Oekraïense crisis blijft duren, toekomst hangt af van werkenden

Porosjenko en Merkel (foto: Wikimedia)

Oekraïne kent een van de ergste crisissen in Europa. Binnenkort zijn er opnieuw verkiezingen. Maar de werkenden, jongeren en al wie een democratische en vrije samenleving wil waarin economische en sociale noden gegarandeerd worden, hebben opnieuw geen stem.

Analyse door Rob Jones (Moskou) en Alexandr Shurman (Kiev)

In 2013 was er het massaprotest van ‘Euromaidan’. Dit luidde het einde in van de regering-Janoekovitsj. Bij gebrek aan een links alternatief kwam er een neoliberale pro-EU regering, gesteund door extreemrechts, aan de macht. De Oekraïense werkende klasse en jongeren betalen daar een prijs voor. Het militaire conflict in Oost-Oekraïne slorpt heel veel middelen op en zorgt bovendien voor een enorme menselijke tol. Er zijn al duizenden doden gevallen. Oekraïne was ooit een van de rijkste delen van de Sovjet-Unie, maar is volgens het IMF nu na Albanië en Moldavië een van de armste landen van Europa.

Voor Euromaidan waren er veel illusies dat een toenadering tussen Oekraïne en de EU zou zorgen voor minder corruptie, een betere levensstandaard en, zeker in vergelijking met het steeds meer autoritaire Rusland, meer sociale en politieke vrijheden. Sinds 2013 is de realiteit van de EU-positie duidelijk geworden. Samen met het IMF heeft de EU voor ongeveer 10 miljard euro financiële steun gezorgd. Dit was echter geen directe steun, het ging om kredieten. Bovendien was het amper voldoende om het verschil te maken. In ruil voor dit krediet worden zware eisen gesteld rond de levensstandaard. Zo waren er sterke prijsverhogingen voor gas en huisvesting en werden 20 van de grootste overheidsbedrijven geprivatiseerd. Tegelijk verloor Oekraïne in 2016 alleen meer dan 50 miljard euro omwille van de oorlog.

Het is onwaarschijnlijk dat de EU de steun significant zal opvoeren. De EU wil geen door crisis getroffen land onder haar hoede op een ogenblik dat er al genoeg andere problemen zijn: de begrotingscrisis, Brexit, migratie en de groei van rechts populisme.

Ondanks de huidige globale economische crisis is de wereldeconomie sinds de ineenstorting van de Sovjet-Unie verdrievoudigd in omvang. In dezelfde periode kende Oekraïne een groei van slechts 10%. Volgens officiële cijfers is het “gemiddeld” loon sinds 2013 meer dan verdubbeld van 3619 Hryvnia tot 9.042. De waarde van dit gemiddeld loon zakte evenwel van 443 tot 321 dollar. De nominale groei gaf de indruk van betere levensvoorwaarden, maar de prijzen stegen zo hard dat alle vooruitgang als sneeuw voor de zon smolt. Elektriciteit is nu vier keer zo duur, huurprijzen verdubbelden, gas is zeven keer duurder, water vier keer, verwarming 16 keer en warm water vijf keer. Ook voedsel werd een pak duurder. De situatie is zo erg dat de doorgaans inerte vakbondsleiders mobilisaties gestart zijn tegen de prijsverhogingen en voor het optrekken van het minimumloon. In oktober namen duizenden mensen deel aan een betoging in Kiev rond deze eisen.

Gevolgen van het neoliberale economische beleid

Aanhangers van de pro-Westerse neoliberale maatregelen van president Porosjenko beweren dat de Oekraïense economie nu aan een bescheiden tempo groeit omwille van de hervormingen die doorgedrukt worden op vraag van de EU en het IMF. De realiteit is complexer.

Sinds Euromaidan is het BBP met 16% afgenomen. Dit komt deels, maar niet volledig, door de crisis in Donetsk en Loegansk – twee van de meest geïndustrialiseerde regio’s van Oekraïne. Het resultaat van de hervormingen van de EU en het IMF was dat prijs voor dagelijkse behoeften duurder werd, waardoor de binnenlandse consumptie een krimp kende. De corruptie bleef welig tieren en een groter deel van de rijkdom van het land werd naar de oligarchen doorgeschoven.

De bescheiden, bijna verwaarloosbare, groei sinds 2015 is vooral het resultaat van een meer gunstige positie op de globale grondstoffenmarkten, een daling van de energiekosten en het weer dat een toename van de graanexport mogelijk maakte. Bovendien was er een gunstige markt voor IT-diensten. De export van deze diensten is nu goed voor een waarde die groter is dan die van de export van de volledige industrie.

De oriëntatie op de EU leidt echter tot andere spanningen. De zware industrie in het oosten was in het verleden beslissend voor de Oekraïense economie, maar takelt nu af. Dit komt deels omwille van de nauwe verbondenheid met Rusland, terwijl de nieuwe op export gerichte bedrijven nauwer aansluiten bij de EU. Deze nieuwe bedrijven hebben vaak laagbetaald personeel en kunnen rekenen op erg beperkte grenscontroles. Deze verandering in de economische krachtsverhoudingen zal de spanningen tussen de regio’s enkel verder ten top drijven.

Oorlog houdt aan

De massa’s worden verenigd in hun lijden onder de economische crisis, maar ze zijn verdeeld door de oorlog. De menselijke kost van de oorlog in Oost-Oekraïne is volgens het laatste VN-rapport opgelopen tot 13.000 doden en 1,7 miljoen interne vluchtelingen in Oekraïne bovenop een miljoen mensen die naar het buitenland getrokken zijn, vooral naar Rusland. Het is ongelofelijk dat in de 21ste eeuw nog loopgraven voor een oorlog worden gegraven. Een economische analyse schat dat tot 20% van het BBP van Oekraïne naar het conflict gaat.

De onderhandelingen in Minsk, de Normandische groep of andere initiatieven hebben allemaal gefaald. Er werd meer dan 20 keer een wapenstilstand aangekondigd en even snel terug gebroken. Beide kanten minimaliseren de eigen verliezen en overdrijven die van de overkant. Wat het echte cijfer ook is: er zijn elke week verslagen van inbreuken op wapenstilstanden en er vallen elke week nog doden.

Nationale kwestie blijft een open wonde

Zo lang de oorlog doorgaat, zal de open wonde tussen de Oekraïense en Russische bevolking standhouden. Het Kremlin bespaart op gezondheidszorg, onderwijs en pensioenen en stelt dat dit nodig is om de Russische belangen te verdedigen. Elke zwakte in de economie wordt aan internationale sancties toegeschreven. Ondertussen blijft de rijkdom van de Russische oligarchen steeds verder toenemen.

Na Euromaidan gebruikten het Kremlin de Russische oligarchen de anti-Russische retoriek van het nieuwe regime in Kiev en de extreemrechtse deelname aan de regering om angst te zaaien onder de etnische Russen en Russischsprekende bevolkingen van Krim en Oost-Oekraïne. Velen geloofden dat hun taal en nationale rechten bedreigd waren. Het schiereiland Krim werd het centrale aandachtspunt voor het conflict tussen het Europese en Amerikaanse imperialisme aan de ene kant en Rusland aan de andere. Rusland kwam tussen om de geostrategische belangen in het ‘nabije buitenland’ te verdedigen.

De meer ambitieuze doelstelling van het Kremlin werd ooit door Poetin zelf naar voren gebracht. Het gaat om het voorstel om Novorossiya te creëren: een nieuwe Russische regio van Odessa tot Transdniestria. Dit voorstel werd opgeborgen omwille van de kost ervan en de politieke moeilijkheden om een groot deel van de Russischsprekende regio’s van Oekraïne in Rusland te integreren. Dat zou immers een pak moeilijker zijn dan met de Krim. Bovendien is het niet mogelijk om de Russische bevolking te overtuigen van een totale oorlog om Donetsk en Loegansk, zeker niet nu de oppositie tegen corruptie, economische stagnatie en het autoritaire beleid van het regime de kop opsteekt. Het Kremlin zorgt dan maar voor voldoende middelen voor de twee republieken om hun militaire, maar ook economische, overleven mogelijk te maken zodat dit als hefboom tegen Kiev kan gebruikt worden.

Socialisten steunen het recht van de bevolking van de Krim om vrij en zonder enige vorm van dwang over hun toekomst te beslissen, of het nu gaat om een grotere autonomie binnen Oekraïne, onafhankelijkheid of als onderdeel van Rusland. Maar zoals de ervaring met de toetreding tot het autoritaire en kapitalistische Rusland heeft aangetoond, zorgt een loutere wijziging van loyaliteit tussen kapitalistische machten voor weinig verandering.  Rusland beloofde veel hogere levensstandaarden, maar daar kwam niets van in huis: de Krim is een van de armste regio’s van Rusland en kampt met erg hoge prijzen. Infrastructuurproblemen met water en elektriciteit zijn niet opgelost. Veel Oekraïners zijn vertrokken of gedwongen om het Russische staatsburgerschap aan te nemen, terwijl de Tataren voortdurend wordt lastiggevallen. Mensen die al hun hele leven op het schiereiland wonen, merken dat de betere banen en plaatsen in overheidsinstellingen worden ingenomen door Russen die door het Kremlin zijn aangesteld.

Oekraïense elite heeft geen oplossing om de oorlog te stoppen

De oorlogszuchtige opstelling van de Oekraïense elite gaat door. Nu er verkiezingen op komst zijn, houdt Porosjenko toespraken op internationale fora waarin hij eist dat er een einde komt aan de Russische agressie. Dit is vooral op een binnenlands publiek gericht. Hij promoot zijn verkiezingsslogan “Geloof, Leger, Taal” op agressieve wijze. Hij stelt de recente breuk tussen de Oekraïense en Russisch-orthodoxe kerk op gelijke voet met de strijd om lid te worden van de Europese Unie en de NAVO. De uitbreiding van de NAVO – ontstaan tijdens de koude oorlog als bondgenootschap van westerse imperialistische mogendheden – in Oost-Europa, tot aan de grens met Rusland, lokt al reacties uit van de Russische haviken. Ondertussen maakt de Europese Unie – een ruggengraat van het neoliberale project – graag gebruik van Oekraïense goedkope arbeidskrachten en eist de EU tegelijkertijd dat de huizen- en gasprijzen worden verhoogd.

De verschillende politieke partijen die bij de komende verkiezingen om de macht strijden, hebben de afgelopen jaren allemaal hun gebrek aan economische en sociale oplossingen verborgen achter patriottische retoriek. Dat blijft zo. De leider van de partij Batkivschjenko, Yulia Timosjenko, een vooraanstaand mededinger in de presidentsverkiezingen, heeft de “vorming van een oorlogskabinet” aangekondigd. Ze stelde ook dat zij zal weigeren om de oprichting van een federaal Oekraïne te erkennen, een eis door het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken werd gesteld om de regio’s Donetsk en Lugansk een zekere mate van autonomie te geven en het leger om te vormen tot een professioneel leger. “Rusland,” zegt ze, “zal betalen voor de agressie.” Partijen zoals het “Oppositieblok” en “Voor het leven” die zijn gevormd uit de overblijfselen van de “Partij van de Regio’s” van Janoekovitsj positioneren zich als pro-Oekraïne en “voor een vreedzame oplossing”, maar weerspiegelen over het algemeen slechts de belangen van het Russische buitenlands beleid.

Oorlogsmoeheid neemt toe

Gezien het ontbreken van een echt links alternatief dat bereid is om op te komen voor de economische, sociale, democratische en nationale rechten van alle werkenden en dat in staat is de chauvinistische en oorlogszuchtige retoriek aan beide zijden te doorbreken, is het niet verwonderlijk dat er een polarisatie is van de houding van de bevolking van de twee landen. Russen krijgen te horen dat het land bedreigd wordt door Amerikaanse/NAVO-troepen en dat ze zich achter hun leider moet scharen, terwijl de Oekraïners denken dat hun enige uitweg is om op de EU en de NAVO te vertrouwen. De arbeidersklasse is dus verdeeld langs nationale lijnen in plaats van verenigd in een gezamenlijke strijd tegen corrupt kapitalisme, terwijl de oligarchen en hun corrupte medestanders zichzelf blijven verrijken.

In Rusland is de steun voor de regerende partij en de president echter gedaald tot het niveau van tien jaar geleden. Als we de opiniepeilingen mogen geloven, wil meer dan 70% van de Oekraïense bevolking het einde van de oorlog. Er zijn duidelijke tekenen dat de oorlogsmoeheid toeneemt. Het wordt tijd dat zowel de Russen als de Oekraïners de propaganda van hun heersende elites doorzien en hun eigen onafhankelijke conclusies trekken. Een sterke linkse politieke kracht die pleit voor een duidelijk alternatief op het beleid van de Oekraïense en Russische elite zou dit proces versnellen.

Zwakte van de Oekraïense elite

Hoewel Oekraïne onder Porosjenko autoritairder is geworden, heeft het niet het niveau van Rusland bereikt. Sinds Maidan heeft de Russische propaganda Oekraïne voorgesteld als een “fascistisch” land, maar in zijn streven om dichter bij de EU te komen, moest het Porosjenko-regime meer democratische normen in acht nemen. Het heeft in ieder geval nog steeds een laagje vernis van een “parlementaire democratie” waarin verschillende politieke krachten hun programma kunnen verdedigen en steun van de kiezers hiervoor zoeken bij verkiezingen.

Maar de burgerij is er niet in geslaagd om een politieke kracht te consolideren die in staat is om de steun van een belangrijk deel van de Oekraïense kiezers aan zich te binden. De partij van Porosjenko trekt nu minder dan 10% van de kiezers aan, als we de opiniepeilingen mogen geloven, en hij neemt zijn toevlucht tot ondemocratische methoden om potentiële tegenstanders aan de zijlijn te zetten. Deze situatie heeft ertoe geleid dat de commentator Zenon Zewada het ontbreken van een echte oppositie betreurde en dit toeschreef aan “het morele bankroet van de Oekraïense elite, die er niet in is geslaagd één enkele politieke partij te produceren die in 25 jaar van Oekraïense onafhankelijkheid wordt vertrouwd en gesteund door de bevolking.”

De tragedie van de situatie is dat er een kracht is, de arbeidersklasse, die sterk genoeg is om een echt alternatief te bieden voor de verschrikkingen van het Oekraïense kapitalisme, maar dat er tot nu toe geen politieke trend is ontstaan die de arbeidersklasse kan verenigen en mobiliseren in de strijd om de politieke macht. Dit zorgt voor een echt politiek vacuüm in de samenleving en het politieke leven wordt gedomineerd door ruzies tussen de verschillende clan- en bedrijfsbelangen, waardoor werkende mensen nog meer van de politiek vervreemd raken.

De groei van populisme

Nu er verkiezingen op komst zijn, blijkt uit opiniepeilingen dat geen enkele politieke kracht de steun heeft van meer dan 20% van de bevolking. Tot acht verschillende partijen kunnen parlementairen halen – tragisch genoeg biedt geen van hen een programma aan dat de wanhopige situatie van de Oekraïense massa’s begint op te lossen.

Het is veelzeggend dat ze allemaal meer aandacht besteden aan economische en sociale kwesties dan aan de oorlog in het oosten. Zelfs neoliberale figuren, zoals Yulia Timosjenko, erkennen de diepte van de economische crisis. Dat blijkt uit haar programma ‘Nieuwe koers’. Zij verwerpt de stijgende elektriciteits- en huurprijzen, verzet zich tegen de eis van het IMF om landbouwgrond te privatiseren en verdedigt zelfs nationalisaties – of liever gezegd verzet zich tegen verdere privatiseringen. Ze stelt zich bewust voor als een “sociaaldemocraat,” hoewel ze nog steeds herinnerd wordt voor haar tijd als vicepremier voor energie en vervolgens als premier, toen ze lobbyde voor zakelijke belangen.

Als gevolg van de wijdverbreide wanhoop groeide de steun voor de Burgerstandpartij van Hrytsenko gedurende een periode. Een voormalige legerkolonel, die in de VS is opgeleid, valt ook de oligarchen aan en belooft Poroshenko naar de gevangenis te sturen. Maar zijn echte positie wordt geschetst in een recent interview: “Oekraïners moeten niet bang zijn voor autoritaire praktijken. Het is geen dictatuur die de menselijke waardigheid en mensenrechten onderdrukt. Het woord ‘autoritarisme’ komt van ‘autoriteit’. “Verlicht autoritarisme, zo stelt hij, “brengt een land naar een nieuw, hoger niveau van economische ontwikkeling en democratie. Helaas heeft hij in zijn tijd als minister van Defensie een voorproefje van zijn eigen medicijn gekregen met de opening van een strafzaak tegen hem wegens corruptie.

Als gevolg van de wijdverbreide wanhoop groeide de steun voor de Burgerstandpartij van Hrytsenko een tijdlang. Hrytsenko is een voormalige legerkolonel die in de VS is opgeleid. Hij valt de oligarchen aan en belooft Porosjenko naar de gevangenis te sturen. Maar zijn echte positie wordt duidelijk in een recent interview: “Oekraïners moeten niet bang zijn voor autoritaire praktijken. Het is geen dictatuur die de menselijke waardigheid en mensenrechten onderdrukt. Het woord ‘autoritarisme’ komt van ‘autoriteit’.” “Verlicht autoritarisme,” zo stelt hij, “brengt het land naar een nieuw, hoger niveau van economische ontwikkeling en democratie.” Hij kreeg al een koekje van eigen deeg met het openen van een strafzaak tegen hem voor corruptie toen hij minister van defensie was.

De herrezen krachten van Janoekovitsj’s Partij van de Regio’s, de Partij voor het Leven, en het Oppositieblok bieden weinig nieuws. Het was het beleid van de Partij van de Regio’s die de belangen van het Russische oligarchische kapitalisme vertegenwoordigde dat leidde tot Euromaidan. De Russische belangen zullen proberen in te grijpen in de komende verkiezingen met behulp van hun welbekende methoden van ‘hybride oorlog’. Ze zullen misschien zelfs op cynische wijze de militaire activiteiten in het oosten opvoeren in de hoop dat dit de oorlogsmoeheid van een deel van de bevolking zal versterken en aanzetten tot verzoening met Rusland.

Extreemrechts

Veel arbeiders en jongeren over de hele wereld waren geschokt toen tijdens en na Euromaidan de uiterst rechtse ‘Svoboda’ en ‘Rechtse Sector’ aanzienlijke steun kregen. Sommigen omschrijven Oekraïne als een ‘fascistische staat’. Het Kremlin gebruikte dit om de interventie ter organisatie van een referendum in de Krim te rechtvaardigen. Dit gebeurde met massale propaganda over de ‘fascistische’ staatsgreep in Kiev.

Porosjenko is net als zijn tegenhanger in het Kremlin naar rechts opgeschoven en heeft veel van het beleid van extreemrechts overgenomen. Zijn aanvallen op de rechten van Hongaren om hun taal te gebruiken zijn slechts één voorbeeld en doen denken aan soortgelijke aanvallen op minderheidstalen in Rusland. Svoboda en Rechtse Sector zijn nu grotendeels gediscrediteerd in hun eigen regio’s in het westen van Oekraïne. Hun roep om meer intensieve militaire acties en hun eigen deelname aan de oorlog stuit een deel van de kiezers af. Dit wordt versterkt door de algemene afkeer van hun marsen met fakkels en het brutaal geweld op Roma door deze extreemrechtse schurken.

Extreemrechts boet aan electorale invloed in, maar dit betekent niet dat het publiek voor extreemrechts helemaal weg is. De plaats wordt steeds meer ingenomen door de Radicale Partij en Samopomoch. Die baseren zich ook een populistische retoriek. Ze verzetten zich tegen de verkoop van landbouwgrond en eisen meer middelen voor gezondheidszorg. Eens verkozen in regionale besturen, blijken ze echter even incompetent als de andere partijen en even asociaal. Hun giftige nationalisme versterkt de verdeeldheid en wakkert het vuur van de oorlog aan. Zoals de brutale aanvallen door leden van het extreemrechtse “Nationaal korps” op jonge anarchisten in Lviv in september toonden, blijven deze groepen uiterst gevaarlijk.

Clowneske kandidaat komt op

Terwijl alle belangrijkste kandidaten in de presidentsverkiezingen het slecht doen in de peilingen met meer mensen die tegen hen zijn dan voor hen, groeit de roep naar nieuwe politieke krachten. Het laat ruimte voor clowneske kandidaten, zoals Vladimir Zelenski, de ster van een satirisch televisieprogramma. Het gerucht gaat echter dat hij banden heeft met de oligarch Igor Kolomoiski.

Is er een uitweg?

In de jaren tachtig waren het de Sovjet-mijnwerkers, vooral de Donbas-mijnwerkers, die de oppositie organiseerden en een fatale klap toebrachten aan het wanbestuur van de stalinistische bureaucratie, die de planeconomie had vernietigd en de rechten van de verschillende nationaliteiten had onderdrukt.

Oekraïne werd een onafhankelijke staat, maar helaas onder leiding van een pro-kapitalistisch bewind. Als de arbeidersklasse aan het begin van de Euromaidan-crisis op beslissende wijze had ingegrepen en een programma had aangeboden om de economische wanhoop aan te pakken en de democratische en sociale rechten te waarborgen, had zij de Oekraïense massa’s kunnen verenigen en de verdeeldheid langs nationalistische lijnen en de daaruit voortvloeiende oorlog kunnen voorkomen.

Het is nog steeds alleen de arbeidersklasse die een uitweg uit de kapitalistische nachtmerrie kan tonen als ze georganiseerd en politiek bewust is. De huidige arbeidersklasse is aan het veranderen – ze is jonger, ze werkt niet alleen in de traditionele zware industrie, miljoenen jonge werkenden worden dagelijks uitgebuit in de dienstensector. Socialisten moeten banden aangaan met deze lagen en helpen bij het organiseren en politiseren van deze nieuwe jonge arbeidersklasse.

De nationale kwestie en arbeiderseenheid

Als socialistische organisaties geen correcte benadering van de nationale kwestie hebben, zijn ze gedoemd te mislukken. Dit is vandaag des te meer zo in Oekraïne. Het land wordt verscheurd door het conflict tussen de verschillende imperialistische mogendheden – de VS/EU en de NAVO enerzijds en Rusland anderzijds. Samen met hun lokale bondgenoten zijn zij, in hun strijd om markten, rijkdom en macht, bereid om nationale verschillen uit te spelen en te versterken. De werkenden hebben echter andere belangen. Ze hebben het recht om de taal te spreken die ze willen, om te leven in het land dat ze willen en vooral om in vrede te leven.

Er is een socialistische organisatie nodig om te pleiten voor een verenigde klassenstrijd met Oekraïense, Russische en Hongaarse werkenden, niet alleen op economisch en sociaal gebied, maar ook ter verdediging van de rechten van de verschillende nationale groepen. De taalrechten mogen niet worden beperkt. Een echt onafhankelijk Oekraïne zou nationale groeperingen niet dwingen om tegen hun wil te blijven. Als er oprechte arbeidersorganisaties zouden bestaan die alle nationaliteiten verenigen, zouden zij deze problemen kunnen oplossen door regio’s of nationaliteiten op democratische wijze te laten beslissen of ze in een verenigd of federaal Oekraïne willen blijven, of zelfs als zelfstandige entiteit willen vertrekken en leven.

Maar zolang het land verscheurd wordt door de imperialistische machten of door de strijd tussen binnenlandse oligarchen om rijkdom en macht kan er geen echt onafhankelijk Oekraïne zijn. Daarom moet de strijd voor nationale rechten parallel worden gevoerd met de strijd om het systeem dat armoede, autoritarisme en etnische conflicten veroorzaakt – het kapitalisme – uit de weg te ruimen. Uit een recente opiniepeiling is gebleken dat bijna 60% van de bevolking voorstander is van een toename van het staatseigendom. De sleutelsectoren van de economie moeten weer in publieke handen worden gebracht, zonder compensatie voor de oligarchen. Ze kunnen dan beheerd worden door gekozen comités van werkenden, als onderdeel van een democratisch geplande economie. Dit zou het mogelijk maken om degelijke lonen te betalen en een gratis en kwalitatief hoogstaand gezondheidszorg- en onderwijssysteem op te zetten.

Deze maatregelen, in combinatie met de vestiging van democratische rechten en vrijheden, met inbegrip van de vrijheid van meningsuiting, het recht om zich te organiseren in vakbonden en politieke partijen met de garantie van nationale, taalrechten en het recht op zelfbeschikking, zouden de opbouw van een werkelijk onafhankelijk, democratisch en socialistisch Oekraïne betekenen.

Maar zelfs een socialistisch Oekraïne zal, als het omringd wordt door kapitalistische staten, het slachtoffer worden van pogingen om de economie te ruïneren en de onafhankelijkheid te ondermijnen. Onze strijd is dus internationaal. Bij de opbouw van vakbonden, jongerenorganisaties en een socialistische politieke partij in Oekraïne is het noodzakelijk om samen te werken met soortgelijke organisaties in naburige en andere Europese landen, om een einde te maken aan imperialistische interventie, kapitalistische uitbuiting en oorlog en een echte democratische en vrijwillige socialistische federatie van Europa en de rest van de wereld op te zetten.

Print Friendly, PDF & Email