Hugo Chavez overleden, strijd gaat door

Miljoenen Venezolaanse arbeiders, armen en jongeren rouwen om de dood van de Venezolaanse president Hugo Chavez. Duizenden trokken de straten van Caracas op met slogans als ‘Todos somos Chavez’, ‘We zijn allemaal Chavez’. In een tijdperk van een grote kloof tussen de gevestigde politici, die de belangen van de grote bedrijven en superrijken verdedigen, en de massa’s aan de andere kant, was Chavez ongetwijfeld een opvallende figuur. In een tijdperk van besparingen en aanvallen, zijn de maatregelen die hij nam om armoede te verzachten des te opvallender.

De arbeiders en jongeren in Venezuela staan niet alleen, wereldwijd werd uitgekeken naar het regime van Chavez als een regime dat een alternatief bood op het imperialisme, neoliberalisme en kapitalisme. Heel wat rechtse commentatoren en media stonden natuurlijk meteen klaar met hun veroordeling en hun haat tegenover dit regime. Het rouwen voor het overlijden van Chavez en de woede tegenover de aanvallen van de rechterzijde moeten omgezet worden in een nieuw stadium in de arbeidersstrijd voor socialisme in Venezuela en de rest van de wereld.

Hypocrisie van de kapitalistische commentatoren

Sinds het overlijden van Chavez waren er tal van artikels waarin Chavez werd afgedaan als ‘autoritair’, ‘dictator’ of als ‘caudillo’. Sommigen probeerden van zijn dood gebruik te maken om het voor te stellen als het einde van nog een mislukt socialistisch regime.

Deze commentatoren hoopten in oktober 2012 dat Chavez de presidentsverkiezingen zou verliezen, maar ze kregen lik op stuk. Tegen de verwachtingen van de internationale gevestigde media en politici in, haalde Chavez het voor een derde termijn en dat met 55% van de stemmen bij een opkomst van 80%. Gelijk welke aftredende kapitalistische politicus in Europa kan enkel dromen van zo’n resultaat.

De zelfde commentatoren brachten een oorverdovende stilte tijdens de poging tot staatsgreep in 2002 – een poging die werd ondersteund door het VS-imperialisme. Als deze zelf verklaarde verdedigers van de democratie Chavez aanvallen, gaan ze voorbij aan het feit dat Chavez sinds 1998 17 verkiezingen heeft gekend en er daarvan 16 heeft gewonnen.

De commentatoren en de kapitalistische politici kunnen niet voorbij aan het feit dat een leider die over ‘socialisme’ en ‘socialistische revolutie’ sprak en in conflict ging met het VS-imperialisme en de kapitalistische klasse een brede steun onder de bevolking vond. Zij vrezen ook de potentiële revolutionaire beweging van de massa’s waar Chavez zich op baseerde.

‘Por ahora’ – ‘Voorlopig’

Chavez kwam niet naar voor als een politieke leider met een uitgewerkte ideologie of programma. Hij heeft verschillende standpunten opgenomen op basis van de gebeurtenissen die plaatsvonden. Chavez kwam in 1998 aan de macht met een brede steun. Hij sprak aanvankelijk enkel over een ‘Bolivariaanse revolutie’ en hervormingen van het oude corrupte systeem. Net zoals duizenden anderen in Venezuela, waaronder ook heel wat lagere officiers in het leger zoals ook Chavez dat was geweest, radicaliseerde hij door de ‘Caracazo’ die in 1989 in Venezuela toesloeg.

Carlos Perez had de verkiezingen gewonnen op basis van een verzet tegen het neoliberalisme en het IMF. Maar aan de macht maakte hij een scherpe bocht en voerde hij een “schoktherapie” van het neoliberalisme door. Het leidde tot een massale opstand van de armen in de steden. Het leger werd ingezet en er vielen naar schatting 3.000 doden. De rechtse opponenten van Chavez hebben weinig te zeggen over die gebeurtenissen. Maar het radicaliseerde mensen als Chavez die getroffen was door de horror van 1989.

Chavez stond aan het hoofd van een links-populistische revolte in het leger in 1992. Die revolte ging in tegen de moorddadige regering van Perez. De staatsgreep draaide op een nederlaag uit en Chavez verklaarde dat de revolutie beëindigd was, “voorlopig” althans. Die uitspraak ‘por ahora’ (voorlopig) werd onderdeel van het collectieve bewustzijn van de massa’s.

Hij kwam twee jaar later uit de gevangenis en bouwde een brede steun op waarmee hij in de verkiezingen van 1998 aan de macht kwam. Een brede meerderheid van de bevolking eiste immers het einde van het neoliberalisme en verandering.

De beperkte maar populaire hervormingen die zijn regering doorvoerde, werden gefinancierd door de olierijkdom van het land. Deze hervormingen volstonden om de heersende elite woedend te maken. Het leidde tot een poging tot staatsgreep in 2002 gevolgd door een patronale lock-out. Na 48 uur bleef er niet veel van de staatsgreep over en werd Chavez terug naar Caracas en de macht gebracht. Tijdens de staatsgreep stroomden de massa’s op de straten samen om het nieuwe rechtse regime te bestrijden. Er was ook een revolte in het leger en onder de lagere officiers.

Rechtse staatsgreep in 2002

De brede mobilisatie tegen de rechtse staatsgreep onder leiding van Pedro Carmona zorgde ervoor dat de staatsgreep mislukte. Dat was een belangrijke nederlaag voor de heersende klasse en het kapitalisme. De arbeidersklasse en de armen hadden de kans om het beheer van de samenleving zelf over te nemen. Jammer genoeg riep Chavez op dat ogenblik op tot ‘nationale eenheid’ en een akkoord met delen van de kapitalisten.

De patronale lock-out werd gebroken na een strijd die 12 maanden duurden. Ook hier werd Chavez gered door een massabeweging van onderuit.

Deze gebeurtenissen deden Chavez radicaliseren. Tegen 2005 begon hij te spreken over ‘socialistische revolutie’ en kwamen er ook verwijzingen naar de ideeën van een van de leiders van de Russische Revolutie, Leon Trotski, en ook naar onder meer Karl Marx. Chavez riep op tot de vorming van een nieuwe, Vijfde Internationale.

Dat leidde natuurlijk tot woede onder de Venezolaanse heersende klasse en het VS-imperialisme. Er waren nationalisaties en gedeeltelijke nationalisaties van grote bedrijven. Er kwam een beperkte, maar wel gratis, gezondheidszorg voor iedereen en er waren grote programma’s op het vlak van onderwijs en tegen analfabetisme. Dat leidde tot een grote steun voor de regering. Het is opvallend dat Chavez in de verkiezingen van 2006 – na zijn bocht naar links – de beste electorale score ooit behaalde, hij haalde toen 62%.

Deze ontwikkeling had een erg positieve impact op de mogelijkheden om socialisme opnieuw op de agenda te plaatsen in Venezuela en in zekere zin in Latijns-Amerika en de rest van de wereld. Het idee van ‘revolutie’ en zelfs van ‘socialisme’ met radicale hervormingen, is sterk aanwezig in het bewustzijn van een meerderheid van de Venezolaanse bevolking. Dat is een erg positieve erfenis die Chavez achterlaat. Er is een duidelijke verwerping van het idee van een terugkeer naar het oude regime.

Het kapitalisme werd een slag toegebracht, maar het werd niet verslagen

Ondanks de radicale woorden, ging Chavez en de Venezolaanse regering als antwoord op de globale economische crisis vanaf 2007 niet in de richting van een breuk met het kapitalisme maar integendeel in de andere richting.

Het kapitalisme kreeg slagen te verwerken, maar werd niet verslagen. De kapitalistische klasse bleef de controle behouden. Vanuit de Bolivariaanse beweging ontstond een nieuwe kracht, de ‘boli-bourgeoisie’, een machtige laag in de samenleving die rijk werd op de kap van de beweging van Chavez.

Samen met de opkomst van een sterke bureaucratie en een slechter wordende economische situatie, zorgde dit ervoor dat de enorme sociale problemen van armoede, werkloosheid, corruptie, geweld en misdaad blijven bestaan. En dat ondanks de populaire hervormingen, die wij uiteraard steunen. De sociale problemen houden echter aan en dat komt omdat er geen einde wordt gesteld aan het kapitalisme.

Samen met de strakke top-down benadering van de bureaucratie en een gebrek aan democratische arbeiderscontrole en -beheer in het revolutionaire proces, zorgde dit ervoor dat Chavez dan wel een enorme steun genoot maar dat tegelijk de ontevredenheid en frustratie sterk toenam. Recente stakingsacties door leraars en metaalarbeiders werden onderdrukt door de staat. Het zijn allemaal maatregelen die de rechterzijde versterken in haar strijd tegen het regime.

De socialistische hoop in werkelijkheid omzetten

Als de rechtse oppositieleider Henrique Capriles en de rechterzijde in het algemeen hopen dat de dood van Chavez hen gemakkelijk terug aan de macht zal brengen, dan vergissen ze zich. Ondanks het ongenoegen heeft de steun aan het revolutionaire proces, voor het idee van socialisme en voor de verdediging van de hervormingen,… een diepe ingang gevonden in de samenleving.

Op korte termijn is het waarschijnlijk dat Nicolas Maduro, de vice-president die door Chavez werd aangeduid als opvolger, de verkiezingen wint. De aanhangers van Chavez en de armen beginnen zich al te mobiliseren om de rechterzijde opnieuw een nederlaag toe te brengen. Capriles en de rechterzijde roepen, net als Maduro, op tot kalmte, rust en eenheid. Ze voelen zich terecht niet sterk genoeg en proberen er alles aan te doen om een massabeweging te vermijden.

Terwijl delen van de rechtse media bij ons de dood van Chavez hebben aangegrepen om hun hypocriete grijs gedraaide anti-socialistische plaat boven te halen, hebben andere delen van het kapitalisme en imperialisme meer voorzichtigheid aan de dag gelegd. De Amerikaanse president Obama was erg behoedzaam in zijn verklaring. Ook de Britse minister van Buitenlandse Zaken reageerde op een gelijkaardige manier. Zij hopen natuurlijk om gemakkelijker te kunnen samenwerken met de toekomstige regering onder leiding van Maduro. Ze gaan ervan uit dat het onwaarschijnlijk is dat de rechterzijde de verkiezingen zal winnen en laten daarom de deur open voor samenwerking met een nieuwe ‘Chavista’ regering.

Maduro en de leiding zullen niet dezelfde autoriteit als Chavez hebben in de periode na de verkiezingen. Dan zullen tegenstellingen tussen de verschillende stromingen binnen de Chavistische beweging mogelijk openlijk tot uiting komen. Delen van de heersende klasse zullen daarop inspelen in de hoop dat ze via die weg de beweging een nederlaag kunnen toebrengen.

Dat benadrukt enkel de dringendheid om met de arbeidersklasse en de armen de strijd tegen de rechterzijde aan te gaan door het revolutionaire proces zelf in handen te nemen met eigen onafhankelijke organisaties en een programma waarmee de ‘socialistische hoop’ die door Chavez naar voor werd gebracht ook effectief wordt gerealiseerd. De dood van Chavez betekent niet het einde van de strijd. Het is het begin van een nieuw hoofdstuk in de strijd.

Tony Saunois

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie