Tibetanen in opstand. Hoe verder?

Op 14 maart werd de vijfde verjaardag gevierd van het massale protest in door Tibetanen bewoonde gebieden waar het Chinese regime een beleid van politieke en religieuze repressie voert. De verjaardag valt ook ongeveer samen met die van het bloedig neerslaan van de Tibetaanse revolte op 10 maart 1959. In de aanloop naar de Olympische Spelen in Peking in 2008 vielen er tot 200 doden. Het ging om de grootste onlusten in Tibet sinds 1989. Het protest begon vreedzaam, maar de repressie door de overheid leidde tot rellen en etnische confrontaties tussen Tibetanen en Han Chinezen. In China was er een brede steun voor de harde repressie.

Ondertussen zijn we vijf jaar verder en het lijden van de Tibetaanse bevolking kwam tot uiting in een golf van zelfverbrandingen. Meer dan 100 etnische Tibetanen hebben zichzelf de afgelopen twee jaar in brand gestoken. Dit is een schokkende nieuwe methode om te protesteren tegen de Chinese repressie. Van de activisten die zichzelf in brand staken, was zowat een vijfde amper 18 jaar of jonger.

De wortel en de stok

Het militaire antwoord van de Chinese dictatuur is er niet in geslaagd om het protest te stoppen en ‘stabiliteit’ te brengen. Religieuze onderdrukking heeft steeds de greep van religie versterkt in plaats van verminderd. Dat bleek de afgelopen decennia in tal van islamitische landen en er zijn ook voorbeelden met andere godsdiensten. Socialisten waarschuwden vijf jaar geleden al dat het opdrijven van de repressie tegen de Tibetaanse boeddhistische religieuze instellingen en tegen alle uitingen van Tibetaans ‘separatisme’ (zoals de afbeelding van de Dalai Lama) zouden leiden tot een verdere vervreemding van de Tibetanen en de jongeren in het bijzonder.

Als een machine die slechts een functie kent, reageert het regime van de Chinese Communistische Partij (CCP) met meer repressie. Vorige maand veroordeelde een rechtbank in de provincie Gansu drie Tibetanen tot straffen die opliepen tot 15 jaar gevangenis nadat ze schuldig werden bevonden wegens “opzettelijke doodslag” omdat ze zelfverbrandingen zouden aangemoedigd hebben. In Qinghai werden meer dan 70 mensen opgepakt wegens gelijkaardige beschuldigingen. Een 20-jarige artiest uit Lhasa werd veroordeeld tot twee jaar werkkamp wegens het bezit van digitale foto’s van twee zelfverbrandingen.

De strategie van Peking om toch een wortel op een stok voor te houden, in de vorm van extra investeringen in Tibetaanse regio’s, heeft niet geleid tot een afname van de spanningen. Er waren enkele grootschalige bouwprojecten, zeker in de Tibetaanse Autonome Regio (TAR) was dat de afgelopen jaren het geval. Maar ondertussen is de kloof tussen arm en rijk verder toegenomen en zitten de meeste Tibetanen vast aan de onderste kant van die kloof. De vastgoedspeculatie heeft de prijzen de hoogte ingejaagd. Dat is het geval in steden als Lhasa, net zoals in tal van andere steden in China. De economische groei heeft vooral een groeiend aantal Han Chinezen voordelen opgeleverd. De Tibetanen en zeker de jongeren vielen grotendeels uit de boot. Velen moesten naar andere delen van China trekken op zoek naar werk. De politiek van Jiang Zemin om repressie met investeringen te combineren leidt tot een problematische situatie voor de onderdrukte Tibetaanse massa’s.

De processen in Tibetaanse regio’s lijken op wat er gebeurt doorheen China. De groeiende kloof tussen arm en rijk neemt er explosieve proporties aan. Er wordt grond geplunderd om de vastgoedzeepbel vanuit de steden verder op te blazen. Hierdoor worden grote groepen vanop het platteland verdreven, maar er zijn geen degelijke jobs of mogelijkheden om op een andere manier een inkomen te verwerven. Meer dan een miljoen Tibetaanse herders werden elders ondergebracht, vooral in stedelijke blokken waar ze nu leven van een kleine overheidstoelage. “Mensen wonen in huizen die er als een gevangenis uitzien”, stelde een jonge Tibetaan hierover aan de International Herald Tribune (25 feb. 2013).

Toenemend nationalisme

Net zoals bij de straatprotesten van vijf jaar geleden, ligt het zwaartepunt van de zelfverbrandingsacties niet in TAR maar in de zogenaamde ‘autonome’ door Tibetanen bevolkte regio’s van provincies als Sichuan, Qinghai en Gansu. “Vandaag lijken de autoriteiten vooral in de bergen van Sichuan problemen te hebben om het sluimerende ongenoegen onder etnische Tibetanen onder controle te houden”, stelde The Economist. Dat is een nieuw gegeven en voor Peking een nieuw strategisch probleem. In het verleden werden deze regio’s als relatief ‘stabiel’ gezien met goede verhoudingen tussen etnische gemeenschappen, waaronder de Han Chinezen en de Tibetanen. De ijzeren vuist van het CCP-bewind en de ‘zero tolerance’ voor de legitieme eisen voor religieuze en culturele vrijheden, hebben geleid tot een toename van nationalisme onder de zowel de meerderheidsbevolking als de minderheden.

De oproerpolitie werd eind 2011 ingezet om rellen tussen Han Chinezen en Tibetaanse studenten in een school in Chengdu te stoppen. De onlusten ontstonden door het onderwijsbeleid dat vertrekt van een manifest nationalisme en bureaucratisch dogmatisme. Han studenten op de school begonnen online uit te halen naar de Tibetaanse studenten en de subsidies voor Tibetanen. De Han studenten hadden het over ‘favoritisme’ en dat leidde tot ongenoegen. De Tibetaanse studenten hebben er ook een probleem mee dat ze zo ver van huis moeten trekken om te studeren en dat ze in het Mandarijns moeten studeren om toegang te hebben tot de universiteiten. Het regime dringt er hard op aan dat het Mandarijns de taal van het hoger onderwijs is. Er wordt voorbijgegaan aan de mogelijkheid van een onderwijsstelsel met verschillende talen. Zelfs de Tibetaanse taalklassen die buiten het officiële door de staat gecontroleerde onderwijsstelsel bestonden, werden door de autoriteiten gesloten.

De dictatuur bestrijden

De wanhoop die de Tibetanen tot zelfverbranding aanzet, is het resultaat van de repressie door het regime. Het is ook een uitdrukking van de frustratie onder de radicaliserende Tibetanen die na hun protestacties in het kader van de Olympische Spelen in 2008 in een isolement terecht kwamen. Heel wat activisten komen op voor zelfbeschikking en voor het einde van de Chinese staatsrepressie. Ze waren verbaasd toen de zogenaamde ‘internationale gemeenschap’ weigerde om haar steun aan de Tibetaanse rechten te betuigen en zelfs weigerde om de Spelen van Peking te boycotten, ondanks de brede steun voor de Tibetanen op internationaal vlak. Zoals wij destijds stelden, was het voorspelbaar dat de Westerse regeringen en instellingen zoals de VN gebonden waren door multi-miljarden contracten en zakenbanden met de CCP-dictatuur en hierdoor aan de oppervlakte bleven over de gebeurtenissen in Tibet om te vermijden dat dit hun zakelijke belangen zou schaden.

Als kapitalistische machten in het buitenland tussenkomen als verdedigers van ‘democratie’ en ‘mensenrechten’ dan worden die termen doorgaans gebruikt om de ware bedoelingen te verbergen, met name de kapitalistische jacht op markten, grondstoffen en winsten. De rampzalige oorlogen in Irak en Afghanistan gingen niet over ‘democratie’ maar over olie, controle op een cruciale regio en de bescherming van de Amerikaanse macht. Het Chinese regime steunde de VS bij deze conflicten. Het deed dit omwille van haar eigen machtspositie. De kapitalistische ‘internationale gemeenschap’ heeft een erg negatieve traditie als het aankomt op het verdedigen van onderdrukte nationaliteiten zoals de Palestijnen, Koerden, Tamils of Rohingya (in Birma). De Tibetaanse strijd mag niet aan die historische vaststelling voorbij gaan. Ook kunnen er lessen getrokken worden uit de revoluties waarbij de massa’s van Egypte en Tunesië militaire dictators aan de kant schoven en de rol die de onafhankelijke vakbonden en stakingsacties daarbij hebben gespeeld.

Socialisten verdedigen het recht van de Tibetaanse bevolking op onafhankelijkheid. We komen op voor volledige democratische rechten in China en de rest van de wereld, waaronder de vrijheid van godsdienst ook al benadrukken we dat de scheiding tussen staat en religie een democratische bescherming is. Om nationale onderdrukking te bestrijden, moeten de Tibetaanse jongeren hun strijd verbinden met de strijd van de werkende massa’s doorheen China tegen de dictatuur. Arbeiderseenheid en internationale solidariteit zijn de sleutels tot succes in deze strijd, de hoop op buitenlandse regeringen en kapitalistische instellingen is valse hoop.

Om dezelfde redenen zal de strategie van de ‘middenweg’met onderhandelingen en compromissen met Peking – zoals verdedigd door de Tibetaanse leiding in ballingschap en de Dalai Lama in het bijzonder –nergens toe leiden. Het falen van deze strategie versterkt de frustratie onder de Tibetaanse jongeren en speelt een rol in de golf van zelfverbrandingen. Er is een gevoel van machteloosheid als gevolg van het ontbreken van een massastrijd en een ernstige strategie om het Chinese regime aan te pakken.

De valse hoop dat er met de CCP-leiders kan onderhandeld worden, is ook onder delen van de pan-democratische leiders in Hong Kong aanwezig. Ze denken ten onrechte dat een ‘gematigde’ aanpak tot betere resultaten voor Hong Kong kan leiden. Daartoe aanvaarden ze zelfs het behoud van een dictatoriaal regime op het Chinese vasteland. Hierdoor verzwakken ze de strijd voor democratische rechten in Hong Kong, ze wenden zich immers af van de belangrijkste kracht die verandering kan bekomen, de enorme maar nog steeds ongeorganiseerde Chinese arbeidersklasse. Het CCP-regime is bang voor een opbreken van China en weigert daarom toegevingen aan de Tibetaanse bevolking te doen. Het wil tevens de steeds radicalere ‘protestcultuur’ in Hong Kong aanpakken omdat het bang is dat dit de bevolking van andere regio’s tot gelijkaardige acties tegen het bewind van Peking kan aanzetten.

Zoals verschillende commentatoren recent opmerkten, zijn de nieuwe Chinese leiders erg bang van het spook van ‘revolutie’ als de sociale tegenstellingen en economische onevenwichten aanhouden. De arbeidersklasse moet nog overgaan tot het opbouwen van onafhankelijke organisaties, maar het is de kracht die in staat is om in China en elders tot verandering te komen.

De Tibetaanse jongeren moeten zich richten op een revolutionair perspectief voor een democratische en socialistische omvorming in China, Tibet en de rest van de wereld. Socialisten staan voor een eengemaakte arbeidersstrijd voor degelijke jobs, betaalbare huisvesting en gratis gezondheidszorg. Dat vereist een democratische publieke controle en planning van de economie. Hiervoor hebben we nood aan democratische en strijdbare organisaties, studentenvakbonden, vrouwenorganisaties en vooral arbeidersorganisaties met verkozen vertegenwoordigers die de strijd mee leiden en beslissen over een beleid, tactieken en methoden.

We staan voor de onmiddellijke terugtrekking van de paramilitaire troepen uit Tibetaanse gebieden en een arbeidersoproep om de zelfverbrandingen te stoppen en te vervangen door gemeenschappelijke strijd tegen het huidige systeem. We verdedigen het recht van alle nationale minderheden en taalgroepen om de eigen taal te spreken op school en in contacten met de overheid. We roepen op tot een echt vrije media, geen media die wordt gecontroleerd door de grote bedrijven of de regering met politieke censuur. Vrije media betekenen ook dat er voldoende middelen zijn voor kranten en televisie van taalminderheden. Socialisten staan voor verenigde strijd van alle werkende mensen van alle nationaliteiten tegen de kapitalistische uitbuiting en voor een oprechte en vrijwillige socialistische confederatie doorheen Azië met het recht van naties op zelfbeschikking, met inbegrip van onafhankelijkheid als ze dat willen.

Op kapitalistische basis is echte nationale onafhankelijkheid onmogelijk, zeker voor kleinere staten. Het zou slechts leiden tot neokoloniale controle door grotere machten. Kijk maar naar het formeel onafhankelijke Nepal, een buurland van Tibet, waar India en China het eigenlijk voor het zeggen hebben. De strijd voor vrijheid in Tibet kan enkel slagen als het onderdeel is voor socialistische strijd voor een andere wereld.

Artikel vanop chinaworker.info

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie