijzing, …

Dat is waarom steeds meer mensen de platgelopen paden van de traditionele politiek verlaten. Eerst kanaliseerden vooral rechtse en extreemrechtse populisten dat. Schatrijk of met schatrijke sponsors, beschikken ze over middelen om de woede af te leiden naar “werkloze profiteurs”, “economische vluchtelingen”, “luie zuiderlingen”, … Het is een belangrijk en gevaarlijk verschijnsel, maar vooral gebaseerd op wie individueel een oplossing zoekt en niet uitkijkt naar maatschappelijke krachten. Veel belangrijker is dat ook maatschappelijke groepen de traditionele politiek de rug toekeren. Het verklaart de opkomst van nieuwe linkse formaties die een reële bedreiging vormen voor de kapitalistische heerschappij omdat hun aanwezigheid sociale actie stimuleert en hoop doet opleven. Syriza in Griekenland, tot de leiding helaas door de knieën ging. Podemos in Spanje, Die Linke in Duitsland, de Socialistische Partij in Nederland, Anti Austerity Alliance – People Before Profit in Ierland, … Het fenomeen verspreidt zich als een olievlek. Peilingen geven aan dat de PVDA-PTB, zeker in Wallonië (16%) en Brussel (11%), haar plaats in dat rijtje opeist.

Bocht naar links bij de PS?

Dat ze er bij de PS niet gerust in zijn, zal wel. De toepassing van een vierdagenweek aan het loon van een vijfdagenweek voor het gemeentepersoneel van Sint-Joost en sommige amtenaren ouder dan 60 in Wallonië, moet aantonen dat de PS niet alleen praat over arbeidsduurverkorting, maar het uitvoert. Natuurlijk zal de PS dat niet uitbreiden naar alle werknemers van de openbare diensten of opleggen aan de privé. Het mag de vakbonden er niet van weerhouden die eis in te zetten als centraal strijdmiddel tegen de werkloosheid in alle sectoren.

Haar voorstel voor ‘dubbelmacht’ in de bedrijven, waarbij de raad van bestuur haar beslissingsrecht moet delen met een raad van werknemers, ziet de PS wellicht als pasmunt om niet te moeten spreken over socialisme. Er is een reëel gevaar dat dit leidt tot klassencollaboratie of medebeheer zoals in Duitsland. Maar strijdbare delegaties kunnen het ook aangrijpen om de macht van de aandeelhouders te betwisten en het omvormen tot een feitelijk vetorecht voor de arbeiders. Het zou in dat geval niet lang duren vooraleer de aandeelhouders hun biezen pakken. Nationalisatie zonder schadeloosstelling onder controle van de gemeenschap en de arbeiders zou dan de enige uitweg zijn. Als het de PS echt menens was, waarom dan niet beginnen bij Caterpillar?

Maar er speelt nog wat anders. In Griekenland werd PASOK electoraal van de kaart geveegd. De Nederlandse PvdA zou van 38 naar 10 zetels terugvallen. De Spaanse PSOE werd ingehaald door Podemos. Hollande in Frankrijk haalt wellicht de tweede ronde van de presidentsverkiezingen niet. De sociaaldemocratie zit in een diepe crisis terwijl de trend naar links zich uit in allerlei varianten van nieuwe formaties. Sinds kort is die trend zo sterk geworden dat Sanders in de VS in staat was een ‘politieke revolutie’ op gang te trekken via de voorverkiezingen van de Democratische partij. In het Verenigd Koningkrijk vond die trend een uitlaatklep via Corbyn in de voorzittersverkiezingen van Labour.

Met de afgrond voor ogen komen sommige sociaaldemocraten tot inkeer, ook al omdat steeds meer burgerlijke commentatoren eveneens pleiten voor een politiek van publieke investeringen. In Nederland werpt een backbencher zich plots op als linkse kandidaat voor het PvdA-lijsttrekkerschap. In Spanje organiseert de rechtervleugel van de PSOE een coup tegen partijleider Pedro Sanchez uit ongenoegen om diens weigering een PP-minderheidsregering toe te staan. In Franstalig België gooit de partijtop van de PS zelf het stuur fors om. Terwijl Corbyn de uitdrukking werd van een beweging van onderuit, is hun draai veeleer een wanhopige overlevingspoging van bovenaf. In tegenstelling tot Sanders of Corbyn genieten ze niet van een reputatie van standvastigheid, geloofwaardigheid en integriteit. Het is bijgevolg verre van zeker hoever ze ermee zullen geraken, maar dat de crisis van de sociaaldemocratie een nieuwe fase intreedt, is onbetwistbaar.

LSP zal iedere stap vooruit voor de arbeidersbeweging, hoe klein ook, blijven ondersteunen, maar niet zonder te waarschuwen voor valse illusies. De beste garantie tegen ontgoocheling door het niet nakomen van valse beloftes, is door de beweging van onderuit op te bouwen en democratische inspraak te eisen op elk niveau. Zeker in de PS, maar ook in de vakbond en de PVDA ligt er wat dat betreft nog heel wat werk voor de boeg.

Print Friendly, PDF & Email