Venezuela. Chavez verslaat de rechterzijde, maar moet nu socialistisch beleid voeren

Zondagavond kwamen duizenden mensen toegestroomd voor het Miraflores, het presidentieel paleis in Caracas. De vreugde voor de overwinning van Chavez bij de presidentsverkiezingen was groot. De beelden deden denken aan wat er gebeurde na de nederlaag van de rechtse staatsgreep in 2002. Soldaten van de presidentiële garde wapperden met vlaggen vanop de top van het paleis. Andere soldaten vervoegden de arbeiders, jongeren, werklozen en anderen die naar het stadscentrum waren getrokken om de nederlaag van de rechtse kandidaat Henrique Capriles te vieren.

De overwinning van Chavez was de vijfde sinds 1998. Hiermee werd de rechterzijde nogmaals een nederlaag toegebracht. Socialismo Revolucionario en het CWI verwelkomen de overwinning van Chavez. Een overwinning van de rechterzijde zou immers geleid hebben tot een aanval op de Venezolaanse arbeidersklasse, een opbergen van de hervormingen en een politiek offensief van de heersende klasse zowel op nationaal als internationaal vlak. Het zou voorgesteld worden als nog maar eens een nederlaag voor het ‘socialisme’. Met een opkomst van meer dan 80% – wat meer was dan de 75% in 2006 – werd de hoogste opkomst in decennia bereikt. Dat is een uitdrukking van een polarisatie die de Venezolaanse samenleving in haar greep blijft houden.

Met bijna alle stemmen geteld, stond Chavez op 55,25% (8.133.952 stemmen) tegenover 44,14% (6.498.527 stemmen) voor de rijke zakenman Capriles. Chavez haalde het in 20 van de 24 federale staten van Venezuela. Als hij zijn mandaat van zes jaar volledig uitzit, dan zal hij twee decennia aan de macht geweest zijn. Hiermee zou hij de langste zittende president van Venezuela zijn sinds Juan Vincente Gomez die van 1908 tot 1935 aan de macht was. Het verschil is wel dat Chavez werd verkozen door steun van onderuit, terwijl Gomez aan het hoofd van een dictatuur stond. Kapitalistische politici en leiders van voormalige arbeiderspartijen in Europa en elders kijken wellicht jaloers naar de aanhoudende verkiezingsoverwinningen van Chavez en het feit dat hij erin slaagt om miljoenen aanhangers te mobiliseren. Er waren geen andere politieke leiders bij recente verkiezingen die miljoenen mensen op verkiezingsmeetings kregen of waar een overwinning op zo’n grote schaal werd gevierd.

Populisme van de rechterzijde

Deze verkiezingscampagne werd in Venezuela voorgesteld als ‘historisch’, een verkiezing die de toekomst van het land zou beslissen met een keuze tussen ‘twee verschillende modellen’. Zo’n duidelijke keuze bleek echter niet in de campagne van Chavez die geen duidelijk socialistisch programma met een breuk met het kapitalisme naar voor schoof. In zijn toespraken, ook na zijn overwinning, repte hij evenmin met een woord over zo’n socialistisch programma.

De verkiezingscampagne bracht wel een uitdrukking van enkele nieuwe elementen in de strijd die de afgelopen 14 jaar sinds de eerste overwinning van Chavez naar voor zijn gekomen.

Een van de meest opvallende elementen in de verkiezingen was het karakter van de rechtse campagne. Het effect van het beleid en de strijd de afgelopen 14 jaar heeft geleid tot een brede steun voor een radicaal sociaal beleid en tot op zekere hoogte voor het algemene idee van ‘socialisme’. Dat is erg populair in het algemene politieke bewustzijn.

Onder druk van de radicalisering ter linkerzijde die dominant is in het land, moest Capriles zijn programma op een populistische wijze brengen om zijn echte rechte neoliberale agenda te verstoppen. Dat is een belangrijke verandering in de strategie van de rechterzijde.

De propaganda en toespraken van Capriles probeerden om ook het lot van de armen centraal te stellen en de welvaartstaat te verdedigen. Hij stelde dat hij niet alle hervormingen zou terugschroeven. Capriles stelde op te komen voor het recht op onafhankelijke vakbonden en probeerde steun van het personeel in de publieke sector te verkrijgen met de belofte dat de verplichte aanwezigheid op bijeenkomsten en protestacties – een belangrijke bron van ongenoegen tegenover Chavez – zou verdwijnen. Capriles trok het hele land door en probeerde zich voor te doen als een ‘radicale’ nieuwe jongere figuur tegenover de oudere en ‘vermoeide’ Chavez. Hij had met deze retoriek enig succes onder jongeren.

Het echte programma van de rechterzijde zat ver weg geborgen in het verkiezingsmateriaal. De rechterzijde pleit voor het beperken van het overheidsinterventies en voor een grotere rol van private investeringen in de economie. Bij de mislukte staatsgreep van 2002 was Capriles betrokken bij de rechtse aanval op de Cubaanse ambassade. Als de rechterzijde nu een overwinning had geboekt, dan zou de regering onder Capriles de hervormingen van de vorige regeringen wel degelijk terugdringen en tevens meer neoliberale maatregelen nemen.

Deze verandering in de rechtse propaganda is een uitdrukking van de echte krachtsverhoudingen op politiek vlak. Capriles moest inboeten op zijn rechterflank. Als hij de extreme rechterzijde naar voor had gebracht of expliciet had gepleit voor een rechtser neoliberaal beleid, dan zou de overwinning van Chavez nog groter geweest zijn.

Ernstige waarschuwing

Ondanks de overwinning van Chavez vormen deze verkiezingen ook een waarschuwing en moeten er belangrijke lessen getrokken worden om een rechtse overwinning in de toekomst te vermijden. Het percentage van Chavez ging met 7,6 procentpunten achteruit in vergelijking met de verkiezingen van 2006, de rechterzijde ging met 7,2 procentpunten vooruit. Met een hogere opkomst haalde Chavez uiteindelijk 824.872 stemmen meer, maar Capriles zorgde ervoor dat de rechterzijde 2,2 miljoen extra stemmen binnen haalde. Dat kan als waarschuwing tellen. Naast het referendum over de grondwetsherziening in 2007 was dit het laagste resultaat voor Chavez bij gelijk welke verkiezing.

De rechterzijde is bij iedere verkiezing vooruit gegaan. Dat is een uitdrukking van een sluipende en trage contrarevolutie. De steun voor een radicaal links beleid blijft op dit ogenblik dominant. De massa’s, ook delen die nu voor rechts stemden, zijn gekant tegen iedere poging om terug te gaan naar de oude orde die bestond voor Chavez aan de macht kwam.

Maar het feit dat Chavez niet heeft gebroken met het kapitalisme en geen echt socialistisch programma met democratische controle en beheer door de arbeidersklasse en alle onderdrukten doorvoert, laat de rechterzijde toe om in te spelen op het groeiende ongenoegen en de frustraties als gevolg van de erger wordende sociale omstandigheden, corruptie en het wanbeheer dat gepaard gaat met de groeiende bureaucratie van de Chavista en de top-down benadering van de regering. Dat zijn elementen waar wij steevast voor gewaarschuwd hebben en waartegen we ons steeds tegen hebben verzet.

Het hoogste percentage dat Chavez al behaalde was in 2006 toen hij 62% van de stemmen kreeg. Dat was opvallend genoeg ook de meest radicale campagne van Chavez en het ogenblik dat het element van ‘socialisme’ centraal werd gesteld in de campagne. Er was op dat ogenblik een revolutionaire ontwikkeling na de mislukte rechtse staatsgreep en de lock-out door de patroons in 2002-03. Maar sinds deze overwinning zijn geen verdere stappen vooruit gezet met een programma dat breekt met het kapitalisme en een echt systeem van democratische arbeiderscontrole en –beheer naar voor schuift. Het revolutionaire proces hield halt en is bijgevolg op de terugtocht.

De regering is steeds meer gaan samenwerken met de heersende klasse en probeerde een akkoord ermee te sluiten. Vandaar het beleid van ‘nationale verzoening’ en de akkoorden met de werkgeversfederatie. Tegelijk was er de opkomst van diegenen die rijk werden op basis van de beweging van Chavez, de zogenaamde ‘boli-bourgeoisie’. Dat leidt onvermijdelijk tot ongenoegen en protest tegen de regering.

Hervormingen en wanhoop onder de armsten

Het antwoord van de regering op de globale economische kapitalistische crisis vanaf 2007 bestond niet uit een breuk met het kapitalisme, er werd eerder de andere kant uitgegaan waarbij de regering de kapitalisten net probeerde gerust te stellen door naar rechts op te schuiven. Er waren belastingverlagingen voor de multinationals. Het publieke oliebedrijf PDVSA, dat verantwoordelijk is voor de financiering van de hervormingen, heeft het sociale budget voor de hervormingen met bijna 30% verminderd.

Er was ook een toegenomen repressie tegen arbeiders en anderen die in staking gingen. Personeel van de publieke sector wordt onderworpen aan een Wet voor de Veiligheid en Verdediging van deNatie waardoor ze eigenlijk niet mogen staken en zelfs geen protestacties houden. De politie vermoordde twee arbeidersleiders van de autofabriek van Mitsubishi, terwijl de gouverneur van deze deelstaat een aanhanger van Chavez is. Arbeiders bij Toyota ondergingen hetzelfde lot van repressie.

Ondanks het populaire hervormingsbeleid met de ‘misiones’ waarbij miljoenen mensen hulp krijgen voor gezondheidszorg, onderwijs en andere programma’s, blijven er rampzalige sociale omstandigheden in de armste wijken en zijn er daar weinig tekenen van verbetering. Dat vormt de voedingsbodem voor een dramatische toename van de criminaliteit, geweld en ontvoeringen om geld te eisen van de families van de slachtoffers. Venezuela kent nog steeds een van de hoogste aantal moorden ter wereld. De regering had het in officiële cijfers over 19.000 mensen die in 2011 zijn vermoord. Dat cijfer is nog een onderschatting.

Venezuela is een van de meest gewelddadige landen ter wereld. In een van de eerder rijke wijken in de buurt van Caracas, El Hatillo, waren er dit jaar al 70 ontvoeringen. De ervaring van onze leden is veelzeggend. Een kameraad die in een sloppenwijk woont, vertelde op een vergadering de dag voor de verkiezingen hoe zijn schoonbroer de avond voordien was neergeschoten. Een andere kameraad vertelde hoe de huisbaas van zijn appartement was neergeschoten. Anderen vertelden dat collega’s waren ontvoerd. Een andere kameraad vertelde dat hij geld had afgehaald en vijf minuten later werd overvallen door een groep jongeren op motorfietsen. De jongeren waren ingelicht door de bediende in de bank die nadien een deel van het geld kreeg. Dergelijke aanvallen maken deel uit van het leven van de armen en de middenklasse en het zorgt voor een bijna permanente ongerustheid en angst.

De huisvesting blijft een wanhopig probleem, zeker in de armste wijken. De regering heeft in de aanloop naar de verkiezingen een noodprogramma gelanceerd en beweert dat er meer dan 200.000 nieuwe huizen werden gebouwd. Velen stellen dat cijfer in vraag. Veel mensen verloren hun onderdak bij hevige regenval in 2010 en zitten nog steeds in vluchtelingenkampen. De omstandigheden in die kampen zijn verschrikkelijk, er waren bloedbaden bij geweld tussen vluchtelingen of met drugkartels die er actief zijn. Wat nu wordt gebouwd, zijn in feite nieuwe getto’s. Het gaat om kleine appartementen in grote blokken zonder faciliteiten. De appartementen komen op leegstaande grond die werd onteigend. Soms is er geen enkel vervoer voorzien, zo is er een project van huisvesting met slechts een toegangsweg waarbij je er een uur over doet om aan het eerste metrostation te geraken.

Corruptie, een gebrek aan democratische planning en controle en een gebrek aan degelijke bouwmaterialen leiden er vaak toe dat de gebouwen nog voor ze bewoond worden al in slechte staat zijn.

Deze omstandigheden vormen een potentiële voedingsbodem voor gewapende groepen van jongeren die overgaan tot gewelddadige overvallen en ontvoeringen. De rechterzijde kan daarop inspelen. Minstens leidt het tot demoralisatie en apathie tegenover de regering. Dit is al aan de gang en het bleek ook in de campagne.

Amper nog verwijzingen naar socialisme

De campagne van Chavez bij deze verkiezingen stond rechts van die in 2006. Toen kwam de campagne kort na het voorstel van Chavez om de PSUV op te zetten, de Verenigde Socialistische Partij van Venezuela die door Chavez werd omschreven als een ‘revolutionaire partij’. Chavez verwees naar Trotski, de permanente revolutie en het overgangsprogramma. Hij had het over de nood aan een ‘vijfde internationale’ van ‘linkse partijen’. Bij de verkiezingen dit jaar werd daar allemaal met geen woord over gerept. De verwijzingen naar het socialisme waren bijzonder beperkt tot in de laatste week van de campagne. De centrale slogan van Chavez was: “Chavez, het hart van het vaderland”. De campagne was uitgesproken nationalistisch met beloften om het ‘vaderland’ te ontwikkelen. Ook was er een erg gepersonaliseerde campagne en dat in beide kampen. De centrale lanen van Caracas liepen vol voor de slotmeeting van Chavez en daarbij viel het op dat alle affiches gewoon de afbeelding van Chavez droegen met de slogan ‘Vaderland’. Er was geen politieke inhoud. Op de slotmeeting waren er geen spandoeken van de PSUV of van de vakbonden. Veel aanwezigen droegen hun werkkledij en vertelden ook dat ze door hun werkgevers verplicht waren om aan de bijeenkomst deel te nemen.

Velen waren enthousiast voor Chavez omdat ze er hun hoop in vestigen en bang zijn van rechts. Maar er waren evengoed veel aanwezigen die verplicht aanwezig moesten zijn om ‘Chavez en vaderland’ te scanderen.

Dat wijst op het gebrek aan een onafhankelijk georganiseerde politieke kracht van de arbeiders en de armen, waar we in eerdere artikels ook al op wezen. Samen met de bureaucratische top-down benadering van de regering heeft dit geleid tot een verzwakking van de beweging. Wij hebben daar steeds voor gewaarschuwd. De top-down benadering bleek ook tijdens de verkiezingscampagne. Er waren twee incidenten toen Chavez op massameetings in de deelstaten sprak en een aantal aanwezigen riepen ‘Chavez ja, maar … niet’ waarbij kandidaten van de Chavista’s voor de deelstaatverkiezingen van december werden afgewezen. Chavez reageerde met de stelling dat als de opgelegde kandidaten werden verworpen, hijzelf ook maar moest verworpen worden.

Het gebrek aan democratische onafhankelijke arbeidersbeweging is een van de grootste zwaktes en gevaren. Het geeft ruimte aan de rechterzijde om vooruit te gaan. Als de arbeiders, jongeren en armen niet bouwen aan een democratisch en onafhankelijk georganiseerde kracht, zal het gevaar van de rechterzijde en de contrarevolutie toenemen. Het is niet uitgesloten dat de rechterzijde bij de regionale verkiezingen van december vooruitgang boekt, zeker daar waar de Chavista-kandidaten weinig populair zijn.

Na deze overwinning heeft Chavez in zijn toespraken jammer genoeg niets gezegd over volgende stappen in de strijd tegen het kapitalisme. Hij had het over dialoog en debat met de oppositie. “We zijn allemaal broeders van het vaderland”, verklaarde hij na de bekendmaking van het resultaat. Hij had het over de opbouw van een verenigd Venezuela. Dat werd overigens door beide kampen benadrukt in de laatste week van de campagne. De laatste dagen was er een opbod van propaganda op televisie waarbij beide kampen opriepen tot vrede, eenheid en verzoening. Zowel Chavez als Capriles riepen op tot ‘rust’ en ‘kalmte’, ze waren duidelijk bang van een polarisatie die zou leiden tot confrontaties en een sociale uitbarsting.

Gemengde economie of breuk met het kapitalisme?

Chavez groette zijn aanhangers na de bekendmaking van de resultaten en maakte twee verwijzingen naar het socialisme. Maar die verzopen in de vele slogans zoals ‘Viva Bolivar’, ‘Viva La Patria’, ‘Viva Venezuela’. In de campagne stelde Chavez dat het ‘socialisme’ van de Sovjetunie had gefaald en dat er nood was aan een nieuwe vorm van socialisme in de 21ste eeuw. Dit betekende echter niet dat het totalitaire karakter van de stalinistische regimes werd verworpen om vervolgens te pleiten voor een programma van arbeidersdemocratie. De ‘nieuwe vorm’ van socialisme bestaat voor Chavez uit een ‘gemengde economie’ waarbij kapitalisme wordt gecombineerd met staatstussenkomsten en hervormingen. De hervormingen, die wij steeds hebben gesteund, worden nu echter terug geschroefd. Deze hervormingen kunnen enkel behouden en uitgebreid worden op basis van een breuk met het kapitalisme en een democratische socialistische planning van de economie.

Capriles wacht zijn tijd af en zal nu zijn gegroeide steun consolideren. Chavez zal zijn beleid van verzoening verderzetten en samenwerken met die delen van de heersende klasse die daartoe bereid zijn. Dat zal leiden tot botsingen tussen de regering en de belangen van de arbeiders en armen. Het sociale ongenoegen zal toenemen. Er is dringend nood aan een onafhankelijke democratische socialistische arbeidersbeweging met een programma dat breekt met het kapitalisme. Zoniet zullen sociale desintegratie en de dreiging van rechts een opmars kennen.

De dieper wordende wereldwijde kapitalistische economische crisis zal een enorme impact hebben op Venezuela. Een substantiële daling van de olieprijs, het belangrijkste exportproduct en vorig jaar goed voor 60 miljard dollar inkomsten, zou het beleid van Chavez ondermijnen. Het is niet uitgesloten dat Chavez terug naar links wordt geduwd en radicalere maatregelen neemt die ingaan tegen het kapitalisme. Maar dat is verre van zeker en zou op zich geen socialistische omvorming van de samenleving inhouden. Daartoe is nood aan een echt democratisch socialistisch alternatief waartoe er nood is aan een onafhankelijke, democratische en politiek bewuste socialistische arbeidersbeweging.

 

Analyse door Tony Saunois

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie